Berichten

Green Deal 1000 hectare Nieuwe Stedelijke Natuur

Tijdens het vakevent Future Green City op 24 november jl. in ‘s-Hertogenbosch is de Green Deal ondertekend voor de realisatie van 1.000 hectare Nieuwe Stedelijke Natuur. Het doel is om minimaal 1000 hectare natuurlijk beheerd groen in of aan de rand van bebouwd gebied te realiseren. Dit draagt bij aan verduurzaming van dorp en stad en een toename van de biodiversiteit. Daarnaast biedt deze Green Deal kansen om meer kennis en ervaring op te doen over natuurvriendelijk beheer, weerstand te bieden aan klimatologische veranderingen en draagt het onder meer bij aan de gezondheid van inwoners en het versterken van de sociale cohesie.
Kansen voor samenleving en flora & fauna
In onze directe leefomgeving is veel groen te vinden. Groen is echter niet automatisch natuur. De ambitie voor deze Green Deal is om stedelijke natuur duurzamer en met meer waarde voor de biodiversiteit te maken. De gezamenlijke initiatiefnemers zien de buitenruimte als kans. Zo kun je een prachtig habitat creëren voor flora en fauna en deze gelijker tijd toegankelijk maken voor mensen midden in een woonwijk, aan de rand van de stad of op een industrieterrein.
Natuurlijk en duurzaam groen
Enkele tientallen gemeenten hebben hun interesse laten blijken voor deelname aan dit project. Er zijn inmiddels veel goede voorbeelden waaruit blijkt dat natuurlijk groen steeds hoger op de agenda komt te staan. Zo zijn er braakliggende percelen van gemeenten waar men ‘tijdelijke natuur’ aanlegt en worden gebieden voor waterberging zo vormgegeven dat er een forse meerwaarde ontstaat voor wilde planten en dieren. Strakke gazons veranderen in bloemrijk grasland. Kortom: in veel gevallen zorgt men al vanaf de eerste planningsfase dat in projecten het natuurlijk groen geen sluitpost is, maar volwaardig meetelt.
Bron: natuurindegemeente.nl

Duurzaam benutten van natuur goed voor economie

De natuur levert allerlei goederen en diensten die economische kansen bieden, zoals  water, voedsel, bouwmaterialen en recreatiegebieden.  Door de groeiende wereldbevolking en de stijgende welvaart staat dit ‘natuurlijk kapitaal’ echter onder druk. Ondernemers, maatschappelijke organisaties en overheden zoeken daarom naar wegen om ook in de toekomst te kunnen blijven profiteren van het natuurlijk kapitaal. Dit brengt innovaties op gang. Maar veel mogelijkheden blijven nog onbenut. Het is zaak om door te pakken.
Dit concludeert het PBL (Planbureau voor de Leefomgeving) in een vandaag verschenen studie ‘Natuurlijk Kapitaal: naar waarde geschat’.  De afgelopen twee jaar heeft het PBL, op verzoek van  het ministerie van Economische Zaken,  in de praktijk verkend hoe de samenleving kan blijven profiteren van wat de natuur biedt, zonder dat dit ten koste gaat van de natuurlijke rijkdommen.
Mondiaal: natuurlijk kapitaal staat onder druk
“We use nature because it’s valuable, but we lose it because it’s free.” Mede dankzij deze uitspraak van TEEB-directeur Pavan Sukhdev* neemt de laatste jaren de aandacht voor de waarde van natuur, het natuurlijk kapitaal, en een duurzame benutting daarvan, toe. Dit natuurlijk kapitaal levert allerlei diensten, zogenaamde ecosysteemdiensten, zoals water, voedsel, schone lucht, energie, recreatie. Wereldwijd gaat 60% van de diensten achteruit. Problemen doen zich vooral voor bij de natuurlijke bodemvruchtbaarheid, natuurlijke plaagbestrijding en koolstofvastlegging. Dit kan leiden tot een tekort aan voedsel en water en tot inkomensdaling.
Duurzaam ondernemen om grondstoffen veilig te stellen
In Nederland is er een groeiend besef bij ondernemers dat duurzaam omgaan met natuur pure noodzaak is om ook in de toekomst zeker te zijn van de grondstoffen die nodig zijn voor de economische ontwikkeling. Zo hebben bedrijven in de cacaoketen sterk ingezet op certificering van de productie omdat de kwaliteit en de productiehoeveelheid tekort dreigden te schieten. Daarnaast zien ondernemers kansen om geld te verdienen met duurzame producten. Soms ook spelen idealistisch doelen mee. Zo is er een groeiende markt voor duurzaam, lokaal geproduceerd voedsel, waarbij ondernemers uit idealisme genoegen nemen met lagere opbrengsten.
Nederlandse natuur- en landschapsorganisaties zoeken tegelijkertijd naar nieuwe inkomstenbronnen en verbreding van draagvlak. Veel organisaties bieden daarom recreatieactiviteiten aan. Ook gebruiken ze het snoeiafval om energie uit biomassa van te maken. De nieuwe activiteiten mogen niet ten koste gaan van de biodiversiteit. In het beste geval neemt de biodiversiteit zelfs toe doordat de milieucondities in een gebied verbeteren.
Samen in een gebied duurzaam gebruik maken van de natuur
In Nederland is de ruimte schaars; veel partijen (burgers, gemeenten, waterschappen, maatschappelijke organisaties, bedrijven) willen iets in een gebied, ieder vanuit een eigen belang. Door samen te werken kunnen deze partijen duurzamer gebruik maken van het natuurlijk kapitaal dat een gebied rijk is. Zo werken in de Eems-Dollard provincie, waterschap, de landbouw en natuurorganisaties samen om een dubbele dijkzone aan te leggen die zorgt voor waterveiligheid. Dit gaat in combinatie met aquacultuur, recreatie, natuurontwikkeling en grondstoffenwinning. Ook in steden komen dit soort samenwerkverbanden voor: bijvoorbeeld om een stad te beschermen tegen de gevolgen van klimaatverandering.
Nog een weg te gaan
Uit de PBL-verkenning blijkt dat initiatieven waarbij natuur en economie elkaar versterken, innovaties op gang brengen. Slimmer omgaan met natuurlijke kapitaal zorgt voor maatschappelijke winst (meer baten, soms minder kosten). Maar er is nog een weg te gaan. Onder bedrijven, organisaties en overheden is het veel pionieren door koplopers; het is zeker nog geen gangbare praktijk. Het ontbreekt vaak aan kennis en bestaande regelgeving kan belemmerend zijn. Veel wet- en regelgeving is namelijk gericht op wat niet mag: hoe bescherm je natuur tegen overexploitatie. Minder bekend is hoe je het natuurlijk kapitaal kan beschermen en er tegelijkertijd economisch en maatschappelijk voordeel uit kunt halen, bijvoorbeeld door het duurzaam oogsten van grondstoffen of op een duurzame wijze onttrekken van drinkwater uit een gebied. Een duurzame verbinding tussen financieel en natuurlijk kapitaal is er dus nog niet, maar het fundament is gelegd. Voor de toekomst is het zaak de gesignaleerde belemmeringen aan te pakken. Alleen dan kunnen bedrijven, natuurorganisaties en burgers de kansen die er zijn voor bescherming én benutting verder uitbouwen.
Bron: www.duurzaamnieuws.nl

Nieuw natuur, water- en recreatiegebied in Amersfoort

Amersfoort kreeg er de afgelopen twaalf jaar in 27 projecten zo’n 175 hectare extra bij aan nieuw natuur-, water- en recreatiegebied. Ook bestaande groenzones, cultuurhistorische landschappen en stadsparken zijn gerenoveerd. Bovendien is er voor ruim 60 km aan nieuwe wandel- en fietsmogelijkheden aangelegd, inclusief nieuwe recreatieve verbindingen tussen stad en omgeving. Dat is het resultaat van het uitvoeringsprogramma Groene Stad 2004-2015, dat op vrijdag 22 april feestelijk werd afgesloten in het nieuwe Groene Huis op landgoed Schothorst.
Uitvoeringsprogramma Groene Stad 2004-2015
De projecten en het uitvoeringsprogramma kregen destijds vorm wegens de ‘oprukkende stad’ en de positie van groengebieden, waterwegen en recreatie. Gemeente, provincie, waterschap, buurgemeenten en vele ‘groenpartijen’ uit de stad en omgeving hebben daarom deze diepte-investering gedaan in natuur, groen en water, zodat ook toekomstige generaties kunnen blijven genieten van een groene stad en regio.
Bron: provincie Utrecht

Samen investeren in natuur vergt experimenteerruimte

Samen investeren in natuur vergt experimenteerruimte, waarin de verschillende, vaak lokale, partijen elkaar moeten versterken vanuit eigen expertise. Dat was de conclusie van de 5 inleiders en de 50 aanwezigen op een bijeenkomst georganiseerd door LEI Wageningen UR waarin de (on)mogelijkheden van de financiering van natuur en landschap centraal stonden.
Beleidsmaker Hans Rutten van het ministerie van Economische Zaken, ondernemers Jan Duijndam van Hoeve Biesland en Erik Droogh van Leisurelands en onderzoeker Martijn van der Heide van LEI Wageningen UR verkenden vanuit hun perspectief de grenzen. Zij zijn dieper ingegaan op huidige en toekomstige ontwikkelingen in het natuurbeleid, en de (on)mogelijkheden die deze opleveren voor de financiering ervan. LEI-onderzoeker Van der Heide ging daarbij in op vier trends die samen de aanleiding en achtergrond schetsen waartegen we de zoektocht naar groene verdienmodellen moeten zien: decentralisatie, vermaatschappelijking, internationalisering en vermarkting.
Bron: Groene Ruimte

Green Deal Infranatuur vergroot kansen voor natuur

Vrijdag 1 april tekenden 20 organisaties (onder andere overheden, infrabeheerders, ingenieursbureaus en De Vlinderstichting) de Green Deal Infranatuur met als doel: vergroten van bewustwording over biodiversiteit in relatie tot de Nederlandse infrastructuur. De organisaties zetten gezamenlijk hun ervaring en kennis in om biodiversiteit in hun eigen werkgebied vanzelfsprekender te maken. Op deze manier kan de infrastructuur een grote betekenis krijgen voor een duurzamere leefomgeving waar mens en natuur beide voordeel van hebben.
Titia Wolterbeek (directeur De Vlinderstichting): “De Green Deal Infranatuur biedt de partners een uitgelezen kans om samen de natuur buiten de beschermde natuurgebieden te helpen versterken. Door gezamenlijk op te trekken kan er een InfraNatuurNetwerk ontstaan langs de (spoor)wegen, dijken, leidingen en andere lijnen door het landschap. Daar zullen o.a. de sterk bedreigde vlinders en bijen van profiteren, wat de hele natuur ten goede komt.”
Samen en individueel aan de slag
De nadruk van dit initiatief ligt op ondersteunen, stimuleren, samenwerken en leren van elkaars ervaringen, terwijl de uitvoering een verantwoordelijkheid van de eigen organisatie blijft. Via workshops en werkateliers zullen bestaande kennis en kansen voor de biodiversiteit in relatie tot de infrastructuur in beeld worden gebracht. Daarnaast heeft elke partij aangegeven welke acties zij gaan ondernemen om biodiversiteit te bevorderen. Als één van de eerste acties zal een gezamenlijk werkprogramma worden opgesteld. In deze Green Deal bestaat ook de mogelijkheid voor andere organisaties om op een later moment in het proces aan te sluiten.
Partners
De Green Deal is ondertekend door: Arcadis, ENGIE Infra & Mobility, Gasunie, Gemeente Tilburg, Grontmij, Heijmans, Ministerie van Economische Zaken, Ministerie van Infrastructuur en Milieu (Rijkswaterstaat), ProRail, Provincie Noord-Brabant, Provincie Noord-Holland, TenneT, De Vlinderstichting (initiatiefnemer van Infranatuur), Vitens en de Waterschappen Vallei en Veluwe, Aa en Maas, Rivierenland, Rijn en IJssel, het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier en Hoogheemraadschap van Rijnland.

E-nature in Tilburg op zoek naar de cultuur van de natuur

De natuur inspireert. Komende lente zal NatLab onderdeel zijn van E-nature, een evenement dat gaat over de cultuur van de natuur. Er zullen vele exposities, films en theatervoorstellingen zijn om de cultuur van de natuur te laten zien.
Aanstaande vrijdag wordt E-nature geopend door de Eindhovense cultuurwethouder Mary-Ann Schreurs. Tijdens dit officiele moment vindt ook de start van fototentoonstelling Urban Nature van straatkunstenaar Wladimir Manshanden plaats. De nieuwe tafels voor het NatLab café worden ook onthuld.
De fototentoonstelling Urban Nature van Manshanden staat in het teken van 111 bomen van de Eindhovense binnenstad. Hiermee wil hij het centrum van de stad vanuit een andere blik benaderen.
De aanleiding van de nieuwe tafel is de Cederboom die voor NatLab stond. Buurtbewoners pleitten voor terugkomst van de boom die gekapt werd voor de bouw van NatLab. Studenten van het Summa College in Eindhoven hebben het hout van de boom verwerkt in de leestafel.
Studio Maarten Kolk & Guus Kusters heeft voor het Natlab Café tien nieuwe tafels ontworpen. De tafels bevatten foto’s van bedreigde dieren om hier aandacht voor te vragen.
Bron: studio40.nl

Utrechtse kids kiezen het leukste natuuruitje

De zon straalt, de lente is in aantocht: tijd om naar buiten te gaan! Maar wat vinden kinderen in de Provincie Utrecht het leukst om buiten te doen? Lammetjes aaien, in een boom klimmen of toch je eigen groente kweken? Groen doet goed en Kidsproof gaan op zoek naar de leukste kinderactiviteiten in de natuur.
 Vanaf de start van de lente plaatst Kidsproof Utrecht een jaar lang elke maand vijf Naar Buiten-tips op www.kidsproof.nl/utrecht. Tips die je bijna overal kunt doen, of juist maar op een paar plekken in Utrecht. Zwemmen in natuurwater bijvoorbeeld, of een hut bouwen. Op de website zie je wat de beste plekken zijn. Utrechtse Groen doet goed-gemeenten – Nieuwegein, Houten, Utrecht, Zeist en Woerden – brengen dat per tip in kaart.
Gezamenlijk doel
Kidsproof en Groen doet goed hebben een gezamenlijk doel: zoveel mogelijk kinderen met hun (groot)ouders de natuur in. Jakobien van Seventer van Kidsproof Utrecht: “Wij merken dat natuuruitjes steeds populairder worden op Kidsproof. Sommige ouders zoeken er specifiek naar, anderen zien de ‘groene tips’ tussen de andere tips staan en worden daar heel enthousiast over. Het is fantastisch dat wij door de samenwerking met Groen doet goed natuurgebieden en natuuruitjes in en om Utrecht nóg meer onder de aandacht kunnen brengen.”
Deel je tip
Beide organisaties roepen kinderen op om te laten weten wat zij het leukst vinden in de natuur. Maak een foto van jouw favoriete activiteit, deel ‘m op Twitter, Facebook of Instagram en gebruik de hashtag #naarbuitentip. De populairste activiteiten worden gebundeld, mét tips van Utrechtse kids.
Over Groen doet goed
Groen doet goed is een samenwerkingsverband tussen Utrechtse gemeenten, IVN en alle terreinbeherende organisaties in Utrecht, en wordt mogelijk gemaakt door de Provincie Utrecht. Samen zorgen zij ervoor dat kinderen tussen 4 en 12 in de grote steden de natuur binnen en buiten de stad vaker gaan beleven.
Bron: nieuwsbode-heuvelrug.nl

Subsidie voor natuurvriendelijke slootkant

Om de aanleg van natuurvriendelijke oevers en vispaaiplaatsen te stimuleren, heeft hoogheemraadschap van Rijnland een subsidieregeling vastgesteld voor het vergraven van een bestaande steile oever tot een flauw talud. Gezamenlijk een aanvraag indienen is daarbij ook mogelijk. Aanvragen die aan de voorwaarden voldoen, kunnen dit jaar tot 1 mei ingediend worden.
De aanvraag moet voldoen aan bepaalde voorwaarden voor het ontwerp van de natuurvriendelijke oever en het onderhoud. Een aantal projecten is van subsidie uitgesloten, zoals aanleg in het kader van een ruimtelijk ontwikkelingsplan en projecten waarbij al andere afspraken met het hoogheemraadschap over zijn gemaakt.
Voor particulieren bedraagt de subsidie voor bestaande oevers 100% van het normbedrag van 65 euro per meter. Voor natuur beherende organisaties is dit 75% en voor overheden 50% van het normbedrag. De maximumbijdrage per project bedraagt 30.000 euro.
Bron: groeneruimte.nl

Branchevereniging VHG en NL Greenlabel tekenen Green Deal stedelijke natuur

Op dinsdag 24 november, tijdens het vakevent Future Green City in ‘s-Hertogenbosch, is de Green Deal ondertekend voor de realisatie van 1.000 hectare nieuwe stedelijke natuur. Branchevereniging VHG en NL Greenlabel zetten hiervoor hun handtekening, samen met vertegenwoordigers van het ministerie van Economische Zaken, het ministerie van Infrastructuur en Milieu, de Vereniging Nederlandse Gemeenten, de Vlinderstichting en Bureau Regelink Ecologie en Landschap.
De samenwerkende partners in deze Green Deal stellen zich tot doel minimaal 1.000  natuurvriendelijk beheerde hectares te ontwikkelen in stad en dorp. Dat is goed voor de biodiversiteit en het leefklimaat in de stad. Bovendien biedt het kansen om meer kennis en ervaring op te doen met chemievrij onkruidbeheer, duurzaam inkopen en burgerparticipatie.
Groen dicht bij huis
De heer Roel Feringa, ondertekende de Green Deal namens het ministerie van Economische Zaken en merkte daarbij op dat dit de dertigste overeenkomst is op het gebied van natuur. “Het is goed dat deze deals vanuit de maatschappij ontstaan. Het is zó belangrijk dat we natuur in en om de verstedelijkte omgeving vormgeven. Voor veel mensen begint het besef van natuur immers dicht bij huis. De hovenier kan de mensen laten zien dat het kan, dat groen mooi is om van te genieten.”
Burgerparticipatie
Voor VHG-directeur Egbert Roozen onderstreept de Green Deal de waarde van groen en natuur in de stad. De branchevereniging zal het concept van De Levende Tuin inbrengen als basis voor verduurzaming. Ook biedt het project kansen om een visie op te stellen op burgerparticipatie bij de aanleg en het onderhoud van stedelijke natuur. Al eerder opperde VHG dat dit in de vorm van een groencoöperatie zou kunnen, waarin burgers, bedrijven en overheden samenwerken. “De kennis die we hiermee opdoen, zullen we aan onze achterban communiceren. Zo brengen we het vakmanschap van de groenprofessional naar een nog hoger plan”, aldus Roozen.
Natuurlijk en duurzaam groen
Enkele tientallen gemeenten hebben al hun interesse laten blijken voor deelname aan dit project. Nico Wissing van NL Greenlabel ziet volop kansen om in wijken en buurten duurzame en verantwoorde stedelijke natuur te brengen. “Met de juiste materialen en planten kun je een groene omgeving creëren die aantrekkelijk is voor jong en oud en die bijvoorbeeld ook zorgt voor verkoeling en waterberging.” Lodewijk Hoekstra o.a. bekend van Eigen Huis & Tuin, maar ook medefounder van NL Greenlabel, vult aan “het gaat erom dat we als mens de balans gaan vinden met de natuur en deze Green Deal levert daar een belangrijke bijdrage aan.”
 
Bron: VHG

Meta-studie wijst uit: groen helpt echt!

Hoewel we uit allerlei onderzoek tientallen, zo niet honderden aanwijzingen kunnen putten dat een groene omgeving prettig en gezond is voor een mens, bestond er nog steeds behoefte aan een overkoepelend, geïntegreerd onderzoek, dat al deze deel research als het ware op een rij zet. Dr Magdelena van den Berg, van het VU Medisch Centrum in Amsterdam, promoveerde onlangs op een meta-onderzoek, waarvoor zij veertig studies naar het verband tussen gezondheid van bewoners en groen in de omgeving naast elkaar legde. Haar stelling: misschien zeggen al die studies niet veel, zo los van elkaar, maar samen geven zij duidelijk aan dat er een positief verband bestaat: groen helpt.
Dr Van den Berg vond 19 studies die wijzen op een samenhang tussen meer groen en tot minder nervositeit en somberheid bij de bewoners van een wijk. In het algemeen stelt zij vast dat vooral mensen in de lagere sociale klassen profijt hebben van groen in hun woonomgeving, omdat zij minder mogelijkheden hebben voor gezonde ontspanning zoals sport en recreatie in de natuur.