Berichten

Stadslandbouw is in Nederland bezig aan een opmars

Stadslandbouw is in ons land bezig aan een opmars, daar is geen twijfel over mogelijk, zeggen experts van de universiteit van Wageningen. Ook in Limburg wint deze vorm van duurzame teelt – al is het kleinschalig – terrein. „Het voedt ons fysiek én mentaal.”

Het staat wel onomstotelijk vast dat (kleinschalige) stadslandbouw in ons land aan een sterke opmars bezig is. „Mensen zijn bewuster bezig met wat ze eten en waar het vandaan komt, geholpen door de voedselschandalen die we de afgelopen jaren gekend hebben.”
Cijfermateriaal over de grootte van de branche ontbreekt (nog). Maar afgezet tegen de reguliere tuin- of landbouw is de groei van stadslandbouw marginaal als je het puur economisch bekijkt. „Kijkend naar de branche is de groei geweldig hard gegaan”, zegt Jansma.
Samengevat is stadslandbouw een containerbegrip voor veelal kleinschalige, vaak innovatieve vormen van duurzame voedselen landbouwsystemen die in of rondom een stedelijke omgeving te vinden zijn. Variërend van balkon- of dakmoestuinen in het hartje van de stad, volkstuincomplexen tot professionele stedelijke voedselproductie en voedselverwerking aan de rand van de stad (denk aan LOCOtuinen in Maastricht).
Kernwoorden zijn: duurzame (biologische/ecologische) productie, korte lijnen tussen telers en afnemers waardoor je lange transportlijnen (zoals boontjes uit Afrika) en daarmee CO2-uitstoot voorkomt, eerlijke (kostendekkende) prijzen voor de boer of teler. Jansma: „Je ziet vaak dat mensen uit ideologie een project starten en vaak geen land- of tuinbouwachtergrond hebben.
Een voorbeeld daarvan is Rotter- Zwam, ondernemers die in het voormalige Tropicana-zwembad in Rotterdam oesterzwammen kweken op koffiedrab.”
Een rondgang in Limburg leert dat er al vele tientallen stadslandbouwinitiatieven bestaan. De diversiteit is ook in onze provincie groot. Van community supported agriculture (CSA) tot particuliere moestuinen. Een vorm van CSA is zelfoogsttuin De Vrije Akker van Moniek van Hirtum (zie verhaal rechts). Hierbij verbindt een gemeenschap (een groep burgers) zich aan een tuinder. Bij de een hoort zelf oogsten tot de mogelijkheden, bij de ander komt het eten in de vorm van voedselboxen wekelijks binnen bij de consument.
Een goed overzicht – op gemeenteniveau – biedt Maastricht via het onlineplatform Groen-Maastricht. com met een overzicht van circa vijftig initiatieven. Jansma: „Stadslandbouw is een mooie aanvulling op de reguliere land- en tuinbouw. Die twee kunnen van elkaar leren. Het is ook niet de intentie van stadslandbouw- initiatieven om steden volledig van voeding te voorzien. Het is de combinatie dat het ons fysiek, maar ook mentaal voedt en dat je werkt aan een groenere, duurzamere omgeving. Dat inspireert en zorgt voor groei.”
bron: limburger.nl

NatuurSUPER: Vijf jaar buurtuinen en stadslandbouw

Met 828 initiatieven* waarvan er de meeste ouder zijn dan twee jaar, lijkt de hype rondom buurttuinen, samentuinen en stadslandbouw voorbij. De groei naar volwassenheid confronteert de tuinen met nieuwe uitdagingen. Gemeenten en subsidieverstrekkers vragen naar verdienmodellen om financieel onafhankelijk te
worden. Maar ook spelen communicatie en behoud van vrijwilligers een belangrijke rol in de professionalisering van de tuininitiatieven. Tijdens SUPERfood, een mini conferentie op 25 oktober en georganiseerd door NatuurSUPER en IVN, werd stilgestaan bij deze vragen.
De meeste buurttuinen en stadslandbouw initiatieven zijn de periode van kinderziektes voorbij. Buurten, gemeenten en andere instellingen kennen het belang en de noodzaak voor een buurttuin of stadslandbouw initiatief. Maar met de groei naar volwassenheid, komen andere vragen op. Als ondersteuner en adviseur voor buurttuinen heeft NatuurSUPER de afgelopen twee jaar veel gedaan om deze vragen helder te krijgen. In de aanloop naar de conferentie SUPERfood, werd er in de zomer van 2015 al een enquête gehouden onder 47 tuin initiatieven waarbij ‘geld’, ‘communicatie’ en ‘behoud van mensen’ werd aangegeven als uitdagingen.
Tijdens de conferentie SUPERfood werd een poging gedaan om een antwoord te geven aan de behoeften van de tuinen. Deelnemers gingen met elkaar in gesprek tijdens de co-creatie sessies die geleid werden door experts uit de (stads) landbouw en onderwijs. Tijdens de avond werd inzicht gegeven in de posities en belangen van gemeenten. Ook was het voor veel tuinen de eerste keer dat ze met andere initiatieven in contact kwamen. Er werden veel ideeën uitgewisseld en praktische tips gegeven.
De belangrijkste punten:
• Besteed net zoveel aandacht aan de zakelijke kant als voor mensen en grond.
• Geduld hebben met je tuin, laat het seizoensgewijs groeien.
• Ben je bewust van je meerwaarde en toon dit.
• Geef je vrijwilligers de ruimte voor eigen initiatief.
Marije van der Park licht toe: “De SUPERfood avond was een waardevolle afsluiting van een dynamische periode voor de NatuurSUPER. Het was mooi te zien dat er zoveel behoefte was bij de tuinen om kennis en inzichten te delen. Het is van belang dat de tuinen zich op een of andere manier verenigen.” Ook roept Marije de gemeente ambtenaren op om het proces voor deze groene burgerinitiatieven te vereenvoudigen. De formulieren en loketten maken het voor de initiatieven niet gemakkelijk. “Iedereen heeft zijn eigen specialisme. Ga met elkaar om de tafel en bespreek de plannen! Zo ga je uit van de expertise van iedere belanghebbende en kom je makkelijker tot een resultaat!” Met het DoeHetZelf Stappenplan van NatuurSUPER kun je een op een eenvoudige manier door alle stappen van wens naar werkelijkheid komen. De afstemming met omgeving en deze in kaart brengen is daar een belangrijk onderdeel van.
NatuurSUPER bestaat zelf in 2016 vijf jaar. Een mooi moment om de balans op te maken. Ze zal de komende maanden gaan gebruiken om te reflecteren op hun bestaan en hoe ze de toekomst verder gaan invullen. In 2016 wordt er nog een onderzoek met IVN en de Universiteit van Wageningen afgerond waarbij de toekomst, kansen en mogelijkheden van buurtmoestuinen en stadslandbouw in kaart wordt gebracht. Het DoeHetZelf Stappenplan voor nieuwe tuin initiatieven is nog tot eind december 2015 te koop!

De groene stad blijkt beste bijenbiotoop

Al 30 jaar houdt hij zich bezig met de wondere wereld van de bij. Een wereld die voor hobby-imker Steven Kluft weinig geheimen meer kent en waar hij moeiteloos een paar uur gefascineerd over door kan praten. Steven vertelt ons hoe het staat met de bij en waarom de bij zich eigenlijk zo op zijn gemak voelt in de bebouwde omgeving.
Een soort die je er wel bij kunt hebben
Dat het niet zo goed gaat met de bij, begint zo langzamerhand wel door te dringen. Daar waar op het platteland monocultuur heerst (weinig bloemen) en pesticiden gebruikt worden, hebben de bijen weinig meer te zoeken. Maar, in de stad des te meer! En dat zou wel eens de redding van de bij – en daarmee die van ons zelf- kunnen zijn, vertelt Steven. Huh? Steven legt uit: ‘De voedselketens op aarde leven in een bijzonder kwetsbaar evenwicht. Op het moment dat er één schakel tussenuit valt, komt de hele kringloop in gevaar. En dat is precies wat er gebeurt, wanneer er geen bijen meer zouden zijn. Denk maar even mee: (wilde) bijen zorgen voor de bestuiving van meer dan 75% van onze landbouwgewassen (groente, fruit, zaadveredeling), waarmee zij in feite ons voedsel veilig stellen. Daarnaast voeden vogels en andere dieren zich weer met insecten zoals de bij. Zonder die insecten kunnen onvoorziene reacties,zoals vogelsterfte, plaatsvinden waardoor andere dieren vrij spel krijgen en zich op de oogst (ons voedsel!) storten. Kortom, we hebben de bij hard nodig.’
Wat kunnen wij dan doen voor de bij?
Wij kunnen de bijen, hommels en andere insecten een handje helpen bij het uitvoeren van hun belangrijke taak. En dat is door rekening met hen te houden bij het inrichten van onze steden en dorpen. Steven: ‘In de komende jaren zullen de steden steeds verder groeien. We moeten denken vanuit de behoefte van de bij. En wat wil die bij? Die is op zoek naar zo veel mogelijk verschillende bloeiende planten, struiken en bomen waar zij nectar en stuifmeel uit kan halen. Gemeenten, leg dus die vaste-planten perken aan, met lekker veel bloemen! En let er bij het aankopen van nieuwe bomen op dat ze in verschillende perioden bloeien. Maar ook particulieren kunnen de bij steunen door een bloeiende tuin aan te leggen. Wip eens zo’n saaie stoeptegel uit je tuin, plant er een meidoorn of een vlier en de bijen zullen je zeer dankbaar zijn.’
Hoe zie je de toekomst voor de bij?
‘Het is mooi dat er de laatste tijd veel aandacht is voor het onderwerp. Nadat er vorig jaar een schokkend rapport uitkwam over bestrijdingsmiddelen en bijensterfte, zie je dat ook in politiek Den Haag de boodschap is doorgedrongen dat we de bij niet verloren mogen laten gaan. Waar ik zelf nog kansen zie, is in het bedrijfsleven. Sommige organisaties hebben reeds het licht gezien en zetten zich actief in voor een duurzame wereld. Een goed voorbeeld waar ik zelf mee te maken heb gehad, is bierbrouwer Heineken. Dat bedrijf heeft zich het lot van de bijen actief aangetrokken en zijn bedrijfsterreinen zo veel mogelijk ingericht met bloemrijke perken en bijenstations. Een voorbeeld dat wat mij betreft mag worden opgevolgd!’
Oh ja, en denk je nou ‘Bijen, daar heb ik niets mee. Ze zitten in je bier en ze steken’: Fout, dat zijn wespen!

Moestuindak met een view

Wie op de stoep voor NH hotel Barbizon Palace staat, kan niet vermoeden wat voor geheime groene plek zich zes verdiepingen boven hem bevindt. Bovenop het dak van dit chique hotel bevindt zich een imposante groeten-en kruidentuin met uitzicht over het centrum van Amsterdam. De daktuin werd aangelegd door de Dakdokters.
De Dakdokters, volgens eigen zeggen ‘expert op het gebied van groendaken, dakterassen en duurzame dakbedekking’, werden door chef Chris Naylor van het aanpalende Restaurant Vermeer benaderd of zij eens na wilden denken over de mogelijkheden voor een dakmoestuin op het Barbizon Hotel. En, het resultaat mag er wezen. In de daktuin staan ongeveer 15 gewassen van kruiden en groenten met daarnaast nog 20 vrijstaande planten. Kruiden en groenten die te vinden zijn in de tuin: basilicum, aardbeien, muntsoorten, pimpernaal, kerrieblad, radijsjes, diverse soorten tijm, kruisbessenstruik, bieten, kropsla, venkel, snijbiet, peterselie, druif, snijbiet, bietjes, jonge ui, prei, olijfkruid. Ook vinden we een appelboompje, een perenboompje en een frambozenstruik. De chefs van Vermeer kunnen dus dagelijks de verse groenten en kruiden oogsten die nodig zijn voor het menu van die dag. Na de oogst worden de planten weer vervangen door nieuwe.
Het dak is gesitueerd op de 6e verdieping van het hotel en is 70 m2 groot. 45 m2 van het dak bestaat uit een ingenieus watersysteem, dat is ontwikkeld door Visser Horti Systems en luistert naar de naam ‘Rooffood’. Het idee achter ‘Rooffood’ is om op grote schaal groenteteelt op stadsdaken mogelijk te maken. Het eetbare dak van het Barbizon Palace Hotel is dan ook een mooie showcase voor dit concept.
Leuk detail is dat Chef Chris Naylor de afgelopen 2 jaar is opgeleid tot imker. Op de 5e etage van NH Barbizon Palace bevinden zich 3 bijenkasten met Buckfast bijeen, waaruit dit jaar naar verwachting 70 kilo honing uit geoogst kan worden. De honing die gebruikt wordt in Restaurant Vermeer is dus van eigen makelij. Ook worden de honingraten geserveerd bij het ontbijtbuffet in het hotel. Vers uit eigen stad!
Ook groenten op je (hotel)dak kweken? Hier acht tips van Misset Horeca.
 

Groente oogsten op het dak van kantoorgebouw Schieblock

Ondanks een paar groene vlekken op de plattegrond, zoals het Kralingse Bos, Blijdorp en het Zuiderpark, staat Rotterdam toch niet echt bekend als een groene gemeente. Maar toch doen de stad en haar inwoners er alles aan om het stedelijk groen ook in deze echte werkstad een kans te geven. Bijvoorbeeld: waar in de Randstad vind je het eerste ‘oogstbare’ stadsdak, waar groente, fruit en kruiden worden verbouwd en honingbijen een prettig onderkomen vinden? Precies, in Rotterdam, bovenop het kantoorgebouw Schieblock is al in 2012 de DakAkker aangelegd.
Een interessant aspect van de DakAkker is, dat dit groene dak nadrukkelijk is bedoeld als proefopstelling, om te experimenteren met de verschillende mogelijkheden van groene daken.
De DakAkker bovenop het Schieblock maakt deel uit van het Stadsinitiatief de Luchtsingel, uitgedacht door architectenbureau ZUS. Die Luchtsingel is een houten ‘luchtbrug’, bijna 400 meter lang, waarover men kan lopen van Rotterdam Noord en het Centraal Station naar het vroegere station Hofplein. De Luchtsingel is een poging om nieuw leven te brengen in het gebied rond dat voormalige station, dat sinds het vertrek van het spoor er nogal grauw en verlaten bij lag, met lege kantoren en een verwaarloosde buitenruimte.
De DakAkker was een idee – een van de ideeën – van de architecten van ZUS (Zones Urbaines Sensibles; Verstandige Stedelijke Gebieden) in het kader van de Luchtsingel. Het enige andere oogstbare stadsdak van deze omvang is te vinden in New York. De Rotterdamse versie is ontwikkeld in samenwerking met het Rotterdams Milieucentrum en uitgevoerd door Binder Groenprojecten in Poortugaal.

Vredestuin in hartje Rotterdam

In hartje Rotterdam is recent een nieuwe buurtmoestuin van start gegaan. De tuin heet de Vredestuin en ligt in het Park Pompenburg, waar de Luchtsingel van bureau ZUS op uit komt. In de buurttuin wordt getuinierd, samen gegeten en er worden workshops en themadagen georganiseerd om samen beter te worden in het zelf verbouwen van groenten, aardappels, fruit, bloemen, nootjes enzovoort. De oogst gaat naar de deelnemers en naar opvang- en armoedebestrijdingsorganisaties zoals de voedselbank en de Pauluskerk.
Er is al een mooie diverse haag aangeplant, vol met planten die voedsel en habitat bieden voor vogels, insecten, bijen én mensen (behalve habitat dan). Voordat er gezaaid gaat worden wordt de tuin nu eerst goed aangelegd. Dat betekent om te beginnen verhoogde plantbedden maken, paadjes graven en vullen met houtsnippers en veel compost toevoegen. Om het onkruid dat nu nog in de plantbedden groeit te onderdrukken wordt onder de compost een aaneengesloten laag van kranten en karton gelegd. Hier kan het onkruid niet doorheen groeien, en het papier en karton verteert weer na verloop van tijd.
Op vrijdag van 10.00 tot 14.00 uur en op zondagmiddag van 14.00 tot 17.00 uur zijn er vaste werkmomenten waar iedereen aan mee kan doen. Meer informatie vind je hier en hier.
Bron: De Havenloods Noord

Enquête naar behoefte landelijk netwerk stadslandbouw

Samen met Duurzaam Door verkent het Stedennetwerk Stadslandbouw of allen die betrokken zijn bij stadslandbouw behoefte hebben hun kennis en ervaring te delen. En zo ja, hoe. Gesprekken en bijeenkomsten met betrokkenen zijn onderdeel van deze verkenning, evenals een online enquête. De uitkomsten van deze verkenning worden dit najaar bekendgemaakt..
Er is behoefte professionalisering, maar met behoud van de eigenheid en dynamiek. Onder de noemer van contouren Kennisknooppunt Stadslandbouw verkent het netwerk nu wat de kennisbehoefte is voor deze volgende stap.
De online enquête is te vinden op de website van het Stedennetwerk Stadslandbouw.
bron: Stedennetwerk Stadslandbouw

Postzegelparken voor een leefbare buurt

Een postzegelpark is een klein, aantrekkelijk onderdeel van de openbare ruimte in de buurt of wijk. Zo’n parkje kan verschillende vormen aannemen. Zo zijn er postzegelparken met moestuintjes, maar ook met een squashveld of openluchtbioscoop. Een ding hebben ze allemaal gemeen: het zijn plekken die uitnodigen om te verblijven, elkaar te ontmoeten en samen activiteiten te ondernemen. Het initatief is in 2010 opgezet door de Stichting Postzegelparken. Inmiddels zijn er in de Indische Buurt in Amsterdam-Oost enkele postzegelparken aangelegd.
Burgerparticipatie in het groen
Uitgangspunt bij het realiseren van een postzegelpark is dat de bewoners zelf de verantwoordelijkheid nemen voor het beheer en het onderhoud van het parkje. In tijden van bezuinigingen op aanleg en onderhoud van openbaar groen, worden dit soort projecten dan ook toegejuicht door gemeenten. Enerzijds worden braakliggende terreinen omgetoverd tot groene stekjes in de stad en anderzijds raken buurtbewoners meer betrokken bij de wijk én elkaar.
Een mooi voorbeeld is Buurttuin Valentijn op de hoek van de Kramatweg en de Valentijnkade. Waar eerst een verloren stukje groen lag waar junks rond hingen, is nu een prachtige vlindertuin aangelegd waar ook nog fruitbomen groeien.
 
Voor meer informatie over de stichting Postzegelparken, zie www.postzegelparken.nl

4 juni: Dag van de Stadslandbouw

Na 3 eerdere edities in Almere (2012), Rotterdam (2013) en Utrecht (2014), is de Dag van de Stadslandbouw uitgegroeid tot hét toonaangevende, landelijke vakevenement op het gebied van stadslandbouw en stadsgerichte landbouw in Nederland.

Tijdens dit Nationale Platform gaan zo’n 400 deelnemers (stadsboeren, overheden, markt- en ketenpartijen, kennisinstellingen) in op de vraag hoe stadslandbouw kan inspelen op de behoeften van ondernemers, de stad en haar bewoners.

Dag van de Stadslandbouw editie 2015: IEDEREEN BOER?!

‘s-Hertogenbosch treedt op als gaststad van de Dag van de Stadslandbouw 2015, waarbij de excursiedag op woensdag 3 juni en het congres op donderdag 4 juni plaatsvindt. De publieksdag, waar stadslandbouw initiatieven overal in het land zich kunnen presenteren, is op zaterdag 6 juni.
‘IEDEREEN BOER?!’ is het motto van dit jaar, wat verwijst naar innovatieve, ‘out-of-the-box’ dwarsverbindingen die maken zijn tussen stadslandbouw en zorg, welzijn, onderwijs, agri-food en stedelijke ontwikkeling. De volgende hoofdthema’s staan hierbij centraal:

  • Verbinden stad-platteland
  • Gezondheid, participatie en welzijn
  • Nieuwe verdienmodellen
  • Nieuwe markten
  • Sociaal ondernemerschap

Het programma wordt dit jaar tot stand gebracht in samenwerking met PURE Hubs, de gemeente ‘s-Hertogenbosch, de Provincie Noord-Brabant, ZLTO, het Ministerie van Economische Zaken, Wageningen UR, Platform31 en diverse partners en sponsoren.
Idee en ontwikkeling is van B2B productions te Almere.

Een veelzijdig en hoogwaardig programma

Kenmerken van de Dag van de Stadslandbouw zijn o.a.:

  • keuzemogelijkheid voor ochtend- (beleidsmakers) en/of middagprogramma (ondernemers, initiatiefnemers);
  • een uitgebreide keuze aan deelthema’s in ca. 24 werk- en inspiratiesessies;
  • diverse gezaghebbende (internationale) keynote sprekers (met verdieping in de sessies);
  • een exclusieve bestuurdersconferentie voor burgemeesters, wethouders en bestuurders uit de sectoren food, agro en stedelijke ontwikkeling;
  • een informatiemarkt en een streeklunch, waar lokale producenten hun producten kunnen presenteren;
  • verkiezing en uitreiking van de ‘Rabo Stadslandbouw Award’ (een stimuleringsprijs voor ondernemers);
  • een excursieprogramma op woensdag 3 juni naar een reeks stadslandbouw projecten in Noord-Brabant;
  • een publieksdag op zaterdag 6 juni, met publieksactiviteiten in en rond diverse steden in het land.

Bestemd voor een brede doelgroep

De Dag van de Stadslandbouw is zowel interessant voor ervaren professionals, als voor hen die zich oriënteren en zich afvragen wat het thema voor hun werkpraktijk kan betekenen.
Er worden ca. 400 deelnemers verwacht afkomstig uit:

  • ‘Stadsboeren’, agrarisch ondernemers, groene burgerinitiatieven en overige partijen die actief zijn of initiatieven overwegen;
  • Bestuurders en ambtenaren namens gemeenten, provincies en regioverbanden (zoals waterschappen)
  • Woningcorporaties, projectontwikkelaars en bouwbedrijven;
  • Onderwijs- en opleidingsinstellingen voor land- en tuinbouw, groene ruimte en (stads)ecologie;
  • Zorg- en welzijnsinstellingen, zorgverzekeraars en overige organisaties op het gebied van gezondheid, welzijn en voeding;
  • Ketenpartijen in de agri-food sector (groothandel, retailbedrijven, cateraars, restaurants), toeleveranciers (o.a. technologie);
  • Hoveniers en groenvoorzieners;
  • Architecten, landschapsarchitecten, stedenbouwkundigen en planologen; onderzoek- en adviesbureau’s.

Dag van de Stadslandbouw Expertpanel

Om de inhoudelijke kwaliteit van de dag te waarborgen, bestaat er een expertpanel met hierin zitting hebbend een aantal deskundigen uit de dagelijkse praktijk van voedsel, groen en stedelijke ontwikkeling.
Enkele leden van dit panel zijn:
Paul Bringmann (oprichter La Place, deputy CEO V&D Group)
Maarten Fischer (vm. secretaris Taskforce Multifunctionele Landbouw)
Annemieke Fontein (hoofd landschapsarchitectuur, Gemeente Rotterdam)
Bas de Groot (stadslandbouw pionier)
Joris Lohman (Jongerenvertegenwoordiger Slow Food Int.)
Jan-Willem van der Schans (onderzoeker WUR)
en Roel Vollebregt (directievz. AM).

Deelname bezoekers

De kosten voor deelname aan de Dag van de Stadslandbouw (congres 4 juni) bedragen € 75,- voor het dagprogramma en € 50,- voor het ondernemersprogramma.
De kosten voor deelname aan het excursieprogramma op 3 juni bedragen € 50,-
(Alle prijzen zijn excl. btw per persoon en op basis van vroegboektarief).
Deelname aan de publieksdag is gratis.

Smaakmakers: boeren in de stad

Met het mooie weer voor de deur, zie je her en der in de stad de eerste moestuintjes alweer groener worden. De laatste jaren is gezamenlijk moestuinieren in de stad, hipper gezegd ‘urban farming’ een steeds grotere trend gaan worden. Vorig jaar verscheen er een prachtig boek ‘Smaakmakers: boeren in de stad’, waarin we zes Amsterdamse stadsboeren volgen door alle vier seizoenen in hún moestuin.
Makers van het boek Hannie van den Bergh, Ellen van den Berg en Lotte Clerkx wilden met hun boek laten zien wat stadslandbouw doet met mensen, wat gezamenlijke stadsmoestuinen doen met buurten en hoe bewoners zelf hun stad groener, duurzamer en smaakvoller kunnen maken.
In het boek lezen we alles over de zegeningen maar ook over de plagen van het (moes)tuinieren. Wan hoe ga je om met tuindersproblemen als slakken en konijnen die huishouden in je tuin? Volgens Debra Solomon, stadsboer in DemoTuinNoord, mag gif nooit een optie zijn: ‘De beste pesticide is de schaduw van de tuinder’, zo luidt haar motto.
Maar gelukkig overheersen de mooie momenten, zoals de zomerse vrijdagmiddagen in de ACTA tuin in Amstedam Nieuw-West. Annet van Doorn: ‘Dan legden we een groot laken op de grond , met alle oogst van de werkmiddag erop, en werd de oogst verdeeld.’
Tenslotte zijn er in het boek ook een aantal groene tips opgenomen, waaronder deze van tuinder Ellen Mookhoek: ‘De tuinboon is de perfecte plant voor alle locaties, hij is ‘idiot-en hufter-proof’. Je hoeft er niet zo veel van af te weten, hij lukt gewoon meestal.’
 
Smaakmakers: boeren in de stad, Ellen van den Berg, Hannie van den Bergh, Lotte Clerkx
ISBN 978-90-822153-0-4
NUR: 758
www.studio-hb-nl
www.smaakmakers.me