Berichten

Zoals Amsterdam veel huizen telt, telt het evenzoveel daken. Die daken zijn nu vaak nog leeg, saai en grijs, maar worden steeds groener en duurzamer gebruikt. Als het aan de gemeente ligt worden meer en meer daken omgetoverd tot bloeiende daktuinen. Er waait een frisse, groene wind op de Amsterdamse daken. Iedereen, dakeigenaar of niet, kan hieraan een steentje bijdragen. Ook u kunt dakboswachter worden!
In de Agenda Groen, waarin de uitdagingen staan beschreven om met groen de stad aantrekkelijker te maken om in te wonen, te werken en te verblijven, staat de ambitie om 50.000 m² groen dak aan de stad toe te voegen. Zo kunnen Amsterdammers bijvoorbeeld een eigen moestuintu, een parkje of een vlindertuin opzetten op het eigen dak.
Subsidie voor groene daken en gevels
Om deze doelstelling te kunnen behalen, stelt de gemeente Amsterdam een subsidie beschikbaar voor het aanleggen van groene daken en groene gevels. De subsidie is aan te vragen door eigenaren, huurders, bewoners en bedrijven voor bestaande gebouwen die ouder zijn dan vijf jaar. Een groen dak moet een oppervlak van minstens 30 m² hebben en de wateropslagcapaciteit van het groene dak moet tenminste 20 liter per m² zijn. Een groene gevel moet een oppervlak van 30 m² of meer hebben en goed zichtbaar zijn vanaf de openbare ruimte.
Rooftop Revolution
Ook als u geen eigen dak hebt, maar bijvoorbeeld wel op een dak uitkijkt, kunt u uw steentje bijdragen door een groen dak, daktuin of dakmoestuin te ‘adopteren’. Via Rooftop Revolution, een online crowdfunding platform dat ondersteund wordt door de gemeente Amsterdam, kunnen bewoners een dakproject aanmaken en dakboswachter worden. Dakboswachters kunnen bijvoorbeeld bewoners, ondernemers, woningbouwcorporaties en Verenigingen van Eigenaren (VvE’s) zijn die zich inzetten om groene initiatieven op de daken aan te leggen en deze te onderhouden.
Voordelen groene daken
Naast dat groene daken natuurlijk zorgen voor een prachtig uitzicht en voor een prettigere leefomgeving, levert een groen dak ook nog andere voordelen op. Zo blijven gebouwen in de zomermaanden koeler, worden hevige regenbuien beter opgevangen, krijg je meer bloemen, vogels en insecten in de stad en gaat het dak ook nog eens langer mee. Een goede ontwikkeling voor de Amsterdammers én de Amsterdamse natuur.
Word dakboswachter!
Wilt u ook een groen dak in uw buurt? Bekijk op www.amsterdam.nl/groenedaken de mogelijkheden om subsidie aan te vragen voor uw eigen dak of kom in actie en maak een dakproject aan via www.rooftoprevolution.nl en word dakboswachter. Een dakproject steunen kan natuurlijk ook. Haal uw hark, schoffel en werkhandschoenen uit de kast en help Amsterdam groen te worden!
Bron: Gemeente Amsterdam

Tot 21 mei vindt in Amsterdam het ‘Springsnow’ festival plaats. Om te vieren dat de iepen hun bloesem loslaten en de stad verfrissen met een magische lentesneeuw, is een speciale iepenroute uitgestippeld die langs de mooiste iepen van de stad loopt.
Dat Amsterdam een groene stad is, dat weten de meeste inwoners wel. Maar wie wist dat de stad maar liefst één boom per twee inwoners telt? Wat echter nog uitzonderlijker is, is het aantal iepen in onze stad; de 75.000 loofbomen maken Amsterdam tot iepenhoofdstad van de wereld. Iets om trots op te zijn!
Wanneer de meeste andere bomen nog niet doorhebben dat de zon weer begint te schijnen, ontwaakt de iep al vroeg uit haar winterslaap. Zonder dat we het doorhebben, valt er opeens een groene gloed over Amsterdam. De iep opent rustig haar bloemknoppen en begint vervolgens vruchtjes te vormen.
Wanneer deze vruchtjes na een tijdje beginnen uit te groeien, gebeurt er iets magisch. Als in een sprookje laten de iepenvruchtjes los en komen als een frisse lentesneeuw naar beneden gedwarreld. Pleinen, straten en parken worden bedekt onder een dik pak iepenbloesem.
Dit natuurverschijnsel wordt gevierd in Amsterdam. Tot 21 mei vindt in Amsterdam het ‘Springsnow’ festival plaats, waarbij de iep centraal staat. Er is een speciale iepenroute van acht kilometer uitgestippeld waarin de mooiste iepen van de stad in de spotlight worden gezet: van het iepenarboretum in Amsterdam-Noord (vlakbij het EYE Filmmuseum) naar de Hortus Botanicus.
Bron: Gemeente Amsterdam

Zelfbeheer van het groene talud stelt buurt- en woonbootbewoners voor een flinke organisatorische uitdaging, dat is de conclusie van het onderzoek naar de mogelijkheden voor zelfbeheer langs de Nieuwe Vaart in Amsterdam. Acht studenten zochten in een periode van twee jaar antwoorden op de vragen rond zelfbeheer in een project van de Wetenschapswinkel van Wageningen UR.
 De vereniging Nieuwe Vaart nam het initiatief voor dit onderzoek vanuit frustratie over de gemeentelijke plannen voor het realiseren van een Eilandenboulevard. De gemeente heeft goed geluisterd naar het protest van de (woonboot)bewoners en heeft aangegeven dat het groene talud en het zelfbeheer behouden worden bij de herinrichting van het Kattenburgerplein, de Kattenburgergracht, de Oostenburgergracht en de Wittenburgergracht.
Groene kades met woonboten
Hoe kan zelfbeheer van het talud als ‘onderdeel’ van de openbare ruimte langs de Nieuwe Vaart in Amsterdam, een succes worden? Wat is de bijdrage aan de beleving van de stad? Wat vraagt dat van gemeente en woonbootbewoners? En wat biedt het verleden van zelfbeheer aan inzichten? De verschillende studentenonderzoeken laten zien dat groene kades met aanliggende woonboten schaars zijn in Amsterdam. Ook worden ze in hun huidige staat door bewoners en voorbijgangers gewaardeerd. Het advies van de studenten is het zelfbeheer op straatniveau te organiseren.
Openbare ruimte
Informeren, communiceren, vormgeving en materiaalkeuze blijken van doorslaggevende invloed te zijn op het beleven van een plek als onderdeel van de openbare ruimte. Verder blijkt dat het idee van een ecologische invulling van het talud kan bijdragen van het behoud van het draagvlak voor een talud in eigen beheer en gebruik bij de woonbootbewoners.
Zelfbeheer van openbare ruimte
Zelfbeheer op straatniveau (800 meter kade) stelt de zelfbeheerders voor een flinke organisatorische uitdaging. Een oplossing als een wallekantovereenkomst, geopperd in een oriënterend gesprek met Stadsdeel West, ligt dan meer voor de hand. Echter zelfbeheer op individuele basis gaat voorbij aan de belofte van collectief zelfbeheer voor het vergroten van het zelf organiserende vermogen van buurten. Bij individuele zelfbeheercontracten als een wallekantovereenkomst wordt dat geheel afhankelijk van het informele circuit tussen actieve bewoners. Zelfbeheer in georganiseerd verband is misschien geen speerpunt in de discussie over de herprofilering het kan wel een manier zijn om van onderop mensen in- en tussen de buurten met elkaar te verbinden.
bron: Wageningen UR

Een meerderheid in de gemeenteraad van Amsterdam wil dat er niet gebouwd gaat worden in de groene stroken aan de stadsranden. Een motie van GroenLinks waarin het college van burgemeester en wethouders wordt gevraagd het groen in stand te houden werd gesteund door D66, SP en de PvdA. De partijen pleiten voor verdicht bouwen. Als panden gesloopt of vernieuwd worden, kunnen op de ruimte die vrij komt woningen worden gebouwd. Ook zijn de mogelijkheden voor bouwen op IJburg nog lang niet uitgeput.
Aanleiding voor de motie is de ontwikkelstrategie Koers 2025. Daarin stelt wethouder Van der Burg voor de woningbouw te versnellen, zodat er al voor dat jaar 50.000 woningen in de stad worden gebouwd. In de oude ‘structuurvisie’ zouden er 70.000 woningen tot 2040 worden gebouwd. De gemeenteraad steunt de versnelling, maar wil niet dat de eerder vastgestelde Hoofdgroenstructuur aantast.

Elke Amsterdammer moet straks een groene omgeving in de buurt hebben. Wethouder Abdeluheb Choho (Openbare Ruimte) wil met meer groen Amsterdam economisch sterker maken, de leefbaarheid verbeteren en de drukte in de stad helpen spreiden. Stadsparken moeten drukte beter aankunnen.
In de Agenda Groen staat dat elke Amsterdammer binnen enkele minuten in een groene omgeving moet kunnen zijn. Daarom wordt ingezet op meer groen in de buurt, betere stadsparken en toegankelijkere natuur om de stad heen. Er komen meer en betere alternatieven voor de drukke stadsparken (bijvoorbeeld het Vondelpark), zoals het Rembrandtpark of kleinere buurtparken, en door de spreiding van groen over de hele stad worden de leefbaarheid en het vestigingsklimaat verbeterd. Tegelijk worden de parken beter toegerust voor intensief gebruik, zoals op drukke zomerdagen of tijdens evenementen.
In de Agenda Groen staat onder andere dat het college 20 miljoen zal gaan investeren waarbij er gezocht gaat worden naar cofinanciering van andere partijen. Drie stadsparken zullen worden opgeknapt de komende jaren. Dit zijn het Rembrandtpark, het Martin Luther Kingpark en het Noordoever Sloterplaspark. Daarnaast zullen er ook 20 nieuwe parken worden aangelegd of verbeterd. De gemeente stelt verder subsidies beschikbaar voor het aanleggen van groene gevels of daken. Hiermee wil zij huiseigenaren, VvE’s, woningcorporaties, scholen en ondernemers stimuleren groene daken of groene gevels aan te leggen, zodat de stad beter bestand is tegen de gevolgen van klimaatverandering. Tegelijk wordt hiermee de biodiversiteit in de stad versterkt.
Andere plannen zijn het vergroenen van schoolpleinen, het beter bereikbaar maken van natuur om de stad, het aantrekkelijker maken van weinig gebruikte groene gebieden in de stad en onderzoek naar nieuwe stadsparken.
bron: amsterdam.nl

Of we hier te maken hebben met het begin van een grootschalige poging om de Amsterdamse haven te ‘vergroenen’ is nog de vraag, maar origineel is het wel, het ‘IJ-land’-initiatief van Port of Amsterdam, het Amsterdamse Gemeentelijk Havenbedrijf. Kleine stukjes grond , drijvend in het Westelijk Havengebied, de Houthaven, twee bij twee meter, mini-moestuitjes of tuintjes met waterplanten, bloemen of nestmogelijkheden voor vogels. Het doel: verbeteren van het ecologische klimaat in het havengebied.
Het meest bijzondere aan dit IJ-land plan, ontworpen door drie Master studenten aan de Universiteit van Amsterdam is nog dat de eilandjes beschikbaar zijn voor ieder die er een wil adopteren – zeg maar huren. Voor 50 euro per jaar kun je – op kleine schaal, dat wel – je eigen groente en kruiden verbouwen. De meeste IJ-landjes zullen het komend voorjaar te water worden gelaten, de eerste vier werden de afgelopen zomer gepresenteerd tijdens Sail Amsterdam en zijn al te bezichtigen bij het (voormalige) REM-eiland.
Lees hier meer.

De gemeente Lelystad heeft een digitale Bijzondere Bomenkaart samengesteld. Aanvragers kunnen zo direct zien of voor het kappen van de boom een vergunning vereist is.
De kaart is geactualiseerd en geeft aan voor welke bomen een kapvergunning dient te worden aangevraagd. Voor andere gemeentelijke bomen hanteert de gemeente het kapbeslissingensysteem. Bij die bomen zal de gemeente steeds de noodzaak van het kappen per boom overwegen. De regels daarvoor zijn vastgelegd in het Bomenbeleidsplan.
Behalve het digitaal vastleggen heeft de Bomenstichting een subsidie van het streekfonds ontvangen om ongeveer 50 bomen herkenbaar te maken. Bij de bomen zal een beschrijving van de bijzonderheden komen op een bordje. Ook kunnen belangstellenden een zogenaamde QR-code scannen.
Amsterdam
Ook in Amsterdam is een digitale ‘Monumentale bomen en ander waardevol groen’ gelanceerd. In Amsterdam wordt al meer dan 400 jaar bomen geplant, maar de oudste boom in de stad is slechts 250 jaar oud. Om ze beter te beschermen hebben de stadsdelen een centrale lijst aangelegd.
Bron: Stad en Groen

We ontmoeten Theo, één van de beheerders van het Amsterdamse Westerpark, bij de ingang. Al 20 jaar beheert deze oud-hovenier voor de Gemeente Amsterdam zowel het Erasmuspark als het Westerpark. Vandaag maken we een fietstocht door het Westerpark, waarbij Theo ons vertelt over zijn werk als beheerder en het – in zijn ogen- meest veelzijdige park van de hoofdstad.
Onze eerste stop maken we in het oudste stukje Westerpark, dat loopt vanaf de Haarlemmerpoort tot aan het begin van het Wester Gasfabrieksterrein. Dit gedeelte van het park werd eind 19e eeuw aangelegd in Engelse landschapsstijl. Theo wijst ons op de prachtige oude bomen die er groeien en waarvan sommige zelfs een monumentale status hebben.
Ook begint op deze plek het zogenaamde Brettenpad. De Bretten is een langgerekt ecologisch gebied dat helemaal loopt tot aan Spaarnwoude. Hier kunnen amfibieën, reptielen, vissen en verschillende planten zich via het groen en de waterwegen vrij verplaatsen. Voor fietsers en wandelaars is het gelijknamige pad aangelegd.
Van vervuild fabrieksterrein naar groene long
Bij het Wester Gasfabrieksterrein begint het nieuwe gedeelte van het park, dat werd ontworpen door landschapsarchitect Kathryn Gustafson. Na de sluiting van de ouwe gasfabriek, bleef een zwaar vervuild terrein achter. Na sanering van de grond, werd het park aangelegd. De gebouwen bleven behouden en vervullen nu vooral culturele functies. Zo worden bijvoorbeeld de uitzendingen van DWDD en Pauw hier opgenomen.
Een kwestie van goede afspraken maken
Theo wijst – niet zonder trots – op het enorme grasveld, waar festivals als Buiten Westen en Milkshake op worden georganiseerd. Piekfijn ligt het gras erbij, terwijl het tijdens evenementen toch flink wat te verduren krijgt. Volgens Theo is het allemaal een kwestie van goede afspraken maken met alle betrokken partijen, één van zijn hoofdtaken als beheerder. Het blijft altijd een beetje schipperen tussen de verschillende belangen. Hij waakt ervoor dat er niet té vaak en te veel dingen worden georganiseerd. Zo was de Davis Cup ontmoeting die in 2012 tussen Nederland en Zwitserland werd gehouden in het Westerpark voor het gras niet zo’n succes. ‘Maar’, haast hij zich erbij te zeggen, ‘als sportliefhebber was het natuurlijk fanstastisch’.
Via een ingenieus irrigatiesysteem kan het grasveld ’s nachts worden besproeid met water dat wordt opgeslagen in een bassin onder het nabijgelegen korfbalveld. Daarnaast wordt het gras 5 à 6 keer per jaar bemest.
Het Woeste Westen
Terwijl we verder fietsen, zien we het park in zijn volle verscheidenheid. We passeren de waternatuurtuin: een veenachtig gebiedje van eilandjes die door bruggetjes met elkaar zijn verbonden. Het beheer van dit prachtige stukje natuur doet Theo samen met een club vrijwilligers op zaterdagochtenden. Vervolgens komen we langs natuurspeeltuin ‘Het Woeste Westen’, waar naar verluidt mensen helemaal uit Rotterdam naartoe komen om kinderfeestjes te vieren. Ook passeren we een ponyclub, postduivenvereniging de Postiljon en de Mr. A. de Roostuinen, de schooltuintjes waar duizenden Amsterdamse stadskinderen leerden zaaien, onkruid wieden en oogsten. Nu, aan het eind van de zomer, zien de tuintjes er geweldig uit. Het is één en al bloem, kleur en rijpe tomaatjes.
‘Vergeten’ troep
Terwijl we richting uitgang fietsen, moet hem toch nog iets van het hart. Hoewel er heel veel mensen zijn die met de beste bedoelingen recreëren in het park, lijkt het wel alsof er de laatste jaren ook steeds meer mensen zijn die ‘vergeten’ hun troep op te ruimen of mee te nemen. Na een zomerse dag is de gemeente soms wel uren bezig om het park weer schoon en opgeruimd te krijgen. ‘Zonde van de tijd en zonde van zo’n mooi park’, volgens Theo.

In gesprek met Edwin Santhagens van Buro Sant en Co
Zaterdag a.s. wordt in Amsterdam de officiële opening van het vernieuwde Oosterpark gevierd. Landschapsarchitectenbureau Sant en Co, onder andere bekend van het Dakpark Rotterdam en Park Frankendael in Amsterdam, heeft dit nieuwe stadspark ontworpen.
Landschapsarchitect Edwin Santhagens vertelt enthousiast over dit project ‘Verdubbeling Oosterpark’ waar zijn bureau maar liefst 6 jaar aan werkte. ‘De ambitie? Het héle park weer toegankelijk maken voor het publiek!’
‘Wat je zag, was dat de stad het park in de loop der jaren had ingehaald. Door de groeiende populariteit en steeds grotere aantallen bezoekers was het park behoorlijk onder druk komen te staan. Nu is het park zo ingericht dat het héle gebied tot aan de Mauritskade toegankelijk wordt. In de plannen worden de gebouwen van het Tropenmuseum, het KIT en de UVA en hun groene omgeving, meer dan nu het geval is, bij het park getrokken. Santhagens: ‘Nu hebben die gebouwen allemaal hun voordeur naar de straatkant en hun achterdeur naar het park. Ons eerste idee was om dát om te draaien en vanuit daar verder te denken.’
Inspiratie Springer
Het oorspronkelijke ontwerp van Leonard Springer (1891) was een inspiratiebron voor Santhagens. Zo herstelde hij de ‘zichtlijn’, die loopt vanaf de Muziekkoepel tot aan het Koninklijk Instituut voor de Tropen, die in de loop der jaren was dichtgegroeid. Ook zijn er nieuwe paden gelegd en nieuwe boomsoorten als de sequioa en de parasol-den aangeplant. Dit laatste zou Springer, als liefhebber van soortenverscheidenheid in parken, hebben aangesproken. Andere veranderingen zijn wellicht minder zichtbaar. Zo is er hard gewerkt om de waterkwaliteit in de vijvers te verbeteren en is de afwatering in het park op de schop genomen.
Met de schetsen onder de arm naar Amsterdam
‘Vanaf het begin zijn de omwonenden van het Oosterpark bij de plannen betrokken geweest’, vertelt Santhagens. Met zijn schetsen onder de arm zat hij, om de vier weken, een klankbordgroep voor bestaande uit burgers die graag betrokken waren bij de renovatie van hún park. Santhagens: ‘Natuurlijk kun je nooit iederéén tevreden krijgen, maar ik vind dat we met dit ontwerp zo veel mogelijk hebben geluisterd naar de omwonenden, toch de uiteindelijke gebruikers van het park.’
Met name over het kappen van bomen, ontstond veel commotie. Van de 400 bomen die op de kaplijst stonden, hebben er uiteindelijk 300 het veld moeten ruimen. Doodzonde, volgens velen. Onvermijdelijk, volgens Santhagens: ‘Sommige stukken van het park waren zo dichtgegroeid en verwilderd, dat we wel rigoureus móesten zijn. Door bepaalde bomen te kappen, krijgen andere meer licht en lucht en kunnen zo beter tot wasdom komen. Je krijgt daardoor een vitaler bos. Maar  goed, het blijft natuurlijk altijd een vervelende boodschap, dat snap ik ook wel.’
Een walvis in het pierenbadje
Ook voor kinderen is er in het nieuwe Oosterpark straks een hoop te beleven. Zo werden er avontuurlijke speelplekken aangelegd, waar kinderen op een speelse manier met de natuur in aanraking komen. En op warme zomerdagen kan er afgekoeld worden in het opgeknapte pierenbadje, waar een grote kunststof walvis is geplaatst waar op geklommen en vanaf gegleden mag worden. Ook is in de Notenboomschool in het park één van de grootste crèches van Amsterdam geopend. Voor deze crèche wordt een gigantische openbare speelslinger gemaakt. Ook komen er nieuwe horecagelegenheden in het park. Het bestaande Hotel Arena geeft gehoor aan het advies van Sant en Co en zal een entree maken richting het park. Er zal ook een groot, verhoogd terras worden aangelegd waar ouders tot rust kunnen komen, terwijl hun kroost lekker aan het spelen is op de keien en met de waterspuiters van het bronelement. Kortom, het nieuwe Oosterpark biedt voor elk wat wils en is klaar voor de toekomst.
Extra informatie:
De herinrichting is nog niet af; tot 2018 wordt het park stapje voor stapje verder uitgebreid.
Voor zaterdag 26 september is een uitgebreid programma opgesteld met sport, spel, muziek, lezingen en rondleidingen in park en gebouwen. De activiteiten starten al om 10.00 uur.
De officiële opening vindt plaats op zaterdag 26 september om 16.45 uur bij de muziekkoepel, gevolgd door een optreden van de koperblazers van het Nederlands Philharmonisch Orkest.
Kijk voor uitgebreide programma-informatie op http://bit.ly/1F0oQI3.
 
 
Hier enkele impressies van het nieuw ingerichte park:


 

Heb jij een slimme (groene) oplossing voor grootstedelijke uitdagingen die je graag wil laten zien aan vakgenoten, internationale delegaties en inwoners van Amsterdam? Doe dan mee aan het Amsterdam Smart City Experience Lab!

In de eerste helft van 2016 is Nederland voorzitter van de Europese Unie. Het Marineterrein Amsterdam, nu al thuisbasis van veel innovatieve start-ups, is vanaf januari 2016 dé plek waar het EU-voorzitterschap plaatsvindt.

Experience Lab

Amsterdam Smart City (ASC) en de Amsterdam Economic Board openen dit najaar een expositieruimte op het Marineterrein. Zij nodigen bedrijven, start-ups en bewonersinitiatieven uit om hun slimme oplossingen op deze centrale plek te tonen aan een breed en internationaal publiek. Hiermee laten zij zien dat de metropoolregio Amsterdam een slimme en innovatieve regio is.
Het uitgangspunt van het Amsterdam Smart City Experience Lab is om bezoekers de innovaties daadwerkelijk te laten beleven. Het Experience Lab zal het startpunt worden van een dialoog met professionals en bewoners over de stad en haar toekomstige uitdagingen. Daarnaast ontvangen zij nu al bijna 100 delegaties per jaar en dat aantal zal alleen maar toenemen in 2016.

Wat wordt er gevraagd?

  • Een zichtbare, tastbare en beleefbare demonstratie die laat zien hoe je oplossing de stad slimmer kan maken. Denk aan het visualiseren van verkeersbewegingen, een serious game voor energiebesparing, of een sensor die vrije parkeerplaatsen weergeeft etc.
  • Je bent bereid om een toelichting te geven aan internationale delegaties.

Meedoen?

Stuur een mail met een duidelijke beschrijving van jouw oplossing en een afbeelding naar Maaike Osieck: mta@amsterdamsmartcity.nl / 06 1153 6573
 
Bron: Amsterdam Economic Board