Berichten

Helmonders die een groen dak op hun huis willen plaatsen, kunnen daarvoor geld krijgen. De gemeente Helmond stelt jaarlijks 25.000 euro hiervoor beschikbaar.
Dat doet zij, omdat groene daken bijdragen aan een duurzaam karakter van de stad. Helmond wil in 2035 klimaatneutraal zijn.
Isolatie
Op een groen dak is beplanting aangebracht die bestaat uit bijvoorbeeld mossen, vetplanten of gras. Door de begroeiing is een huis beter geïsoleerd. Ook neemt het groene dak water op, waardoor minder regen in het riool belandt. Daarnaast draagt het groen bij aan het terugdringen van co2 in de lucht en de opwarming van de omgeving.
Rioolbelasting
Groene daken zijn te koop als geprepareerde zoden of kant-en-klare systemen. Helmonders kunnen maximaal de helft van de kosten van hun groene dak terugkrijgen van de gemeente. Helmond betaalt de regeling vanuit de rioolbelasting, omdat groene daken direct effect hebben op het functioneren van het riool.
bron: ed.nl

Het energielabel voor woningen is inmiddels ingeburgerd. Maar een waterlabel? De gemeentes Den Haag, Rotterdam en Amsterdam beginnen na de zomer met een proef waarbij huiseigenaren zo’n waterlabel kunnen aanvragen. Een label A-woning houdt regenwater langer vast, waardoor het riool minder te verstouwen krijgt en wateroverlast binnen de perken blijft.

Het klimaat verandert en daardoor krijgen we vaker te maken met heftige regenbuien. Het KNMI voorspelt dat het aantal dagen waarop er meer dan 20 millimeter water uit de lucht valt, groeit van 5 dagen per jaar nu, naar 8 dagen in 2100. En dat betekent dus vaker natte voeten en ondergelopen kelders. Steden hebben daar extra veel last van omdat deze in rap tempo verhard zijn. Overal liggen tegels, asfalt en daken waar het regenwater niet doorheen kan.
Om hier verandering in te brengen hebben de drie grote gemeentes in samenwerking met wetenschapscentrum Waag Society en wateradviesbureau Nelen & Schuurmans het waterlabel ontwikkeld. Dat label geeft aan hoe goed een woning in staat is om regenwater vast te houden en daardoor het plaatselijke riool te ontlasten. Bewoners krijgen bij dit label in eerste instantie een indicatief label – net als bij het energielabel – dat is opgesteld op basis van bestaande bronnen zoals luchtfoto’s en gegevens uit het Kadaster. Bewoners kunnen hun label vervolgens opwaarderen met maatregelen zoals een groen dak, een regenton of een geveltuintje.
Het waterlabel is vooralsnog geen verplicht label, zoals het energielabel dat wel is, maar vrijwillig en vooral gericht op bewustwording. Bewoners kunnen hun woning met zo’n label makkelijker vergelijken met die van hun buren. De verwachting is dat het hen vervolgens ook aanzet tot het nemen van ‘waterbestendige’ maatregelen. Het ministerie van Infrastructuur en Milieu is nog niet officieel betrokken bij het waterlabel, maar volgt het project volgens de initiatiefnemers wel met grote interesse.
bron: BNR

De Hogeschool van Amsterdam en de Knowledge Mile openden donderdagmiddag officieel het ‘Daklab’, een groen dak op HvA-locatie Benno Premselahuis aan het Rhijnspoorplein. In deze daktuin wordt ‘rooffood’ verbouwd en zijn sensoren aangebracht om onder andere zonlicht, temperatuur en bodemvochtigheid te meten. Studenten en vmbo-leerlingen gaan er daarnaast onderzoek doen naar planten.
Groene daken en Amsterdam
Groene daken zijn hard nodig om Amsterdam klimaatbestendig te maken. De stenen stad is niet uitgerust op de hittestress en hoosbuien, die het gevolg zijn van klimaatverandering. Een groen dak zorgt voor verkoeling, werkt als ‘waterbuffer’ en draagt bij aan de biodiversiteit. Daarnaast neemt het (fijn)stofdeeltjes en CO2 op.
Buitenplek voor iedereen
Aan de Wibautstraat werd donderdag zo’n groen dak officieel geopend: het Daklab, op de vierde verdieping van onderwijslocatie Benno Premselahuis. ‘Meestal zijn groene daken niet toegankelijk, waardoor bewoners er niet eens vanaf weten,’ legt projectmanager Maarten Terpstra uit van de HvA en het Amsterdam Creative Industries Network (ACIN). ‘Dit Daklab wordt juist een buitenplek voor iedereen die wil experimenteren met groenvoorziening en innovaties voor daken.’
Thee en data oogsten
Op het Daklab ligt het CO2-opnemende mineraal olivijn, dat eruitziet als groen zand en door de aarde gemengd zit. Als ‘rooffood’ worden nu drie soorten munt verbouwd, die door de medewerkers en studenten in het gebouw wordt gebruikt voor muntthee. Komend studiejaar gaan studenten van de lerarenopleiding Biologie samen met vmbo-leerlingen onderzoek doen naar plantjes. Studenten van de opleiding Communication and Multimedia Design (CMD) zijn ook betrokken bij het Daklab met een project om de bijenpopulatie te beschermen. Groene daken trekken namelijk bijen en vlinders aan.
Daklab
‘Naast thee oogsten we ook data’, zegt Maarten Terpstra. Studenten van de minor Intelligent Environments hebben op het Daklab sensoren aangebracht die zonneschijn, temperatuur en de grondvochtigheid registreren. Ook worden beelden van het dak vastgelegd. Zo kunnen de studenten onder andere het verschil in temperatuur meten tussen het begroeide en onbegroeid dak. Bij hitte kan de temperatuur van een plat dak wel oplopen tot 70 graden, bij een begroeid dak blijft de temperatuur naar verwachting rond de 37 graden. Lector Jeroen Kluck van de HvA doet onderzoek naar hittestress en is daarom ook betrokken bij het Daklab.
Amsterdam Rainproof werkt mee
Amsterdam Rainproof is partner van het Daklab. Groenvoorziening is namelijk essentieel voor afwatering in de stad, en zorgt ervoor dat het riool niet overloopt. Aangezien 40 procent van het Amsterdamse oppervlak dak is, is dit bij uitstek de plek om Amsterdam regenbestendig te maken.
Samenwerking en realisatie
Het Daklab is een samenwerking tussen de Hogeschool van Amsterdam, Rainproof en de Knowledge Mile. De realisatie is in samenwerking met DakDokters, Grown Down Town en greenSand. Bij de opening van het Daklab op donderdagmiddag werden de aanwezigen getrakteerd op het een experiment met regenwater door MediaLAB-studenten, namelijk het met regenwater gebrouwen bier Hemels Water.
bron: duurzaam-actueel.nl

Onderzoek naar hittebestendige boomrassen
Wie zich dagelijks bezighoudt met ‘groen’, ‘De Groene Stad’ en de strijd tegen de verstening van het (relatief) schaarse groen in de Europese steden, zou soms bijna denken dat zijn boodschap ‘Groen Moet’ nu toch zo langzamerhand wel overal is doorgedrongen. Toch is dat in de praktijk nog niet overal het geval. Men hoeft maar om zich heen te kijken in willekeurig welke Europese stad om te beseffen dat, naast verkeer, ‘bouwen’ de meest in het oog springende menselijke activiteit is. Gemeentebesturen zouden in de komende jaren veel meer aandacht aan aanleg en onderhoud van groen moeten geven.
Bomen bedreigd
Daarom is het goed regelmatig de website van de Landbouwuniversiteit Wageningen te raadplegen: dat is een instelling die zich werkelijk, actief en op wetenschappelijk niveau inzet voor een groenere stad. Praktijkonderzoek Plant & Omgeving (PPO) zoekt concreet naar bomen die bestand zijn tegen de steeds extremere weersomstandigheden waar wij onder andere in Europa mee te maken hebben.
Dat is een urgent vraagstuk, want men heeft vastgesteld dat enerzijds de noodzaak van ‘meer groen’ in de stad steeds urgenter wordt, terwijl anderzijds het gevaar bestaat dat de klassieke West-Europese bomen het op termijn laten afweten vanwege de klimaatverandering. Toenemende hitte, maar ook extremere weersomstandigheden zoals hevige buien en zelfs periodes met strenge vorst bedreigen onze bomen.
In Zuidoost-Europa zijn de mensen van PPO opzoek naar varianten van de bij ons bekende eik en esdoorn, die onder meer beter bestand zijn tegen het extreme weer dat we in onze streken steeds vaker zullen moeten meemaken. Het onderzoek heeft niet alleen betrekking op de hittebestendigheid van de Zuid-Europese bomen, maar ook op de eventuele risico’s  van de introductie van in onze streken nog onbekende ziekten en plagen.
Groene daken en gevels
Naast ‘meer bomen in de stad’ blijft ook de strijd voor groene gevels en daken vragen om aandacht. Groene gevels en daken helpen bij het bestrijden van wateroverlast – ze nemen water op, dat anders linea recta in de soms overbelaste riolen verdwijn. Bovendien helpt, zoals bekend, een groene omgeving bij het dempen van temperatuurschommelingen.

Visienota Leenders-Jacobi over ‘Groen en water in de stad’
Op 1 juli presenteren de Tweede Kamerleden Henk Leenders en Lutz Jacobi (beiden PvdA) hun visienota ‘Groen en water in de stad’ aan de  pers en belangstellenden in Rotterdam. De strekking: dankzij vergroening van de stad een leefbare en gezonde leefomgeving, meer biodiversiteit en beter waterbeheer creëren. Kort voor de afronding van de nota bezochten wij Henk Leenders op zijn werkkamer in het Tweede Kamergebouw voor een interview met ‘De Groene Stad’.
henkie
U bent woordvoerder natuur en landbouw, kunt u kort uitleggen wat die functie inhoudt?
‘Binnen de PvdA houd ik mij bezig met de groene agenda: natuur- en landbouwbeleid.  Daar kan ik veel aandacht aanbesteden, ook al omdat de PvdA-fractie behoorlijk groot is.
Met Lutz Jacobi, die zich binnen de fractie zich onder meer bezighoudt met het onderwerp ‘water’,  heb ik het afgelopen jaar hard gewerkt aan een nota om onze visie op groen en water in de stad beter naar buiten te brengen. Hij kan binnenkort worden afgerond na de laatste consultatie van ondermeer  Staatsbosbeheer, Natuurmonumenten, brancheorganisatie VHG, Tuinbranche Nederland, Natuur- en milieuorganisaties en andere grote partijen. Tijdens het produceren van deze nota hebben wij zoveel mogelijk alle stakeholders bij onze ideeën willen betrekken.
Zo’n nota kan ervoor gaan zorgen dat ‘groen in de stad’ nog hoger op de politieke agenda komt te staan. Hij biedt handvatten aan vier verschillende bestuurlijke lagen, de rijksoverheid, provincies, gemeenten en waterschappen, om groen nog sterker te betrekken bij hun beleid. Met de nota gaan we in de Tweede Kamer  bewindslieden vragen om aan de slag te gaan met een aantal voorstellen die wij in die nota hebben verwerkt. Op deze manier willen wij, als PvdA, het belang van groen hoger op de agenda zetten en het bewustzijn van het belang voor groenere steden versterken.’
Kunt u iets zeggen over de omvang van de uitdaging waar we voor staan?
‘Om een voorbeeld te noemen. In Nederland hebben we 400 km2 – dus ongeveer 600 voetbalvelden – aan plat dak op bedrijfsgebouwen, overheidsinstellingen en andere gebouwen. Deze daken zijn veelal met bitumen bedekt omdat dit goedkoop en snel is. Stel je eens voor dat daar groene daken van gemaakt worden! Groene daken en groene gevels zorgen voor betere waterregulatie. Na een zware storm nemen zij regenwater op waardoor er minder overstromingen voorkomen. Daarnaast zorgen zij voor de afname van Co2 en toename van zuurstof in de stedelijke atmosfeer. Groene daken en gevels zijn een oplossing voor allerlei problemen waar wij in steeds grotere mate mee te maken krijgen.’
Waarom gebeurt het dan nog niet overal?
‘Het probleem voor bedrijven en andere instanties is het feit dat de bouw van groene daken hogere kosten met zich meebrengt dan het gebruikelijke bitumen dak. Daarom moeten wij vooral de maatschappelijke voordelen van groene daken en gevels benadrukken en kijken naar mogelijkheden voor, bijvoorbeeld, fiscale stimulansen voor bedrijven en particulieren die groene daken overwegen. Denk aan vermindering van de OZB of aan subsidies, zoals Amsterdam kort geleden heeft ingevoerd. Het gaat erom dat we de maatschappelijke baten van groene daken en gevels inzichtelijk en rendabel maken. Ons doel is om met zo min mogelijk regels zoveel mogelijk groen te stimuleren. Maar het gaat niet alleen om overheidsmaatregelen, ook onder de burgers moeten we het draagvlak voor ‘groen in de stad’ versterken. Burgers moeten zelf meer actie ondernemen om hun stad groener te krijgen. Dat kan door bijvoorbeeld een privetuin natuurlijker in te richten, Minder tegels en meer bloemen en struiken dus.’
Toch gebeurt er in Nederland al het een en ander op het gebied van ‘groen in de stad’.
‘Er zijn in Nederland allerlei prachtige, vaak kleinschalige, initiatieven voor meer groen in de stad die oplossingen bieden voor het waterprobleem in onze steden. Een goed voorbeeld daarvan is de prachtige StadsTuinderij Piushaven, in Tilburg, die groene initiatieven en moestuinen in de wijken ondersteunt. Zo kunnen mensen actief deelnemen aan diverse werkzaamheden, op afwisselende locaties en met mede-vrijwilligers van verschillende komaf. Een schitterend project, relatief ‘klein’ en heel geschikt voor kopiering op andere plaatsen in het land. Ik zou dat toejuichen.
Wij willen met onze nota het belang van dit soort initiatieven benadrukken, er een grotere stem aan geven, als het ware. Verder willen wij aangeven dat je juist dit soort initiatieven een grote plek moet geven in je beleid. Van landelijk naar lokaal beleid. Met deze nota willen we ook gemeentes stimuleren en ondersteunen.’
Wat wordt de volgende stap, na het uitbrengen van de visienota?
‘Nadat de nota is uitgebracht gaan Lutz Jacobi en ik het land in om als ‘ambassadeurs van groen en water’ met onze collega’s in provinciale staten, gemeenteraden en waterschappen te praten en te kijken hoe we samen kunnen werken om de leefomgeving van zoveel mogelijk mensen te vergroenen, en daarmee te verbeteren. . Het uiteindelijke doel van ons werk is om een oplossing te helpen aandragen voor huidige en toekomstige problemen in steden, die bijvoorbeeld te maken hebben met slechte luchtkwaliteit, de achteruitgang van biodiversiteit, hittestress of wateroverlast . Doordat het klimaat verandert en de temperatuur stijgt moeten we denken in termen van klimaatadaptatie. Beleidsmakers moeten meer anticiperen om de negatieve gevolgen van deze veranderingen tegen te gaan, vooral door middel van groene oplossingen.’
‘Daarnaast is groen in de stad goed voor de biodiversiteit. Bijen en vlinders bijvoorbeeld, gedijen bij meer bloemen. We moeten ervoor zorgen dat braakliggende gebieden waar nu niks mee gedaan wordt, omgetoverd worden in bloemenoases. Verder is groen in een stad een manier om een gezond klimaat te bevorderen: niet alleen door afname van Co2 en toename van zuurstof maar ook door het wegvangen van fijnstof en de afname van hittestress. Zo kun je stellen dat ‘groen’ op allerlei manieren bijdraagt aan de oplossing van stedelijke problemen.’
Zijn er al concrete voorbeelden, waarbij groen heeft gezorgd voor een betere leefomgeving?
‘Dan denk ik in de eerste plaats aan het project De Levende Tuin. Dat richt zich voornamelijk op particuliere tuinen. Veel mensen hebben in het verleden hun tuinen onderhoudsvriendelijk gemaakt, met zoveel mogelijk tegels, zodat er niet veel werk nodig was om de tuin bij te houden. Hierdoor vond er een ‘verstening’ van woonwijken plaats met o.a. als gevolg dat bij stortbuien het rioolstelsel eerder overloopt. De Levende Tuin wil stenen verruilen voor groen. Van een tuin een levende tuin maken en mensen in beweging brengen om hun tuinen te vergroenen. Zo kan iedere plant en elk stukje groen bijdragen aan een betere stad. Groen moet meer ruimte krijgen. Als je iedereen zover krijgt om zijn tuin groener te maken en het bewustzijn te creëren dat dit belangrijk is, dan is één van onze doelen bereikt.’
‘Het gaat erom dat we ook onder de burgers draagvlak krijgen door het bewustzijn van wat groen voor een stad kan doen te vergroten. Burgers, maar ook de jeugd, moeten zelf stappen gaan zetten om hun stad groener te krijgen. Onze nota is mede bedoeld om de mensen een stimulans te geven en bedrijven een steun in de rug te geven. Zo gaan we met kleine stapjes naar een betere en groenere wereld.’
Waarom is het belangrijk dat de jeugd in een vroeg stadium leert over natuur en milieu?
‘Het belangrijkste argument voor natuur- en milieueducatie is de aloude uitspraak: jong geleerd, oud gedaan. Kennis van de natuur is van essentieel belang voor kinderen, zodat zij leren er op een goede manier mee om te gaan en het belang ervan onderkennen. Wat je als kind leert, breng je als volwassene in praktijk, het gaat tenslotte om de toekomst, om hun wereld. Ik denk trouwens dat de game industrie hier nog een belangrijke rol in kan spelen. Zij kunnen via games kinderen bewuster maken van natuur en milieu. Kinderen kunnen op die manier spelenderwijs erachter komen waarom deze onderwerpen van belang zijn.’
Ziet u nog meer kansen voor groene steden?
‘Er is op dit moment nog te weinig samenwerking tussen de verschillende betrokken partijen en stakeholders. Planologen denken nog teveel in hokjes en er wordt te weinig integraal nagedacht over groen in steden. Daarom verwelkom ik ook een initiatief als www.degroenestad.nl van harte. Als we het met vereende krachten voor elkaar krijgen dat er meer integraal – vanuit invalshoeken als milieu, gezondheid, veiligheid en economie – wordt nagedacht over ‘groen’ in de stedelijke omgeving is dat geweldig. Op die manier kunnen we bedrijven en particulieren helpen hun stad te verbeteren en aantrekkelijker te maken. Met onze initiatiefnota willen Lutz Jacobi en ik onze bijdrage leveren aan het integraal denken over “groen en water in de stad.’

Groene daken dragen bij aan een verbetering van het leefklimaat in de stad. Het is goed voor het welzijn en de gezondheid van mensen en versterkt de biodiversiteit. In een Green Deal Groene Daken worden pilots opgezet om verdienmodellen uit te werken.
Op donderdag 14 april werd de Green Deal Groene Daken, fase 2 ondertekend door gemeenten, provincie, waterschappen, overkoepelende organisaties, bedrijfsleven en kennisinstituten waaronder hogeschool Inholland en brancheorganisatie VHG. Die Green Deal vloeit voort uit een eerdere Green Deal (fase 1) waarin betrokkenen ideeën verzamelden voor verdienmodellen. Friso Klapwijk en Mario Geuze van de VHG vertellen er over in het artikel ‘4 vragen over de Green Deal Groene Daken’.
Leeflimaat
De initiatiefnemers vinden het belangrijk dat er meer groene daken komen. De daken, die begroeid zijn met vegetaties, kunnen het ecosysteem in een bebouwde omgeving versterken. Ze leveren ecosysteemdiensten: ze vangen fijn stof af, verminderen de hittestress in steden, houden gebouwen koeler, bufferen het water tijdens hevige regenval en vergroten de biodiversiteit. Bovendien dragen ze bij aan verbetering van het leefklimaat omdat vergroening goed is voor het welzijn en de geestelijke gezondheid van de mens.
Verdienmodellen
De voordelen zijn duidelijk, maar hoe kun je die voordelen uitdrukken in verdienmodellen? Hoe maak je duidelijk dat de investeringen lonen door de opbrengsten? Je kunt denken aan verdienmodellen die je in harde munt kunt uitdrukken, maar het kan ook gaan om zachtere waarden, het maatschappelijke verdienmodel.
Pilots
In de Green Deal fase 1 zijn vijf verdienmodellen naar voren gekomen. Omdat groene daken regenwater kunnen bergen, zou je kortingen kunnen geven op waterschapsbelastingen of rioolheffingen. En omdat ze waterschade verlagen, kun je denken aan kortingen op verzekeringen. Je kunt aantoonbaar maken dat groene daken bijdragen aan de meerwaarde van gebouwen. Daarnaast dragen ze bij aan versterking van de biodiversiteit en zorgen ze voor bewustwording.
Met de nieuwe Green Deal, fase 2, willen de initiatiefnemers in een stichting pilots opzetten met die vijf verdienmodellen. Zo willen ze de verdienmodellen verder uitwerken. En willen ze meer begroeide daken realiseren.
Bron: groenkennisnet.nl

In de Duurzaamheidsagenda 2016-2020 van Leidschendam-Voorburg is aangegeven dat de gemeente wil inzetten op onder meer groene daken, zonnestroom en woningisolatie. Het college stelt de raad voor akkoord te gaan met een meerjarige subsidieregeling voor particuliere woningeigenaren (waaronder Vve en particuliere verhuurders). De gemeente hoopt dat woningeigenaren, liefst samen, het initiatief nemen tot deze duurzame maatregelen.
De vorige subsidieregeling heeft mooie resultaten laten zien doordat 1200 woningeigenaren daadwerkelijk aan de slag zijn gegaan. Dit heeft geresulteerd in onder andere bijna 7000 m2 zonnepanelen, ruim 12000 m2 vloerisolatie en meer dan 10500 m2 dakisolatie. De gemeente hoopt dit minstens te evenaren en hier ook meer dan 10.000 m2 groen dak mee te realiseren. Deze maatregelen dragen bij aan meer CO2 reductie en wellicht gaan woningen zelfs van het gas af. Daarnaast dragen groene daken bij aan meer wateropvang, biodiversiteit en het tegengaan van stedelijke opwarming.
 
Wethouder Floor Kist: “Er is een mooie gezegde: ‘We erven de aarde niet van onze voorouders, we lenen hem van onze kinderen’. De gemeente kijkt met de Duurzaamheidsagenda naar de toekomst en wil onze kinderen niet opzadelen met problemen die wij laten liggen. Niet alleen de gemeente, niet alleen bedrijven, iedereen kan een steentje bijdragen. Samen gaan we aan de slag.”
In de duurzaamheidsagenda zijn suggesties van inwoners en partners in het veld meegenomen. Samen met hen is nagedacht is nagedacht over welke concrete maatregelen een bijdrage kunnen leveren. Meerdere thema’s komen samen: groen & biodiversiteit, water & klimaatadaptatie, afval & grondstoffen, gezonde leefomgeving en energie & CO2-reductie. Met de duurzaamheidsagenda starten ook de acties uit het Actieplan Luchtkwaliteit en het Uitvoeringsprogramma Klimaatplan.
Bron: hetkrantje-online.nl

Aan het nieuwe Europese distributiecentrum van Nike in Laakdal, groeit de grootste groene gevel ter wereld. De groene wand heeft een oppervlakte van meer dan 2.000 vierkante meter met 100.000 planten.
Lowbay gebouw
Het ‘lowbay-gebouw’, dat dienst doet als opslagruimte, is georiënteerd naar het park en is er door middel van een groene gevel mee verbonden. Die gevel wordt doorgetrokken naar het kantoorgebouw, gelegen aan de westkant (snelweg). “De elementaire bouwvolumes krijgen hun architecturale kwaliteit door de toevoeging van een tweede gevel,” aldus Jaspers. “Deze gevel krult zich als een slang rond de terrassen van het lowbay-gebouw. Hij verbindt de volumes met elkaar op een dynamische manier en zorgt voor samenhang in het hele concept.”
Het nieuwe gebouw werkt met hernieuwbare energie afkomstig van onder andere zonnepanelen, windturbines en geothermie.
Duurzame groene gevel
Nike eiste een duurzame groene gevel met zo min mogelijk watergebruik. Na een uitgebreide inventarisatie van beschikbare systemen is er gekozen voor LivePanel van Mobilane. Voor installatie en onderhoud van de groene gevel is BSI Bomenservice uit Baarn verantwoordelijk. De plantenwand voorziet in een geïntegreerd irrigatiesysteem dat permanent zorgt voor voldoende vocht en plantenvoeding.
De groene wand bestaat uit een modulair systeem, is niet grondgebonden en bevat in totaal 11.000 verwisselbare plantcassettes.
Elke rij met cassettes wordt in een aluminium gootprofiel geplaatst dat tevens dient als waterbuffer. De planten in de cassettes worden automatisch van water voorzien door een capillair watergeefsysteem dat wordt aangestuurd door sensoren in de wand.
Het toegepaste gevelsysteem bevat een zorgvuldig geselecteerd plantenassortiment met onder meer Alchemilla, Bergenia, Campanula, Geranium en Nepeta.
Ook aan de biodiversiteit is gedacht. Zo zet Nike schapen in om het landschap te onderhouden en bestuiven bijen uit lokale korven de bloemen op en rond de campus.
Bron: cgconcept.be

Cultuurtempel De Roma heropende vorig jaar na een grondige renovatie haar deuren. Als kroon op het werk werden zopas de 650 m² platte daken van het gebouw omgetoverd tot een duurzaam groendak. De provincie Antwerpen steunt dit project en maakt hiervoor 15.000 euro vrij.

“Dit groendak biedt heel wat voordelen: het zorgt niet alleen voor meer biodiversiteit in een stedelijke omgeving, maar ook voor verkoeling, voor een verbetering van de luchtkwaliteit en voor een betere isolatie van het gebouw”, zegt gedeputeerde van Leefmilieu en Duurzame Ontwikkeling Rik Röttger. “Het initiatief inspireert hopelijk tal van andere organisaties, bedrijven en particulieren uit de buurt om te kiezen voor een groendak.“
Paul Schyvens, coördinator van de Roma is alvast erg tevreden met de steun. “Het groendak is de laatste stap van een intensieve renovatieperiode. Het resultaat is fantastisch. Dat hebben we te danken aan de vele, vele vrijwilligers en sympathisanten en aan de verschillende overheden die ons hierbij steunden.”
Bron: nieuwsblad.be

De Groene Tornado is een initiatief van de stichting Roof Update om daken op schuurtjes om te vormen tot groene daken. Een eerste pilotproject gaat binnenkort van start in Rijswijk. Roof Update is een netwerk van onafhankelijke specialisten op het gebied van daken en gevels. In de pilot krijgen zij hulp van de Zuid-Hollandse gemeente en van kennispartners van Wageningen Universiteit en NL Green Label. De hulp van de gemeente bestaat uit advies om het geheel organisatorisch te ondersteunen. De stichting is nog op zoek naar mogelijkheden voor de financiering.
Het idee voor De Groene Tornado ontstond toen Roof Update veel vragen van burgers kreeg of ze hun schuurdak niet konden vergroenen. Dat leidde tot het idee om gezamenlijk een buurt aan te pakken. Per project zoekt Roof Update nadrukkelijk samenwerking met lokale partijen zoals tuinarchitecten, hoveniers en opleidingsinstanties voor stageplaatsen.
De diversiteit aan daken maakt een uniforme aanpak wel lastig. Er wordt nu een inventarisatie gemaakt in enkele wijken van Rijswijk, zodat duidelijk wordt wat nodig is voor de verschillende typen daken. Roof Update maakt onder andere gebruik van lichtgewicht groendaksystemen: complete, handzame modules met een hoge waterbuffercapaciteit. Het substraat in zo’n module is 8 tot 10 keer lichter dan andere groendak substraten. Verder is het op bijna elk dak toepasbaar.
Voor de pilot in de wijk wordt een mix aan daktechnieken ingezet. Waaronder ook Bees & Butterflies vegetatiematten die ruim 50 soorten waard- en nectarplanten herbergen. Het pilotproject gaat veel informatie opleveren. Zo meet Roof Update de invloed van groene daken met betrekking tot de waterhuishouding en wat de effecten zijn op de beleving, luchtkwaliteit en de temperatuur in de buurt. De resultaten dienen als basis voor nieuwe projecten.
Bron: groeneruimte.nl