Berichten

De stedelijke omgeving bebossen met een Tiny Forest

Het eerste Tiny Forest van Europa werd door de initiatiefnemer Daan Bleichrodt van IVN, het Instituut voor Natuureducatie en Duurzaamheid, 2015 in Nederland gepland. De grondlegger van het Tiny Forest, een klein dichtbegroeid bos, is de Indiase ingenieur Shubhendu Sharma. Hij was geïnspireerd door de Miyawaki methode van botanicus Akira Miyawaki.  Een Tiny Forest is goed voor de biodiversiteit, maar ook voor de gezondheid van de mens, de sociale omgang en de klimaatbestendigheid van de buurt.
Het idee van Tiny Forest is begonnen met..
De Japanse Akira Miyawaki was in de jaren ‘70 de ontwerper om natuurlijke, inheemse bossen te herstellen en met succes: na tien jaar had hij ruim 1700 bossen aangelegd en 96,7% daarvan had zich ontwikkeld tot een zeer goed ecosysteem. Vervolgens gebruikte de Shubhendu Sharma deze methode als inspiratie voor het planten van een klein bos, een Tiny Forest, in een stedelijke omgeving. De IVN haalde in 2015 Sharma naar Nederland om hier het initiatief van Tiny Forest uit te zetten. Het resultaat was het eerste formele Tiny Forest in Europa, in Zaandam in het Darwin park: de Groene Woud. Daarna volgde in het Darwin park het tweede Tiny Forest, het Gouwse Bos. Inmiddels is het Tiny Forest-idee door heel Nederland verspreid, het wordt in steeds meer plaatsen uitgevoerd, in samenwerking met IVN.
Een 200m2 dichtbegroeid bosje
Een Tiny Forest is een dichtbegroeid bosje met een grootte van 200m2. Het wordt gepland midden in een stedelijke of bebouwde omgeving. Het IVN heeft de naam ‘Tiny Forest’ officieel vastgelegd als Registered Trademark. Een ‘echt’ Tiny Forest heeft altijd drie kenmerken:

  1. Buurtbewoners en scholen worden betrokken bij de aanleg van het Kleine Bos;
  2. Bij het Kleine Bos ligt een buitenlokaal,
  3. Scholieren zijn de ‘wilde wachters’; zij zorgen telkens een maand voor het Kleine Bos.

Het stukje groen middenin de stad is goed voor veel biodiversiteit, van vogels tot bijen en vlinders. Dat is bewezen door het onderzoek van Wageningen Environmental Research naar de Tiny Forest in Zaandam. In een krantenartikel in Trouw vertelt een van de auteurs van het onderzoek, Fabrice Ottburg, dat de groei in de dichtbegroeide bosjes van de aantal soortgroepen en individuen meer is dan in referentiebossen. Volgens het IVN heeft het levendige bosje ook positieve effecten op de sociale samenhang in de buurt. Buurtbewoners en kinderen zijn betrokken bij het beheren van het bos en de mensen worden meer verbonden met de natuur en aan elkaar. Daarbij is het Tiny Forest ook een kracht voor de klimaatbestendigheid van wijken: het bergt de (grote) hoeveelheden water door extreme neerslag en het filtert fijnstof en verkoelt de lucht in stedelijke omgevingen. Groen, dat wordt binnengebracht door het planten van dit kleine bosje, doet het goed voor het klimaat, de sociale samenhang en de menselijke gezondheid.
 
 Gebruikte bronnen
IVN. 2018. Achtergrondinformatie Tiny Forest. Geraadpleegd op 18-04-2018 via: https://www.ivn.nl/tiny-forest-nl/achtergrondinformatie /.
IVN. 2018. Wat is een Tiny Forest. Geraadpleegd op 18-04-2018 via: https://www.ivn.nl/tiny-forest-nl/over-tiny-forest.
Ottburg, F.G.W.A., D.R. Lammertsma, J. Bloem, W.J. Drimmers, H.A.H. Jansmans en R.M.A. Wegman, 2018. Tiny Forest Zaanstad; Citizen Science en het bepalen van biodiversiteit in Tiny Forest Zaanstad. Wageningen, Wageningen Environmental Research, Rapport, 2870.
Verlouw, C. A (2018, 6 april). Het Tiny Forest rukt op. Geraadpleegd op 18-04-2018 via: https://www.trouw.nl/groen/het-tiny-forest-rukt-op~af168db5/

 

Themabijeenkomst Groene Verstedelijking

 
Tot voor kort waren ‘stad’ en ‘groen’ elkaars tegengestelden. Maar dat beeld is aan het veranderen. Stap voor stap vinden we een weg om verstedelijking en vergroening met elkaar te verbinden.
Het besef van het belang van groen groeit snel. We realiseren ons steeds meer dat we dat moeten verankeren in beleid. Het werk van stichting De Groene Stad is niet langer een toekomstvisie of ideaal. Kennis van de relatie ‘groen en mens’ landt steeds meer in beleid, in de manier waarop overheden willen werken aan vergroening van de stedelijke omgeving. Wij – en daar vinden de provincie Zuid-Holland en De Groene Stad elkaar – zien de duurzame verstedelijkingsopdracht als een kans om tegenstellingen te overbruggen. Een trendbreuk die ruimte schept voor onze gezamenlijke ambitie om groen ‘integraal mee te nemen’ in de planvorming.
De Groene Stad ondersteunt overheden en bedrijven die met de groene verstedelijkingsopgave aan de slag gaan. Dat doen we door ze te inspireren, maar ook bijvoorbeeld door een actueel overzicht te publiceren van relevant wetenschappelijke onderzoek.
Op de themabijeenkomst Groene Verstedelijking maakt u als eerste kennis met de factsheets met daarin actuele samenvattingen van bestaande onderzoeken naar ‘de meerwaarde van groen’. Thema’s zijn ‘groen + wonen’, ‘groen + leren’, ‘groen + herstellen’ en ‘groen + werken’. Ze kwamen tot stand in het kader van het programma De Groene Agenda.
 
Presentaties
Om dit feestelijke moment te markeren zijn er presentaties van Dr. Wim Timmermans over ‘De stad als biotoop’, van landschapsarchitect Niek Roozen die spreekt over ‘verstedelijking en natuur’ en van Arie Cees de Jong, manager Stadsbeheer van de gemeente Zoetermeer. Hij spreekt over ‘de praktijk van het groenbeleid in verstedelijkt gebied’. In het bijgesloten programma vindt u er meer over.
Samenwerking
De rol van gastheer die de provincie op zich neemt, markeert de voorgenomen samenwerking tussen De Groene Stad en de provincie Zuid-Holland rond het thema Groen en Verstedelijking.

U bent welkom in de Statenzaal van het Provinciehuis aan de Zuid-Hollandlaan vanaf 13.30 uur. Het officiële deel begint om 14.00 uur en duurt tot 16.00 uur. Tijdens de bijeenkomst is er ruimte is voor vragen aan de sprekers. Tussen 16.00 en 17.00 uur is er gelegenheid om in een informele setting na te praten met sprekers en kennis te maken met de aanwezigen.
Uw aanwezigheid stellen we op prijs
Het bestuur van De Groene Stad nodigt u hierbij van harte uit om deze bijeenkomst bij te wonen. U kunt zich aanmelden voor deze bijzondere themabijeenkomst via info@degroenestad.nl .
 

Den Haag moet groene stad aan zee blijven

Den Haag wil ook in de toekomst een groene en aantrekkelijke stad aan zee blijven. Daarom is de Agenda groen voor de stad door het college van b en w vastgesteld. Deze beleidsmatige agenda geeft groen een belangrijke plek in de afwegingen die stad moet maken bij een steeds drukker wordende stad. Groen is een voorwaarde voor een goede leefkwaliteit in Den Haag.
Wethouder Boudewijn Revis (Buitenruimte) heeft groen in de agenda verder bestendigd als een belangrijk uitgangspunt bij de ontwikkeling van de stad. “Den Haag is altijd een groene stad geweest. Dat moet ook zo blijven. Onze parken en groene lanen maken de stad aantrekkelijk als woonstad en het biedt kansen voor een aangenaam verblijf. Door de toenemende bevolking en de druk op de openbare ruimte moet de aandacht voor groen aan de voorkant van het proces mede zorgen voor het leefbaar houden van de stad. Om de kwaliteit van groen te behouden is er een doorlopende inzet vereist. Deze agenda draagt daaraan bij.”
Mede op basis van gesprekken met het Stedelijk Groen Overleg (SGO), de Algemene Vereniging voor Natuurbescherming (AVN), het Haags Milieu Centrum, verschillende stadsgesprekken en de reacties op een online platform is de agenda voor Haags Groen vormgegeven. Dit heeft geresulteerd in een agenda, die onderverdeeld kan worden in zes thema’s: gezondheid, ontspanning, klimaat, biodiversiteit, imago en ontwikkeling. Op elk thema kent de stad de komende jaren uitdagingen en kansen. Deze wil het college samen met de stad verder uitwerken. Deze integralere werkwijze zorgt er voor dat de betekenis van groen voor de openbare ruimte zal blijven toenemen en houdt de leefkwaliteit in de stad op peil.
In de agenda is ook de Stedelijke Groene Hoofdstructuur geactualiseerd . Molenvlietpark, het Haagse Bos en Sorghvliet maken nu ook onderdeel uit van deze structuur.
De afgelopen tien jaar is er al veel bereikt met het beleidsplan ‘Groen kleurt de stad’. Het beleidsplan, dat in 2005 werd vastgesteld door de gemeenteraad, zorgde ervoor dat groen structureler en integraler werd benaderd. Een stevige groenstructuur waarbij het totaal aan lanen, parken, landgoederen samen met de andere delen van de Stedelijke Groene Hoofdstructuur leidde tot een kwalitatieve ontwikkeling van het Haags Groen.
bron: loosduinsekrant.nl

Hoe ‘pratende planten’ minder water verspillen

Onderzoekers aan de Ugent hebben ‘pratende planten’ ontwikkeld die zelf aangeven wanneer er in hun groei iets fout gaat of hoeveel water ze precies willen krijgen.
De Ugent presenteert de innovatie komende week op de Gentse Floraliën. De ‘speaking plants’ van de universiteit zijn uitgerust met verschillende sensoren op de bladeren en stengels.
“We meten onder meer de groei en sapstroom, maar luisteren ook naar het geklik in de stengel als de waterkolom breekt – een teken van stress”, zegt professor Kathy Steppe van de vakgroep Toegepaste Ecologie en Milieubiologie. “Daardoor kunnen we net zoveel water geven als de plant heeft verdampt. Zo vermijden we verspilling. En als we merken dat de plant stress heeft, zoeken we de oorzaak.”
Gegevens combineren
Dergelijke sensoren bestaan al langer, stelt Steppe. Maar volgens de professor is de Ugent een voorloper als het gaat om de combinatie met computermodellen.
“Dat een plant op een bepaalde dag minder groeit of zelfs krimpt, zegt op zichzelf niet zoveel”, stelt ze. “Onze modellen brengen die meetgegevens samen met een hele reeks andere gegevens, zodat we kunnen kijken of er echt een probleem is – en of een sterkere krimp van het blad of de stengel bijvoorbeeld niet het gevolg is van een zeer zonnige dag.”
Voorlopig werkt het model allen nog beslissingsondersteunend, maar volgens Steppe kunnen de planten binnenkort rechtstreeks de computersystemen van hun serre aansturen. Zo kunnen ze zelf bepalen wat bijvoorbeeld de raamstand of de sterkte van de belichting moet zijn.
Bron: duurzaambedrijfsleven.nl

Nederlandse aanpak showcase in internationale groene wereld op Green City Conference

8209_2016-AIPH-Green-City-web-promo-2
Het Nederlandse werk van Branchevereniging VHG in het kader van het agenderen van het belang van groen en de ontwikkeling van de groene sector wordt internationaal gezien als zeer vooruitstrevend. Dat bleek uit de reacties van de deelnemers aan de Green City Conference, die op woensdag 16 maart jongstleden is gehouden in het Canadese Vancouver. Directeur Egbert Roozen was uitgenodigd als keynote speaker om de Nederlandse aanpak te presenteren. Hij sprak na oud-burgemeester Mike Harcourt, die de openingsspeech verzorgde als grondlegger van het groen-stad-beleid in Vancouver. Het congres werd georganiseerd door de Association of Horticultural Producers (AIPH) en de Canadian Nursery Landscape Association.
Vancouver wordt internationaal gezien als het voorbeeld van hoe de groene stad van de toekomst eruit zal zien. Er is in de afgelopen jaren, dankzij de heldere keuze van het gemeentebestuur om de stad vanuit economisch oogpunt te vergroenen met natuurlijk groen, veel gebeurd. De oud-burgemeester lichtte tijdens het congres toe, dat er bewust is gekozen voor een stevig ander beleid. Hij is trots op waar de stad nu staat en ziet dat groen in Vancouver zijn vruchten afwerpt.
Egbert Roozen kon met zijn presentatie aansluiten op het lokale niveau. Groen is een uitgesproken lokaal thema. Roozen bracht zijn ervaringen in bij de politieke lobby op Europees, nationaal, regionaal en lokaal niveau. Er zijn veel maatschappelijke uitdagingen, waarvoor het natuurlijke groen een oplossing kan bieden. Het is belangrijk om proactief aan te haken bij thema’s als kwaliteit van de leefomgeving, gezondheid van mensen en biodiversiteit. Bij het tastbaar maken van de groene link op lokaal niveau is het VHG concept De Levende Tuin een mooi vertrekpunt. Het concept geeft concrete handvatten voor een duurzame inrichting van particuliere tuinen en het openbare groen. Roozen schetste hoe De Levende Tuin geborgd is in het vakmanschap van de hovenier en de groenvoorziener. Ook stipte hij het belang van samenwerking met andere (maatschappelijke) organisaties in het kader van het Manifest De Levende Tuin en De Groene Stad aan om de beweging naar vergroening en verduurzaming extra kracht bij te zetten. Groen moet ook innoveren. Roozen benadrukte hierbij het belang van wetenschappelijk onderzoek en het omzetten van de resultaten in tastbare handvatten zoals de handleiding voor de Groene Schoolpleinen. Hij sloot af met te stellen, dat groen onderdeel is van tal van oplossingen voor maatschappelijke uitdagingen. Om de effecten daarvan maximaal te kunnen benutten, moet groen een prominente plaats hebben in de ontwikkel- en bouwketen. Niet aan het eind van de keten, maar aan het begin. Groen is niet langer decoratie of een kostenpost, maar levert baten en is een basisvoorwaarde voor de kwaliteit van leven.
Tijdens het congres kwamen nog diverse sprekers aan bod, die de economische waarde van groen en het effect van groene daken en gevels in beeld brachten. De laatste spreker was een professor uit Peking, die het Chinese systeem van tuinsteden in beeld bracht waarmee steden in dat land worden aangemoedigd meer groen toe te passen voor een duurzame ontwikkeling en verbetering van de leefbaarheid in de stad.
De Green City Conference was onderdeel van een meerdaags programma, waarin kennisdeling en discussie centraal stonden. De Canadian Nursery Landscape Association gebruikte de dagen voorafgaand aan het congres om een strategische koers op te stellen voor hun lobbybeleid. Daarbij is gebruik gemaakt van het Nederlandse voorbeeld.
 

Duurzame stad in de toekomst combineert technologie, natuur en voedselproductie

Technologie en natuur werken in de toekomst naadloos samen om duurzame steden te creëren. Dat stelt Arup in het visiedocument ‘Cities Alive’. Met de studie geeft het internationaal vooraanstaande ingenieursbureau een visie op de stad van de toekomst die zich moet voorbereiden op een groeiende wereldbevolking, klimaatverandering en een stijgende zeespiegel.
“In 2050 zal het bevolkingsaantal de 9 miljard bereiken, waarvan 75% in de stad zal wonen. Aanpassingen aan de bestaande steden, mogelijk gemaakt door technologische vernieuwing, zal als belangrijke catalysator dienen in de verschuiving naar een toename van duurzaamheid, veerkracht and aanpasbaarheid in een dichtbevolkte stedelijke omgeving.” aldus Tom Armour van Arub.
Stadsboerderijen en voedselproductie

Met betrekking tot de voedselvoorziening voor een groeiende stedelijke bevolking, voorspelt Arup dat de voedselproductie in gebouwen zal plaatsvinden. Hiervoor zullen verticale stadsboerderijen gebouwd worden die binnenkort een gangbaar fenomeen in de steden vormen. Deze boerderijen spelen ook een rol in de herverbinding tussen de stedelingen en de natuur, waarbij de boerderijen de stadsbewoners van kennis voorzien over zelfgeteeld voedsel. Daarnaast bieden de boerderijen inzicht in een veilige en duurzame voedselproductie.
Volgens de onderzoekers moet de stadsomgeving worden aangepast aan de voedselbehoefte in de groeiende steden. Op die manier kunnen bewoners binnen de stadsgrenzen worden voorzien van fruit, groente en insecten. Parkachtige omgevingen kunnen op basis van deze visie worden gebruikt voor de verbouwing van voedsel.
‘Glow-in-de-dark’bomen

Als middel om de ecologische footprint van steden te verkleinen, stelt Arup voor dat verlichting binnen de steden in hoge mate duurzaam zal zijn en geïntegreerd wordt in de natuur. Hiervoor kunnen innovatieve oplossingen worden ingezet die de veiligheid kan vergroten in parken, gebouwen en steegjes. Bomen zouden bijvoorbeeld op een zeker moment licht kunnen produceren, aan de hand van bioluminiscentie in de stammen en takken. De impact van straatverlichting op het milieu neemt door deze innovaties af.
bron: p2pfoundation.net

Keanu (14) was een dag lang baas bij hoveniersbedrijf Van der Tol

Op 28 Januari 2016 stonden één dag lang honderden kinderen aan het roer van succesvolle bedrijven waarbij zij een rol als CEO, directeur, burgermeester of hoofdredacteur op zich namen. Tijdens ‘Baas van Morgen’, een initiatief van non-profit organisatie JINC, ervaren kinderen die opgroeien in een omgeving met sociaaleconomische achterstand hoe het is om de leiding te hebben en doen zij waardevolle contacten voor het leven op. Hoveniersbedrijf Van der Tol BV stond voor een dag onder leiding van directeur Keanu. Voor De Groene Stad beantwoorde de ‘echte’ directeur Rob Franken enkele vragen over deze dag.
Wat was de insteek van deze dag?
‘Sinds jaar en dag zijn wij al participant bij JINC. Dit jaar deden we voor het eerst aan dit initiatief mee. Daarnaast doen wij ook andere activiteiten voor hen, zoals sollicitatietrainingen. Verder is het voor de media en ons natuurlijk een hele interessante dag omdat er veel over zo’n dag te schrijven valt. Daardoor ontstaat er meer naamsbekendheid voor dit initiatief en trouwens ook voor ons bedrijf. Toen ik twee jaar geleden zag wat voor bedrijven meededen aan de Baas van Morgen leek het mij erg leuk om mee te doen en ik vond het een eer dat ons bedrijf gevraagd werd deel te nemen aan zo’n initiatief.’
Waarom vinden jullie het belangrijk kinderen te betrekken bij een Future Green City?
‘Ons bedrijf is actief in veel steden in de Randstad en wij krijgen dus te maken met deze problematiek. Zo’n dag kan laten zien hoe leuk en leerzaam werk kan zijn. Je hebt altijd het gevoel dat je zo’n groep wat kunt meegeven en hen kansen kunt bieden. Ze leren hoe is het om aan het roer te staan van een groot bedrijf en doen hierdoor gelijk sociale vaardigheden op. Persoonlijk heb ik bijvoorbeeld aan Keanu uitgelegd dat het belangrijk is om je voor te stellen aan nieuwe mensen. Bij het afsluitende congres bij ABN Amro was er nog een bijzonder moment, omdat Keanu op de voorste rij naast Gerrit Zalm ging zitten. Later zag zij dat hij degene was die de afsluitende speech deed. Daar was ze erg van onder de indruk.’
Wat voor taken had Keanu gedurende de dag?
‘Het idee van deze dag is dat kinderen een dag lang de baas mogen zijn van een toonaangevend bedrijf. Zelf hebben wij toen besloten dat zij zich bezig zou gaan houden met het thema ‘Future Green City’, wat binnen ons bedrijf een belangrijk thema is. Wij vonden het leuk en interessant om iemand van nu mee te laten denken over een stad van de toekomst. Een vast thema is op zo’n dag van belang, om richting te geven aan de taken die de kinderen krijgen. Wat Keanu bijvoorbeeld deed was het aansturen van de vergadering als voorzitter van de directie. Zij legde haar ideeën uit over een groene stad en ging vervolgens aan de slag met een team van ontwerpers om een presentatie te maken. In het begin van de dag was ze nog wat schuw, maar gedurende de dag groeide zij in haar rol als directeur van het bedrijf.’
Wat voor ideeën had zij zelf over de groene stad?
‘Keanu woont zelf aan de rand van de stad. Maar als ze ’s zomers richting de stad gaat vindt ze het daar ‘bloedheet, hard en stenig’ om in haar woorden te spreken. Wij vonden het ook belangrijk dat zij vanuit haar eigen ervaringen ging nadenken over hoe zij een betere stad voor zich zag. Wat daarbij naar voren kwam is dat zij vond dat het in de buurt van haar school groener moest worden. Bijvoorbeeld, wanneer je bij haar school de deur uit stapt, is het eerste park een eind verderop. Een park in de buurt van de school zou kinderen de gelegenheid geven om daar in de zomer naartoe te gaan. Daarnaast zijn wij binnen Van der Tol veel bezig met ideeën om de werkomgeving groener te krijgen. Zij wilde binnen haar school er ook voor zorgen dat er meer planten, bomen en groen te zien zijn. Daarnaast vond Keanu ook dat er meer groen moest komen op normale dakpannen. Zij stelde dat er nu wel groen te zien is op platte daken, maar dat er voor normale dakpannen nog veel kansen liggen. In een toekomstige stad zouden deze groene ideeën toegepast moeten worden. Tijdens haar presentatie kwam dit ook uitgebreid naar voren.’
Zaten er bruikbare ideeën tussen?
‘Wat ik wel echt een eyeopener vond is dat Keanu ging nadenken over groen en hoe groene steden tot stand komen. Zij vertelde mij, toen ik haar ophaalde voor deze dag, dat sinds ze wist dat ze baas zou zijn over van der Tol, ze zich ging afvragen hoe planten, bomen en groen in de stad terechtkomen. Dat is blijkbaar op scholen geen belangrijk onderwerp, terwijl groen toch van essentieel belang is voor een stad.’
Zouden jullie in de toekomst vaker aan dit soort initiatieven willen deelnemen?
‘De Baas van Morgen is een fantastisch initiatief waar wij met veel enthousiasme aan meedoen. De komende jaren willen wij er dan ook graag bij betrokken blijven om deze kinderen kansen te bieden en te laten zien hoe het er aan toe gaat binnen een groot bedrijf. Het biedt een inspirerende omgeving waar kinderen belangrijke ervaringen kunnen opdoen.’
 

Parijs verbetert stadsklimaat met toren van 1.000 bomen

Parijs krijgt in 2022 een verticaal bos op een gebouw dat veel weg heeft van een schip. Met duizend bomen moet het gebouw het stadsklimaat verbeteren.
De Mille Arbres-complex, naar het winnende ontwerp van de Japanse architect Sou Fujimoto en de Franse architect Manal Rachdi van architectenbureau OXO Architects, zal op de Boulevard Périphérique verrijzen in de Franse metropool. Het schipvormige gebouw moet plaats bieden aan 127 woningen, kantoorruimtes, een 4-sterrenhotel met 250 kamers, een busstation en een jeugdcentrum met overdekte speeltuin.
Volgens de architecten moet de beplanting van duizend bomen op het complex CO2 opnemen en zo het stadsklimaat verbeteren. De Mille Arbres bestaat voornamelijk uit betonnen constructies en glas voor de gevels van het gebouw. Voor dit ontwerp hebben de ontwikkelaars de internationale architectuurwedstrijd Réinventer Paris gewonnen, waarin 372 projecten van architecten en start-ups over de hele wereld hebben deelgenomen.
De architecten zeggen met de Mille Arbres een uiterst flexibel gebouw te hebben ontworpen, waardoor toekomstige gebruikers de indeling van ruimtes naar wens kunnen transformeren tot woon- of kantoorruimtes. Naar verwachting wordt het gebouw met duizend bomen in 2022 opgeleverd.
Andere verticale bossen
Eerder is een verticaal bos in Milaan gebouwd, naar het ontwerp van Italiaanse architect Stefano Boeri. De Bosco Verticale-torens hebben duizend bomen op de balkons die volgens de architect zowel de lokale ecologie als het stadsklimaat van het Italiaanse zakelijke district verbeteren. Het tweede verticale bos van Boeri verrijst in de Zwitserse stad Lausanne. Deze nieuwe woontoren krijgt 24.000 planten.
Ook Singapore krijgt in 2017 een complex met een verticaal bos. Dit complex is ontworpen door het Duitse architectenbureau Ingenhoven Architects en landschapsarchitect Gustafson Porter. Het Marina One-gebouw beschikt onder meer over zonnecellen, een energie-efficiënt ventilatiesysteem en beglazing die direct zonlicht vermindert.
Het veelvuldige gebruik van beton om de zware bomen op de balkons van de gebouwen te steunen roept de vraag op of de verticale bossen wel zo duurzaam zijn. Beton is verantwoordelijk voor 5 tot 7 procent van de totale CO2-uitstoot wereldwijd.
bron: duurzaambedrijfsleven.nl

Symposium in teken van stedelijke vergroening

De Heimans en Thijsse Stichting organiseert samen met IVN, KNNV en Thijsse’s hof een symposium over ‘de groene stad van de toekomst’. Op 29 augustus in het Gemeentemuseum Den Haag wordt dieper ingegaan op de rol en toekomst van natuur in de stad.
Tegenwoordig wordt vergroening van steden steeds actueler. Klimaatverandering en toenemend verkeer vormen een groeiende uitdaging. De grote vraag is hoe we in de grote steden nog een aangenaam leefklimaat kunnen handhaven, en hoeveel ruimte we daar willen geven aan de natuur.
Dagvoorzitter: Natasja van den Berg
13.30
Frank Berendse – welkom
13.40
Marc van den Tweel -150 jaar na de geboorte van Thijsse
14.00
Hiltrud Pötz-De toekomst van de stad is groen
14.30
Remco Daalder-De ecologie van de stad als economische factor
15.30
Redmond O’Hanlon – Jac. P. Thijsse and Dutch nature in the city
16.00
Paneldiscussie met Joris Wijsmuller (wethouder Den Haag), Barbara Rijpkema (stadsbioloog Utrecht) en Hiltrud Pötz (stadsontwerpster)
16.45
Uitreiking Heimans en Thijsse Prijs door Frank Berendse
17.00
Receptie