Berichten

‘ZinTuin’ prikkelt de zintuigen

Bij verpleeghuis Van Wijckerslooth in Oegstgeest is een besloten binnentuin ontworpen en aangelegd voor de psychogeriatrische afdeling. Bewoners met dementie kunnen er op een veilige en ontspannen manier in contact komen met de natuur. Bijzonder is de samenwerking met de naastgelegen basisschool.
De tuin is tot stand gekomen in opdracht van WWZ-Mariënstaete-Valent (WMV) en op initiatief van betrokken medewerkers en vrijwilligers van de zorginstelling. In het ontwerp van de ‘ZinTuin’ staat het prikkelen van de zintuigen centraal, wat een positief therapeutisch effect heeft op de bewoners van het centrum. Het ruiken wordt geprikkeld door geurende kruiden en planten op te nemen, zoals anijs, munt en lavendel. Ook het proeven wordt gestimuleerd: mensen kunnen plukken van de appels en bessen die er groeien. Heel belangrijk is natuurlijk ook het zien. Daarom is gekozen voor kleurige bloemen en planten, waarbij de seizoenen goed herkenbaar zijn. Bollen met gekleurde bloemen in de lente, fraaie bruin- en geeltinten in de winter.
Ook het gehoor wordt aangesproken. De struiken met bessen trekken vogels aan en er is een kleine volière met parkieten en kippen. Daarnaast is er een licht klaterend waterelement, dat voor een zekere dynamiek zorgt. Bij dit alles zijn de paden goed gemarkeerd. Ieder pad leidt terug naar het beginpunt, dus verdwalen is onmogelijk.
Bijzonder is de samenwerking met de Jenaplanschool naast Van Wijckerslooth. De pedagogische tuin van de school is met ‘stepping stones’ verbonden met de zorgtuin, zodat contacten makkelijk tot stand komen. Af en toe komen kinderen van de basisschool voor praktijklessen naar de tuin van Van Wijckerslooth, tot groot genoegen van de bewoners van het centrum.
 
Bron: Hoek Hoveniers

Woudlopersmedailles voor jonge natuurbeschermers

De twintig beste natuurbeschermers in de leeftijd van 4 tot 12 jaar uit Zuid-Holland hebben woensdag 23 september 2015 van staatssecretaris Dijksma van Economische Zaken een Woudlopersmedaille uitgereikt gekregen. Zo hebben zij bijvoorbeeld zwerfvuil opgehaald of natuurtochten door de stad georganiseerd. Tijdens de bijeenkomst bij Scoutinggroep de Vliegende Hollander ontving de staatssecretaris ook het eerste exemplaar van de speciale uitgave van Donald Duck over natuur. Het weekblad wordt over de betrokken scholen in Zuid-Holland verspreid.
Jong geleerd, oud gedaan
Dijksma: ‘Dit is een goed voorbeeld hoe kinderen op jonge leeftijd enthousiast worden gemaakt voor de natuur. Natuur is niet alleen van deze generatie. De uitdrukking luidt niet voor niets; jong geleerd, oud gedaan.’
Jeugd in aanraking met natuur
De provincie Zuid-Holland is de opdrachtgever van het programma ‘Groen doet Goed’. Dit is een samenwerkingsverband tussen tien Zuid-Hollandse gemeenten en natuurorganisaties in de provincie. Samen zorgen zij ervoor dat kinderen tussen 4 en 12 jaar in de grote steden zowel binnen als buiten de stad vaker in aanraking komen met de natuur.
 
Bron: Ministerie van Economische Zaken

Kijken naar natuurfoto’s geeft rust

Dat ‘groen in de stad’ bijdraagt aan een gezonde leefomgeving, dat wisten we al. De effecten van gezonde lucht, het rustgevende karakter van een park, een plantsoen of desnoods een enkele boom in een drukke stedelijke omgeving, zijn bekend. Maar ook de aanblik van ‘groen’, in de vorm van een foto aan de muur of de vertoning van een natuurfilm in de wachtkamer van de arts of psycholoog, kan heilzame effecten hebben.
‘Beter door beeld’, een organisatie ten behoeve van (bijvoorbeeld) wachtkamers van artsen ‘natuurlijke’ beeldinstallaties levert, brengt in de praktijk, dat beelden van de natuur dezelfde positieve uitwerking hebben op stemming en emoties als echt in de natuur zijn. Hoe dat kan? Het blijkt dat onze hersenen patronen opmerken die in de natuur voorkomen zonder dat je er moeite voor hoeft te doen. Hierdoor werkt het kijken naar natuur kalmerend. Dat effect treedt al op na enkele minuten kijken naar natuurbeelden.
Meer informatie?

Mark Mieras op NPO Radio 1: 'Beetje natuur, grote invloed'

Op donderdag 11 juni was wetenschapsjournalist Mark Mieras op NPO 1 te horen. Hij vertelde over de invloed van natuur en platteland op de ontwikkeling van kinderen uit de stad. 
Een experiment: probeer eens een rekensom te maken terwijl je wandelt. 438 min 142 bijvoorbeeld. Om die berekening te maken, blijf je vanzelf stil staan. Om te rekenen zijn andere hersenkwaliteiten nodig dan om te wandelen, alleen met veel moeite kun je beide tegelijk doen.

Dit voorbeeld gebruikt de Nobelprijswinnaar Daniel Kahnemann om duidelijk te maken dat er twee hersensystemen zijn, elk met eigen kwaliteiten.

  • De warme kant regelt dat ons lichaam kan wandelen, zorgt voor onze sociale interacties en dat we op de rem trappen, nog voordat we beseffen dat er gevaar is op de weg.
  • De koele kant komt in actie als we na moeten denken, als we ons beheersen of zorgvuldig dingen uit willen zoeken. De koele kant is ook waar onze creativiteit tot inzet komt. Die koele moet getraind worden en heeft de juiste omstandigheden nodig om te ontwikkelen.

Kinderen in de natuur geven hun warme, impulsieve hersensysteem rust, en bieden daarmee ruimte aan de koele kant. Helaas komen veel kinderen bijna nooit de stad uit. Ouders weten niet waar ze naartoe kunnen, wat daar te doen is en wanneer. De stad is een stenen vesting voor hen. Ze leven niet alleen met luchtvervuiling en hittestress, hun hersenen worden ook constant eenzijdig overprikkeld.

  • Kinderen in de stad hebben steeds vaker last van ADHD, diabetes, angsten en depressies.
  • Kinderen spelen 50% minder buiten dan 20 jaar geleden en hun speelruimte is met 90% geslonken.

‘Met een beetje natuur kan dit geneutraliseerd worden’, vertelde Mieras op NPO1. Mark Mieras was te horen op NPO 1 tussen 6 en 9 uur en daarna in het NOS Journaal.

IVN Factsheet ‘Beetje natuur, grote invloed’

Den Haag in de ban van de natuur

Op 23, 24 en 25 mei viert Den Haag voor de tweede maal het Fete de la Nature! Er zijn zo’n 50 activiteiten door heel de stad om te genieten van de natuur. Dit jaar is de tweede editie van Fête de la Nature, een internationaal festival. Op 23, 24 en 25 mei vieren we de natuur in heel Nederland. Fête de la Nature is een festival waarbij iedereen organisator en bezoeker is. Vorig jaar bezochten ruim 43.000 mensen de 291 Nederlandse evenementen tijdens de eerste editie van Fête de la Nature! Officieuze ‘hoofdstad’ was Den Haag met ruim 55 activiteiten en duizenden bezoekers.
Van een speurtocht naar kleine beestjes op de stoep, muziek in de tuin tot samen picknicken of natuurgedichten maken. Het Fete de la Nature biedt iedereen kans om op zijn eigen manier van de natuur te genieten.
De activiteiten zijn gratis te bezoeken en georganiseerd door onze medebewoners. Er is van alles te doen en te beleven. In Den Haag zijn een aantal ‘hotspots’ voor het Fete de la Nature, daar worden activiteitenprogramma’s georganiseerd.  Kijk voor meer informatie op www.fetedelanature.nl

Informatie over 'vitamine G' gebundeld

In het Wageningen UR-dossier Effect van natuur op gezondheid, is veel informatie over ‘vitamine G’, ofwel ‘vitamine groen’, gebundeld. Denk aan rapporten, adviezen en essays van genoemd instituut.
Naast rapporten en publicaties van Wageningen UR (WUR), staan in het dossier Effect van natuur op gezondheid vele links naar externe publicaties.

Besparen op zorgkosten

Naast de vele uitgaves van WUR, bestaat nog een grote hoeveelheid rapporten en andere publicaties van andere organisaties. Denk aan de PowerPoint-presentatie van het VU Medisch Centrum: Vitamine G – Het belang van natuur voor de gezondheid van kinderen. Hierin staan berekeningen opgenomen van KPMG: met groen zouden forse besparingen op zorg- en arbeidskosten te realiseren zijn. Uit een enquête in opdracht van De Friesland zorgverzekeraar blijkt bovendien dat de meeste Nederlanders denken dat meer natuur in en rond woonwijken zou kunnen leiden tot besparingen op zorgkosten en kosten voor arbeidsverzuim (zie Buiten is gezond).

Vervreemding

In deze, maar ook vele andere, publicaties wordt ook ingegaan op de relatie tussen mens en natuur. In de scriptie ”Het bewaarde land’: ‘het beloofde land’ voor ieder kind?’ wordt, bij monde van deskundigen en maatschappelijke organisaties, een toename geconstateerd van ‘vervreemding’ van jongeren tot natuur. In een ander rapport is, enigszins aansluitend op deze ontwikkeling, te lezen: ‘Vrijwel elke kinderrijke nieuwbouwwijk kent een overvloed aan parkeerplaatsen en een tekort aan speelplaatsen. En toch parkeren kinderen niet. Waarom wordt het parkeren niet per gebied geclusterd, zodat er ruimte ontstaat voor kinderen?’ (zie Kinderen parkeren niet – Kansen voor Groen en Gezondheid).

Ongezonde gewoonten

Het zijn vooral kinderen (en mensen in meer kwetsbare groepen) stelt IVN in de factsheet Waarom wij natuur nodig hebben waarvan de gezondheid onder druk komt te staan. De organisatie wijst steeds ongezondere leefgewoonten aan als oorzaak. Zo zitten kinderen ‘liever uren per dag binnen achter de spelcomputer of voor de televisie dan dat zij buiten spelen’. In de factsheet worden enkele van deze gewoonten –evenals goede gewoonten en veel voorkomende aandoeningen- uitgedrukt in cijfers. In de sheet worden ook vele voorname bevindingen uit divers onderzoek aangehaald die iets zeggen over de relatie natuur en gezondheid.
Wat die relatie precies is, zo staat in de bundel Natuur & Gezondheid, ‘daar breken wetenschappers zich het hoofd over. […] Maar dat er een positieve relatie is tussen natuur en gezondheid staat buiten kijf’. In genoemde uitgave zijn voorbeelden opgenomen ‘variërend van intensive care tot geestelijke gezondheidszorg, van kamerplant tot bos, van ruiken en kijken naar natuur tot de handen uit de mouwen in land- en tuinbouw’.
 
Bron: Groen Kennisnet

Vogelbescherming gaat voor Groen Bouwen

De Groene Stad in gesprek met Merel Roks, vrijwilliger van Vogelbescherming
Niet alleen mensen hebben baat bij een groene omgeving. Ook dieren gedijen beter in het groen dan in een volgebouwde, grijze omgeving. Maar, omdat er toch gebouwd moet worden, kan dat maar het beste op een groene manier gebeuren. Dat vindt ook Vogelbescherming Nederland. De Nederlandse vogels hebben immers enorm baat bij plekken waar ze voedsel vinden, kunnen schuilen en waar zij veilig kunnen nestelen. De Vogelbescherming heeft daarom onlangs een digitale Checklist Groen Bouwen uitgegeven, waarmee bedrijven, organisaties maar ook particulieren kunnen checken hoe vogelvriendelijk hun bouwplannen zijn. Trekker van dit digitaliseringsproject was Merel Roks, als vrijwilliger verbonden aan de Vogelbescherming.
Merel Roks is ‘kantoorvrijwilliger’. Dat houdt in dat zij, vrijwillig en naast haar werk als redacteur bij een ICT bedrijf, één dag per week werkt op de afdelingen Communicatie en Marketing van de Vogelbescherming. Roks: ‘Toen ik een aantal jaar geleden bij Vogelbescherming Nederland kwam stage lopen en er vervolgens een periode ter ziektevervanging bleef werken, vielen de puzzelstukjes op zijn plek. Hier kon ik handen en voeten geven aan mijn ambities voor vogels en de natuur. Tot op de dag van vandaag doe ik dit werk, nu als vrijwilliger, met veel plezier.’
Beschutting en nestgelegenheid
Niet alleen bij nieuwe bouwprojecten en stadsontwikkeling is het belangrijk ruimte te bewaren voor vogels en natuur, maar ook juist bij renovatieprojecten komt de natuur vaak in het geding. Roks: ‘Vogels zien onze huizen als rotsen en nestelen onder dakpannen en in kiertjes. Wanneer we die, in onze ogen ‘slordigheidjes’ glad willen strijken, verliezen zij een belangrijke levensvoorwaarde: beschutting en nestgelegenheid. Ik vind het heel leuk om te zien dat we door inventief te zijn, en in samenwerking met bedrijven uit de bouwsector, oplossingen kunnen bieden die vogels aan nestgelegenheid helpen (zoals bijvoorbeeld Monier met de Vogelvide voor huismussen). Daarbij helpen we mensen aan het plezier van een goede woning en – indirect – het gefluit van vogels in de ochtend!’
De Checklist Groen Bouwen
De Checklist Groen Bouwen is een digitale vragenlijst bestaande uit eenvoudige ja/nee- vragen. Bij aanvang kies je op welk(e) ‘element(en)’ je project van toepassing is: daken, muren, water of groen. Daarna start de vragenlijst, die zich flexibel aanpast op basis van de antwoorden die iemand geeft. Met je eigen ontwerp-, bouw- of renovatieproject in gedachten, beantwoordt je de vragen die op jouw situatie van toepassing zijn. Aan het eind van de vragenlijst stelt de website een advies op maat samen, met links naar bronnen die bij de uitvoering van je project kunnen helpen, algemene informatie over de vogelsoort die je ruimte biedt, en belangrijke aandachtspunten op het gebied van wetgeving.
Roks vertelt: ‘Voordat we aan de ontwikkeling van de digitale Checklist begonnen, bestond er al een papieren variant. Deze was in 2009 ontwikkeld door Jip Louwe Kooijmans, in samenwerking met BAM utiliteitsbouw regio Utrecht. De wens om deze checklist ook digitaal beschikbaar te maken bestond al langer, omdat hij dan veel toegankelijker zou zijn en voortdurend op de ontwikkelingen in de branche (bouwwereld en natuurbescherming) aangepast kon worden. Ons streven is overigens om de lijst in de loop van de tijd verder te ontwikkelen en ook andere soortgroepen dan vogels op te nemen. Nu al maken we een uitstapje naar de vleermuizen.’
Doelgroepen

De Checklist is gericht op gebruik door bedrijven en organisaties die actief zijn binnen de bouwsector of bijvoorbeeld grond en gebouwen beheren. Denk daarbij aan bouwondernemers en architecten, maar ook aan gemeenten en woningbouwverenigingen. De website is echter ook goed te gebruiken voor particulieren die graag iets willen doen om hun huis en directe woonomgeving aantrekkelijker te maken voor vogels.
Roks vindt het leuk om te zien dat mensen positief verrast zijn wanneer ze ontdekken dat Vogelbescherming Nederland dit soort hulpmiddelen voor de bouw aanbiedt. ‘Ik heb een keer voor Vogelbescherming op de BouwRAI gestaan. Men verwachtte ons daar niet en de meest gehoorde vraag was dan ook: “Wat doen jullie hier?” Als ik vervolgens mijn verhaal vertelde, was bijna iedereen oprecht enthousiast.’ Dat bewijst echter ook gelijk de noodzaak van het werk van Vogelbescherming: inventariseren of beschermde (vogel)soorten in het geding zijn bij een bouw- of renovatieproject is in Nederland namelijk verplicht. Roks: ‘De mogelijkheden om een oplossing voor deze soorten te bieden – zoals vervangende nestgelegenheid als deze verloren gaat bij de werkzaamheden -, zijn bij een deel van de doelgroep niet of nauwelijks bekend.
Investeer daarom in natuur!
Met de Checklist beoogt de Vogelbescherming meer aandacht te creëren voor het belang van vogels en natuur in onze leefomgeving. De aanwezigheid van vogels is namelijk een goede indicator voor een gezonde leefomgeving. Mensen in een stad met meer natuur zijn gezonder, gelukkiger, gaan met meer plezier naar hun werk en vastgoed is er meer waard. ‘Investeer daarom in groen, ook als je het niet alleen voor de vogels wilt doen!’ is wat ik iedereen het liefst zou willen meegeven.
Idealiter zou Vogelbescherming zien dat iedereen die werkzaamheden aan gebouwen gaat uitvoeren, of met gebiedsontwikkeling en bouwprojecten bezig is, vooraf checkt welke toevoegingen er voor vogels gemaakt kunnen worden. Zodat bij wijze van spreken de gierzwaluwstenen nog ingetekend kunnen worden in de ontwerpen van de architect. Roks: ‘Het mooist zou natuurlijk zijn dat het een automatisme gaat worden om de checklist er bij te halen. Dan is ons werk geslaagd!’
 
Meer informatie over vogelvriendelijk bouwen? De Vogelbescherming staat volgende week tijdens de Week van de Bouw (9 t/m 13 februari) op de Bouwbeurs in Utrecht.
 
Foto: Vogelbescherming

Burn-out overwinnen met hulp van de natuur

Dat er een nauw verband bestaat tussen natuur en gezondheid is al heel lang bekend. In het Vitaliteitscentrum Vitura, in het Brabantse Biezen-Mortel, wordt de relatie tussen nastuurbeleving en psychisch welbevinden op een innovatieve en naar het zich laat aanzien kansrijke manier in de praktijk gebracht. Initiatiefnemer Bert van Helvoirt, van Van Helvoirt Groenprojecten kreeg het idee voor Vitura in Zweden, waar al elf vestigingen van een vitaliteitscentrum, voor ‘nature assisted health therapy’, zijn opgezet.
De ervaringen met de door de Zweedse Landbouwuniversiteit in Alnarp ontwikkelde behandelingen zijn dermate positief, dat ook Vitura goede hoop heeft op financiering van de therapie via het innovatieprogramma van Zorgverzekeraars Nederland. Vooralsnog worden in het Vitaliteitscentrum, in een groene omgeving met bos, park, natuur en water, mensen met een burn-out alleen nog behandeld op eigen kosten, dat wil zeggen betaald door hun werkgever.
De denktank UPP (Unconventional Ideas for People, Planet, Profit) waarin Van Helvoirt samenwerkt met drie andere groene ondernemers, heeft het initiatief genomen voor de oprichting van de Nature Assisted Health Foundation. Deze stichting stimuleert en initieert onderzoek naar de relatie tussen gezondheidszorg en natuur. Voor het onderzoek naar het Vitura Vitaliteitscentrum werkt de Nature Assisted Health Foundation samen met de Zweedse Landbouwuniversiteit in Alnarp en onderzoekers van de universiteit Tilburg.
 
Dit stuk is gebaseerd op een artikel van Wendy Bakker over Vitura in het blad Tuin en Landschap (nr. 3 van 2015) en op de website www.vitura.nl.

Zorg werkt ‘Beterinhetgroen’

Begin december hebben twee ministeries en een twaalftal partijen en organisaties op het gebied van ‘groen’ en ‘zorg’ een convenant getekend, gericht op betere benutting van de positieve effecten van de groene leefomgeving. Het initiatief voor deze ‘Green Deal’, onder de titel beterinhetgroen.nl, kwam van MediQuest, kenniscentrum op het gebied van gezondheidszorg. De Green Deal is ondertekend op een congres voor o.a. huisartsen, wijkverpleegkundigen en sociale wijkteams over zorg en ondersteuning in de buurt.
De positieve effecten van natuur op de gezondheid, zijn onbetwistbaar, maar de initiatiefnemers van ‘beterinhetgroen’ stellen vast dat veel mensen relevant aanbod bij hen in de buurt nog niet te vinden. Beterinhetgroen.nl stelt zich ten doel initiatieven op het snijvlak van groen en gezondheid beter vindbaar te maken voor professionals in de zorg, maar ook voor burgers en patiënten. Men verwacht dat in maart 2015 de website beterinhetgroen.nl volledig operationeel zal kunnen zijn.
De partijen die zich achter beterinhetgroen hebben geschaard zijn: Staatsbosbeheer, LandschappenNL, De Hart&Vaatgroep, Diabetesvereniging Nederland, Algemene Nederlandse Bond voor Ouderen (ANBO), Nederlands Instituut voor Sport en Bewegen (NISB), Progez, Beroepsvereniging Groene Zorg (BVGZ), De Friesland Zorgverzekeraar, Landal GreenParks, de Rijksoverheid (Ministerie van Economische Zaken en Ministerie van Infrastructuur en Milieu) en MediQuest.
 
Lees hier meer over Beterinhetgroen.

Welke invloed heeft straatgroen in de stad?

NHTV internationaal hoger onderwijs Breda gaat onderzoek doen naar de effecten van straatgroen op de kwaliteit van leven van de inwoners van de vier grote Brabantse steden: Eindhoven, Tilburg, Breda en ‘s Hertogenbosch. Het heeft als doel te achterhalen welke vorm en combinatie van straatgroen het meest positieve effect heeft op het welzijn van de stedeling. Het onderzoek gebeurt in samenwerking met de 4 gemeenten, de Technische Universiteit Eindhoven en de Rijksuniversiteit Groningen.
Gezonde kracht van de natuur
Er is al veel onderzoek verricht naar de gezonde kracht van de natuur. Voornamelijk grote stukken natuur, zoals bossen en parken. Een groene omgeving helpt mensen ontspannen. Het zorgt voor verkoeling, mensen voelen zich er gezonder door én zijn dat ook. Als grote stukken natuur een positief effect hebben op de mens, wat is dan de invloed van kleine stukjes natuur in de stad? Zoals bomen, gras, bloemen of een klimop op de muren in de straat waar men dagelijks doorheen rijdt. Deze vraag was de aanleiding voor ir. Robert van Dongen (hogeschooldocent Stedenbouw en Ruimtelijke Ordening) van NHTV Breda om zijn promotieonderzoek op dit onderwerp toe te spitsen. Van Dongen voert zijn door NWO (Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek) gefinancierd promotieonderzoek uit aan de Technische Universiteit Eindhoven in samenwerking met de Rijksuniversiteit Groningen.
Onderzoek onder inwoners
De komende weken wordt het onderzoek uitgerold in en in samenwerking met de vier Brabantse grote steden. Door het samenwerken met de gemeenten wordt een grote groep inwoners bereikt en door een hoge respons kunnen er betere conclusies getrokken worden, specifiek per gemeente. De gemeenten verspreiden een vragenlijst onder een deel van hun inwoners (via het burgerpanel of digipanel). De enquête bestaat onder andere uit beeldmateriaal met diverse groene inrichtingen. De inwoners mogen reageren op het beeldmateriaal. Deze reacties zullen met behulp van specifieke onderzoeksmethoden vertaald worden naar voorkeuren en rustgevende effecten.
Resultaten
De resultaten zullen in 2015 beschikbaar komen. De resultaten zullen zowel worden gebruikt om de wetenschappelijke kennis over beleving van straatgroen te vergroten, als hun nut hebben voor de gemeenten met het oog op zo goed mogelijk aanleggen, onderhouden of verbeteren van het groen in de straat. Hierdoor kan het woonplezier en de gezondheid in de steden verhoogd worden.
 
Bron: NHTV