Berichten

In het Wageningen UR-dossier Effect van natuur op gezondheid, is veel informatie over ‘vitamine G’, ofwel ‘vitamine groen’, gebundeld. Denk aan rapporten, adviezen en essays van genoemd instituut.
Naast rapporten en publicaties van Wageningen UR (WUR), staan in het dossier Effect van natuur op gezondheid vele links naar externe publicaties.

Besparen op zorgkosten

Naast de vele uitgaves van WUR, bestaat nog een grote hoeveelheid rapporten en andere publicaties van andere organisaties. Denk aan de PowerPoint-presentatie van het VU Medisch Centrum: Vitamine G – Het belang van natuur voor de gezondheid van kinderen. Hierin staan berekeningen opgenomen van KPMG: met groen zouden forse besparingen op zorg- en arbeidskosten te realiseren zijn. Uit een enquête in opdracht van De Friesland zorgverzekeraar blijkt bovendien dat de meeste Nederlanders denken dat meer natuur in en rond woonwijken zou kunnen leiden tot besparingen op zorgkosten en kosten voor arbeidsverzuim (zie Buiten is gezond).

Vervreemding

In deze, maar ook vele andere, publicaties wordt ook ingegaan op de relatie tussen mens en natuur. In de scriptie ”Het bewaarde land’: ‘het beloofde land’ voor ieder kind?’ wordt, bij monde van deskundigen en maatschappelijke organisaties, een toename geconstateerd van ‘vervreemding’ van jongeren tot natuur. In een ander rapport is, enigszins aansluitend op deze ontwikkeling, te lezen: ‘Vrijwel elke kinderrijke nieuwbouwwijk kent een overvloed aan parkeerplaatsen en een tekort aan speelplaatsen. En toch parkeren kinderen niet. Waarom wordt het parkeren niet per gebied geclusterd, zodat er ruimte ontstaat voor kinderen?’ (zie Kinderen parkeren niet – Kansen voor Groen en Gezondheid).

Ongezonde gewoonten

Het zijn vooral kinderen (en mensen in meer kwetsbare groepen) stelt IVN in de factsheet Waarom wij natuur nodig hebben waarvan de gezondheid onder druk komt te staan. De organisatie wijst steeds ongezondere leefgewoonten aan als oorzaak. Zo zitten kinderen ‘liever uren per dag binnen achter de spelcomputer of voor de televisie dan dat zij buiten spelen’. In de factsheet worden enkele van deze gewoonten –evenals goede gewoonten en veel voorkomende aandoeningen- uitgedrukt in cijfers. In de sheet worden ook vele voorname bevindingen uit divers onderzoek aangehaald die iets zeggen over de relatie natuur en gezondheid.
Wat die relatie precies is, zo staat in de bundel Natuur & Gezondheid, ‘daar breken wetenschappers zich het hoofd over. […] Maar dat er een positieve relatie is tussen natuur en gezondheid staat buiten kijf’. In genoemde uitgave zijn voorbeelden opgenomen ‘variërend van intensive care tot geestelijke gezondheidszorg, van kamerplant tot bos, van ruiken en kijken naar natuur tot de handen uit de mouwen in land- en tuinbouw’.
 
Bron: Groen Kennisnet

Dat is de uitkomst van een studie die in 2014 gedaan is David J. Nowak, Satoshi Hirabayashi, Allison Bodine en Eric Greenfield en waarvan de uitkomsten onlangs gepubliceerd werden in het tijdschrift ‘Environmental Pollution’.
Nowak en zijn team onderzochten het effect van bomen en bossen op de luchtkwaliteit en de volksgezondheid in de Verenigde Staten. Concluderend stellen zij dat alle Amerikaanse bomen tezamen 850 mensenlevens redden en dat zij meer dan 670.000 aanvallen van ademhalingsproblemen voorkomen.
Bomen gaan luchtverontreiniging tegen doordat ze fijn stof uit de lucht wegvangen en verontreinigende gassen absorberen met de huidmondjes van de hun bladeren. In dit onderzoek werden 4 stoffen gemeten: stikstofdioxide NO2, ozon O3, zwaveldioxide SO2 en fijn stof PM2,5.
Alhoewel het directe effect van bomen op de luchtkwaliteit zeer beperkt is (een verbetering van de gemiddelde kwaliteit met minder dan 1 procent), heeft het dus wel een grote impact op de gezondheid. Die impact is het grootst in dichtbevolkt, verstedelijkt gebied, alhoewel het effect op de luchtkwaliteit van de bomen daar het kleinst is. Volgens de onderzoekers onderstrepen hun resultaten het belang om meer bomen aan te planten in steden.
 
Meer informatie? Hier kunt u het onderzoek downloaden.

De eerste steen van het oude St. Elisabeth Ziekenhuis is opnieuw onthuld. Dit gebeurde gisteren tijdens de opening van drie compleet nieuw ingerichte (binnen)tuinen op de locatie St. Elisabeth van het gefuseerde Elisabeth-TweeSteden Ziekenhuis. De opgeknapte tuinen bevorderen de gezondheid en het welzijn van patiënten en bezoekers.
De opening werd gedaan door Tilburgse wethouder Mario Jacobs en ziekenhuisbestuurder Marcel Visser. De flinke zandsteen met goudkleurige letters dateert uit 1927. De steen is na de sloop van het oude St. Elisabeth Ziekenhuis aan de Jan van Beverwijckstraat opgeslagen. Nu heeft hij een belangrijke plek gekregen in de tuin bij de Brasserie.
Groenplan
Het opknappen van de tuinen is de eerste stap van een nieuw veelomvattend groenplan van het ziekenhuis. Het zogeheten Groenteam+ gaat in de loop van de tijd de buitenruimtes van het ziekenhuis aanpakken. Onder andere het voorterrein, de binnenhoven, de daken en de terrassen krijgen een opknapbeurt.
Het meerjarenplan van de inrichting van de buitenruimte moet bijdragen aan de gezondheid en het welbevinden van alle gebruikers van de patiotuinen: patiënten, bezoekers en medewerkers. Kijken naar groen biedt rust en ontspanning. Het Elisabeth-TweeSteden Ziekenhuis is een van de koplopers op het gebied van het in verbinding brengen van natuur en gezondheid. Dit sluit ook mooi aan op het thema ‘Menslievende zorg’ van het ziekenhuis. “Dit groenplan past absoluut bij onze ambitie het liefste ziekenhuis van Nederland te worden”, aldus Marcel Visser.
Wethouder Mario Jacobs is trots op de groene reis die het ziekenhuis maakt. “ Innovatie gaat verder dan alleen techniek, het effect van groen op gezondheid is heel vernieuwend.”
Onderzoek
De nieuw beplante stukken grond zijn echte kijktuinen. Iedereen kan vanuit de aangrenzende ruimtes genieten van het uitzicht. Dit geldt zeker voor de dialysepatiënten die drie keer per week enkele uren aan een dialyseapparaat moeten. Voor deze groep patiënten is het uitzicht spectaculair verbeterd. De tuin heeft een glooiend lijnenspel wat nooit verveeld om naar te kijken. Verder heeft de tuin een vloeiende overgang met het omliggende Brabantse landschap.
Verwacht wordt dat de nieuwe tuin meetbare positieve gezondheidseffecten zal opleveren. Het ziekenhuis gaat dit ook onderzoeken. Bij dit onderzoek is onder meer dr. Jolanda Maas betrokken. Zij werkt momenteel als senior onderzoeker op de afdeling Sociale Geneeskunde van het VU Medisch Centrum. Daar doet zij onderzoek naar de relatie tussen natuur en gezondheid. “Mensen die in een groene omgeving wonen komen minder bij de huisarts. Groen zorgt dat mensen kunnen ontspannen. Patiënten ervaren minder pijn als ze natuur zien. En uit wetenschappelijk onderzoek onder patiënten die net een operatie achter de rug hadden blijkt, dat als ze zicht hebben op een boom, ze minder sterke pijnstillers nodig hebben en dat ze zelfs gemiddeld genomen een dag eerder naar huis kunnen”, aldus Jolanda Maas.
 
Bron: St. Elisabeth Ziekenhuis

NHTV internationaal hoger onderwijs Breda gaat onderzoek doen naar de effecten van straatgroen op de kwaliteit van leven van de inwoners van de vier grote Brabantse steden: Eindhoven, Tilburg, Breda en ‘s Hertogenbosch. Het heeft als doel te achterhalen welke vorm en combinatie van straatgroen het meest positieve effect heeft op het welzijn van de stedeling. Het onderzoek gebeurt in samenwerking met de 4 gemeenten, de Technische Universiteit Eindhoven en de Rijksuniversiteit Groningen.
Gezonde kracht van de natuur
Er is al veel onderzoek verricht naar de gezonde kracht van de natuur. Voornamelijk grote stukken natuur, zoals bossen en parken. Een groene omgeving helpt mensen ontspannen. Het zorgt voor verkoeling, mensen voelen zich er gezonder door én zijn dat ook. Als grote stukken natuur een positief effect hebben op de mens, wat is dan de invloed van kleine stukjes natuur in de stad? Zoals bomen, gras, bloemen of een klimop op de muren in de straat waar men dagelijks doorheen rijdt. Deze vraag was de aanleiding voor ir. Robert van Dongen (hogeschooldocent Stedenbouw en Ruimtelijke Ordening) van NHTV Breda om zijn promotieonderzoek op dit onderwerp toe te spitsen. Van Dongen voert zijn door NWO (Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek) gefinancierd promotieonderzoek uit aan de Technische Universiteit Eindhoven in samenwerking met de Rijksuniversiteit Groningen.
Onderzoek onder inwoners
De komende weken wordt het onderzoek uitgerold in en in samenwerking met de vier Brabantse grote steden. Door het samenwerken met de gemeenten wordt een grote groep inwoners bereikt en door een hoge respons kunnen er betere conclusies getrokken worden, specifiek per gemeente. De gemeenten verspreiden een vragenlijst onder een deel van hun inwoners (via het burgerpanel of digipanel). De enquête bestaat onder andere uit beeldmateriaal met diverse groene inrichtingen. De inwoners mogen reageren op het beeldmateriaal. Deze reacties zullen met behulp van specifieke onderzoeksmethoden vertaald worden naar voorkeuren en rustgevende effecten.
Resultaten
De resultaten zullen in 2015 beschikbaar komen. De resultaten zullen zowel worden gebruikt om de wetenschappelijke kennis over beleving van straatgroen te vergroten, als hun nut hebben voor de gemeenten met het oog op zo goed mogelijk aanleggen, onderhouden of verbeteren van het groen in de straat. Hierdoor kan het woonplezier en de gezondheid in de steden verhoogd worden.
 
Bron: NHTV

‘Iedereen kan bijdragen aan een gezonde en groene omgeving’
De Levende Tuin wordt een beweging. Daartoe hebben initiatiefnemers Branchevereniging VHG en NL Greenlabel vandaag met een kerngroep van organisaties een eerste stap gezet. Met het ondertekenen van het Manifest De Levende Tuin onderstrepen de partners dat zij zich actief zullen inzetten om consumenten, bedrijven en overheden te overtuigen om duurzame keuzes te maken voor tuinen en andere buitenruimten.
De initiatiefnemers willen De Levende Tuin als beweging breed neerzetten. Daarom zijn ze verheugd dat zij met de volgende partijen het Manifest hebben kunnen afsluiten: Tuinbranche Nederland, GNL Stadswerk, Netwerk Groene Bureaus, de Vlinderstichting, de Vogelbescherming, de Nederlandse Vereniging van Tuin- en Landschapsarchitecten en Wageningen Universiteit/Alterra. Binnenkort zal het Manifest worden aangeboden aan de Ministeries van Economische Zaken en Infrastructuur & Milieu. Met deze ministeries werd eerder al een Green Deal afgesloten voor het realiseren van meer duurzame buitenruimten.
Elke handeling telt
Uitgangspunt van de beweging is dat ieder individu kan bijdragen aan een gezonde en groene leefomgeving. Elke handeling telt, hoe klein ook. De deelnemende partijen zullen binnen hun achterban en netwerk de principes van De Levende Tuin zichtbaar maken en makkelijk toepasbaar. Ook zullen ze de effecten ervan tonen en samenwerken om deze duurzame beweging groter te maken.
Verbindende schakel
“De Levende Tuin is een filosofie”, aldus Egbert Roozen, directeur van Branchevereniging VHG. “Het vormt de verbindende schakel tussen vele afzonderlijke initiatieven. Denk aan de promotie van groen, maar ook aan initiatieven om de tuin vriendelijk(er) te maken voor vogels, egels, vlinders en bijen. Aan de aanpak van energie- en watervraagstukken, aan de gezondheid van mensen en aan het stimuleren van duurzame producten in de tuinen en openbare ruimten. Deze beweging kan al deze afzonderlijke boodschappen nog sterker zichtbaar maken.”
Herstel evenwicht mens en natuur
Lodewijk Hoekstra, presentator van het tv-programma Eigen Huis en Tuin en mede-oprichter van NL Greenlabel benadrukt dat het streven vooral is om mensen bewust te maken van de natuur en hun omgang daarmee. “Het zijn kleine dingen die het verschil maken. Iedereen kan meedoen. Alle handelingen samen zorgen voor een grote, echte verandering: een beter evenwicht tussen mens en natuur.”
De Levende Tuin
De Levende Tuin is een concept – ontwikkeld door Branchevereniging VHG – voor het realiseren van tuinen (en andere buitenruimten) waarin de natuur te zien, voelen, horen, ruiken én proeven is. Door gebruik van groen en natuurlijke materialen ontstaat een prettige omgeving voor mens en dier. Bovendien biedt een levende tuin tal van voordelen: de groene omgeving vangt fijnstof en CO2  op en houdt regenwater langer vast. Daarnaast verhoogt zo’n tuin de waarde van de woning.
De ondertekenaars van het Manifest De Levende Tuin
Rien van der Spek, voorzitter Branchevereniging VHG
Egbert Roozen, directeur Branchevereniging VHG
Jacco Wisman, voorzitter VHG Vakgroep Hoveniers
Richard Maaskant, hoofd Ledencontact en secr. VHG Vakgroep Hoveniers
Lodewijk Hoekstra, directeur NL Greenlabel
Brenda Horstra, adjunct-directeur Tuinbranche Nederland
Maarten Loeffen, directeur GNL Stadswerk
Johan Burger, voorzitter Netwerk Groene Bureaus
Titia Wolterbeek, directeur Vlinderstichting
Jip Louwe Kooijmans, Vogelbescherming
Frans Boots, voorzitter Nederlandse Vereniging van Tuin- en Landschapsarchtitecten

Op 10 oktober, de dag van de duurzaamheid, is het project ‘Groene wanden in de klas’ van start gegaan in de Haarlemmermeer. Vanuit het Groen Onderwijscentrum gaan studenten van Wellant mbo de effecten meten van een plantenwand in de klas. Het is de bedoeling dat de ervaringen van dit project leiden tot een systeem dat ook voor andere scholen bruikbaar is. Into Green zal laten zien hoe andere scholen net zulke plantenwanden kunnen aanschaffen via bijvoorbeeld crowdfunding.
Uit onderzoek is bekend geworden dat er een directe relatie is tussen luchtkwaliteit en leerprestaties. In hoeverre kunnen plantenwanden in de klas de luchtkwaliteit verbeteren? Dat gaan prof. dr. Agnes van den Berg en prof. dr. Bert van Duijn van het bedrijf Fytagoras en vier studenten van Wellant mbo uit Aalsmeer onderzoeken.
De luchtkwaliteit wordt gemeten, er worden testen gedaan en enquêtes afgenomen. Het onderzoeksteam wil aan kunnen tonen dat een plantenwand in de klas de luchtkwaliteit op en betaalbare en effectieve manier kan verbeteren.
Het project ‘Groene wanden in de klas’ is een breed gedragen initiatief van de gemeente Haarlemmermeer, FloraHolland, Greenport Aalsmeer, Stadsregio Amsterdam, Groen Onderwijscentrum en Into Green (een platform van Branchevereniging VHG voor hoveniers en groenvoorzieners en VGB, de branchevereniging voor de groothandel in bloemen en planten).

Op dinsdag 16 september organiseerden de Vrienden van de Almatuin een symposium over ‘Het belang van groene oasen voor de gezonde stad’.
De Almatuin is met recht een groene oase in de stad te noemen. De tuin ligt midden op de Amsterdamse Zuid-as, verscholen tussen de hoge bankkantoren en de faculteitsgebouwen van de VU. Je moet even weten waar je moet zijn, maar als je de poort eenmaal gevonden hebt, gaat er een groene wereld voor je open. We zien kleurige zonnebloemen, moestuinen met biologische groenten met daarachter de skyline van de Zuid-as. Bij binnenkomst worden ons heerlijke biologische hapjes, verzorgd door de chefkoks van restaurant As en restaurant Bolenius, aangeboden: gemaakt van producten uit eigen tuin!
De studenten van de naastgelegen VU, hooggehakte Zuid-as dames en snelle bankjongens – strak in het pak- weten de tuin in hun lunchpauzes al op hun duimpje te vinden en genieten zichtbaar van de zon en het groen om hun heen.
Symposium
Er komt steeds meer wetenschappelijk bewijs voor de stelling dat een groene omgeving een belangrijke factor is voor de gezondheid van mensen. De mogelijkheden om in groene oasen aandacht te hebben voor gezonde voeding, ontmoeting, bewegen en ontstressen zijn enorm. Zo kunnen groenplaatsen als de Almatuin krachtige instrumenten worden om de gezondheid van mensen te bevorderen.
De vrienden van de Almatuin hadden twee interessante sprekers uitgenodigd voor hun symposium. Zij werden ingeleid door Jacob Bouwman, programmaregisseur Maatschappelijke Thema’s en filosoof aan de VU. Als eerst aan het woord kwam Jaap Seidell – professor voor Voeding en Gezondheid bij de VU & lid van de Wetenschappelijke Raad voor Integrale Duurzame Landbouw en Voeding. Hij sprak onder andere over de relatie tussen het gebruik van groene stadsplekken zoals de Almatuin en gezondere voedingskeuzes.
De tweede spreker van de dag was Jolanda Maas, senior onderzoeker voor de VU & VUmc. Zij doet al tien jaar onderzoek naar het belang van groene omgevingen voor de gezondheid van mensen en gaf aan dat initiatieven als de Almatuin, juist zo belangrijk zijn voor een gezonde leefomgeving. Ook zag zij mogelijkheden de tuin in te zetten in haar wetenschappelijk onderzoek naar groen en gezondheid.
Brave Hendrik
Na de sprekers, besloten wij – onder leiding van moestuinder Hans, één van de Vrienden van de Almatuin- zelf een kijkje te nemen in de tuin. Hij laat ons de enorme moestuin zien, die hij samen met een groep mensen onderhoudt. Hoewel veel van de gewassen al geoogst zijn, zien we her en der nog een aardbeitje tussen het groen. Ook laat Hans ons trots een rij pastinaken zien en wijst hij ons zijn ‘brave Hendrik’, een met spinazie vergelijkbare bladgroente.
Toekomstmuziek
De dag werd afgesloten in de ‘speakerscorner’ waar leden van de studentenbond SRVU de gasten uitnodigden om hun toekomstideeën te pitchen voor de Almatuin. Het voortbestaan van de tuin is namelijk alles behalve zeker. De grond waarop de tuin ligt is naast de schoonste – op deze grond lagen de afgelopen 60 jaar schooltuintjes- waarschijnlijk ook de duurste van Amsterdam. Daarnaast heeft de VU op korte termijn parkeerplekken nodig voor haar nieuwbouw en dreigt de tuin te worden opgeofferd in al dit bouwgeweld.
Als het aan de genodigden was, moet de tuin absoluut blijven als gezonde groene long in de stad. Ook de studenten hebben nog wel een paar goede ideeën voor de Almatuin. Zo wordt er geopperd om ’s ochtends voor de colleges beginnen, yogalessen te organiseren in de tuin of om zelfs de colleges in de buitenlucht te geven.
Jolanda Maas en Jaap Seidell – beiden verbonden aan de VU – zijn er allang uit: de Almatuin moet blijven. Hopelijk denkt het bestuur van de VU er net zo over en kunnen studenten, professionals en buurtbewoners nog lang van deze prachtige plek blijven genieten!
 
Bezoek voor meer informatie over (de toekomst van) de Almatuin de Facebookpagina van de Vrienden van de Almatuin: www.facebook.com/vriendenvandealmatuin.nl of volg ze op Twitter @VriendAlmatuin

Amsterdam gaat deze zomer onderzoek doen naar de invoering van een lokaal smogalarm, naar aanleiding van een voorstel van de Partij voor de Dieren. Volgens deze partij informeert Nederland zijn inwoners nauwelijks actief over luchtvervuiling, terwijl de gezondheid van risicogroepen zoals longpatiënten extra te lijden heeft onder de aanwezigheid van bijvoorbeeld fijnstof en stikstofoxiden. Juist bij stedelijke verkeersaders komen deze stoffen soms in grote hoeveelheden in de lucht voor. In de gemeenteraadsvergadering van 2 juli is besloten dat de gemeente zelf het initiatief moet nemen om Amsterdammers te informeren over gevaarlijke vormen van luchtvervuiling. Het college komt na de zomer met een voorstel.
Amsterdam voldoet niet aan de Europese normen voor luchtkwaliteit die vanaf 2015 overal gaan gelden. In september 2013 vroegen ruim 10.000 Amsterdammers de gemeenteraad daarom via een petitie van Milieudefensie om hardere maatregelen te nemen voor schone lucht. Johnas van Lammeren, fractievoorzitter van de Partij voor de Dieren Amsterdam: ‘De Amsterdamse lucht is nog steeds ongezond. Ondanks de petitie zijn maatregelen die het probleem bij de bron aanpakken, zoals uitbreiding van de milieuzone, nog steeds niet ingevoerd. Financiële belangen hebben steeds aan het langste eind getrokken. En dat terwijl mensen hun gezondheid het allerbelangrijkste vinden. We zijn ingehaald door steden als Utrecht en Rotterdam die wel strengere milieuzones hebben ingevoerd. Met een smogalarm kunnen we er nu in elk geval voor zorgen dat mensen hun dagindeling kunnen aanpassen aan de situatie van de lucht. Dat komt de gezondheid Amsterdammers enorm ten goede. Wij blijven ons daarnaast inzetten voor aanpak bij de bron, zoals we dat de afgelopen jaren ook hebben gedaan.’
 
 
 
 
 
 
Bron: Partij voor de Dieren Amsterdam
 
 

In hoog beveiligde afdelingen van een TBS kliniek is in een uniek onderzoek een positief effect van planten vastgesteld op de beleving van de huiskamers. Justitiële inrichtingen zijn vaak slecht geventileerd en sober ingericht.  Over de effecten van planten  op mensen en klimaat in deze omgevingen is weinig bekend. Potentieel valt veel winst te behalen. Aan de hand van klimaatmetingen, vragenlijsten en interviews zijn in dit onderzoek verbeteringen in gevoelens van veiligheid en sociale samenhang vastgesteld op de afdelingen waar planten stonden, en was de luchtvochtigheid op de afdelingen met planten groter dan op controle afdelingen zonder planten. Binnen de korte looptijd van dit onderzoek waren er geen meetbare effecten van de planten op de gezondheid van de bewoners en het personeel.
Lees hier het volledige rapport ”Planten in justitiële inrichtingen”
Bron: Productschap Tuinbouw

Meer dan 40% van de Nederlandse bevolking woont in steden en de verwachting is dat dit percentage zal blijven toenemen. Hoewel deze mensen er bewust voor gekozen hebben om in de stad te gaan wonen, hebben zij wel degelijk behoefte aan een groene buitenruimte. Sterker nog: zij willen het liefst allemaal tegelijk gebruik maken van de groene ruimtes in de stad. We zitten dus met een stedelijke omgeving met steeds meer inwoners, en een hoge druk op de beschikbare ruimte. De oplossing bevindt zich boven onze neuzen, dat wil zeggen op het dak. Groene daken zijn immers de perfecte manier om groene ruimten te creëren zonder daarvoor extra m2 te gebruiken.
Groene eilanden in de stad
Het inrichten van groene daken wordt al eeuwen gedaan. Denk bijvoorbeeld aan het wereldwonder ‘de hangende tuinen van Babylon’ of aan de Andes indianen die hun hutten bedekten met plaggen. In Scandinavië, Canada en Duitsland zijn groendaken al jarenlang gemeengoed. En langzamerhand begint ook in Nederland het besef door te dringen dat groene daken de toekomst zijn.
Gezondheid/fijnstof
Groene daken kunnen een belangrijke rol spelen bij het verbeteren van de luchtkwaliteit. De beplanting  filtert fijn stof, stikstofoxiden en roet uit de lucht, wat de volksgezondheid ten goede komt. En dat is nodig ook: ieder jaar sterven er 4000 tot 7500 mensen aan de gevolgen van luchtverontreiniging door het wegverkeer. Wanneer meer gebouwencomplexen in de buurt van of naast snelwegen een groen dak zouden krijgen, zou dat al een aanzienlijke gezondheidswinst opleveren.
Waterberging
Een ander probleem van deze tijd. Hevige regenbuien zijn op zichzelf niets nieuws, ook niet hier in Noordwest Europa. Maar algemeen verwachten deskundigen dat als gevolg van klimaatveranderingen onstuimig weer steeds vaker zal voorkomen, met alle problemen van dien voor de verwerking van al dat water. Groene daken zorgen ervoor dat in elk geval een deel van de gevallen regen tijdelijk kan blijven ‘hangen’ op de daken. Vervolgens verdampt het vocht geleidelijk, zoals dat ook gebeurt in de natuur
.
Biodiversiteit
Zoals elke toevoeging aan het ‘groen’ in de bebouwde omgeving, bieden ook de groene daken een onderkomen aan allerlei insecten, die in de steenwoestijn geen kans op overleven hebben. Bij verstandig beheer dragen groene daken op die manier bij aan behoud en verbetering van de biodiversiteit.
Esthetisch
Al eeuwen zijn we eraan gewend de stad te zien als een verzameling gevels en daken. Vooral daken – fraaie pannen- of lei gedekte daken, beheersen het beeld. Daar is vanzelfsprekend in esthetische zin niets min mee. Maar juist bedrijfsgebouwen, met naargeestige dakpartijen van, bijvoorbeeld, bitumen, dragen niet echt bij aan een aantrekkelijk ogende stad. Juist nieuwbouw, bijvoorbeeld van kantoren, en flats, maar ook van villa’s, biedt kansen voor meer groen in de stad. Met prachtige vergezichten als resultaat.
Hitte en kou
Een belangrijk motief om op een dak, dat op zichzelf (uiteraard) waterdicht moet zijn en zo de bewoners beschermt tegen de elementen, toch nog een extra laag aarde plus plantengroei aan te leggen, is bescherming tegen hitte en kou. Isolatie, kortom. Dat was ook, naast esthetische overwegingen, de beweegreden achter de al genoemde hangende tuinen van Babylon. Maar bijvoorbeeld in ons buurland Duitsland worden ook in de huidige tijd groene daken op grote schaal toegepast, als energiebesparende maatregel.
Imago
De vraag rijst waarom in een toch zeer energiebewust land als Nederland de groene daken nog betrekkelijk weinig worden toegepast, ook al zijn er steeds meer gemeenten (zoals Amsterdam en Rotterdam) die een groene-dakenbeleid hebben geformuleerd. We kunnen rustig stellen dat voor alle bezwaren die u en wij kunnen bedenken (gewicht, onderhoud etcetera) oplossingen zijn bedacht. Te vrezen valt dat Nederlanders van jongs af aan een zekere weerzin tegen ‘plaggenhutten’ hebben meegekregen. Door de verhalen van schrijvers van (vooral) jeugdboeken hebben die plaggenhutten een symboolwaarde gekregen, als zinnebeeld van achterlijkheid en armoede. Maar de tijden zijn, wat dat betreft, fundamenteel veranderd.
Compensatie en besparing
Wie zich even in de materie verdiept komt er al gauw achter dat het tegenwoordig juist moderne gemeentebestuurders zijn die groene daken inzetten, bijvoorbeeld daar waar groen is opgeofferd voor bouwlocaties en moet worden gecompenseerd. Maar ook in het streven het almaar toenemende energieverbruik, met name voor verwarming maar ook voor koeling, af te stoppen. Berekeningen wijzen uit dat, als aan een aantal voorwaarden is voldaan, groene daken al na een paar jaar voordeliger zijn dan klassieke vormen van dakbedekking. Die voordelen zullen, met het stijgen van de gasprijzen, alleen maar toenemen.
Meer weten
Geïnteresseerde bouwers, bestuurders en bewoners kunnen zich verder oriënteren op de verschillende aspecten en mogelijkheden van groene daken door het boekje ‘Groen boven alles’ te raadplegen. Uitgave TripleE productions, www.tripleee.nl. Veel van de hierboven weergegeven informatie is ook gebaseerd op ‘Groen boven alles’.
 
foto: Groene Daken in Amsterdam Community