Berichten

Postzegelparken voor een leefbare buurt

Een postzegelpark is een klein, aantrekkelijk onderdeel van de openbare ruimte in de buurt of wijk. Zo’n parkje kan verschillende vormen aannemen. Zo zijn er postzegelparken met moestuintjes, maar ook met een squashveld of openluchtbioscoop. Een ding hebben ze allemaal gemeen: het zijn plekken die uitnodigen om te verblijven, elkaar te ontmoeten en samen activiteiten te ondernemen. Het initatief is in 2010 opgezet door de Stichting Postzegelparken. Inmiddels zijn er in de Indische Buurt in Amsterdam-Oost enkele postzegelparken aangelegd.
Burgerparticipatie in het groen
Uitgangspunt bij het realiseren van een postzegelpark is dat de bewoners zelf de verantwoordelijkheid nemen voor het beheer en het onderhoud van het parkje. In tijden van bezuinigingen op aanleg en onderhoud van openbaar groen, worden dit soort projecten dan ook toegejuicht door gemeenten. Enerzijds worden braakliggende terreinen omgetoverd tot groene stekjes in de stad en anderzijds raken buurtbewoners meer betrokken bij de wijk én elkaar.
Een mooi voorbeeld is Buurttuin Valentijn op de hoek van de Kramatweg en de Valentijnkade. Waar eerst een verloren stukje groen lag waar junks rond hingen, is nu een prachtige vlindertuin aangelegd waar ook nog fruitbomen groeien.
 
Voor meer informatie over de stichting Postzegelparken, zie www.postzegelparken.nl

Beemster schakelt vrijwilligers in voor groenonderhoud, maar blijft inkopen bij professionals

De noodzaak om te bezuinigen op gemeentelijke uitgaven treft ook de budgetten voor aanleg en onderhoud van groen. In hun pogingen de effecten van die bezuinigingen zoveel mogelijk te beperken verkennen sommige gemeenten de mogelijkheid van inzet van vrijwilligers – burgerparticipatie. In de gemeente Beemster, een van de grote polders in Noord-Holland, is een politieke partij actief die tien jaar geleden al voorstelde burgers in te schakelen bij het onderhoud van groen in de gemeente. Nicode Lange legt uit. Hij is raadslid voor de partij met de toepasselijke naam BBP, de Beemster Polder Partij.
‘Uiteraard wordt er gewerkt onder toezicht en met hulp van professionals uit de dienst openbare werken van de gemeente. We doen ook alleen het reguliere onderhoud, bijvoorbeeld van groenstroken en bermen langs de weg. Meer gespecialiseerd onderhoud zal altijd door professionals worden gedaan. Denk dan bijvoorbeeld aan onderhoud waar grote en/of gevaarlijke machines aan te pas komen. Er zijn veel reacties gekomen van burgers, vooral van buurtverenigingen. Daar zijn natuurlijk ook klachten bij, maar de meeste reacties waren positief.’
Maar betekent dit dan dat de mensen die eerder voor het onderhoud zorgden, nu ontslagen worden?
Nee, gelukkig niet. Onze medewerkers van de dienst openbare werken zijn hard nodig om ondersteuning te bieden aan de burger. Wel zal er door een proces van natuurlijk verloop gewerkt worden aan een kleiner aantal ambtenaren die zich met groen bezighouden. Ook hebben wij een ambtelijk samenwerkingsverband met onze buurgemeente Purmerend met betrekking tot onderhoud van groen.’
De bezuinigingen die in de gemeente Beemster worden gerealiseerd raken vooral de eigen gemeentelijke huishouding. Door middel van natuurlijk verloop en interne verschuivingen wordt de menskracht in de sector openbare werken gereduceerd. Raadslid De Lange: ‘Wij denken dat met ons idee het mes aan twee kanten snijdt. Allereerst kunnen we bezuinigingen doorvoeren, die helaas niet te vermijden zijn. Maar daarnaast  draagt deze aanpak bij aan de sociale cohesie in de gemeente. Mensen werken samen aan een concreet doel. Dat schept een band. Vaak gebeurt dit binnen de buurtvereniging. We zien dat mensen de handen ineen slaan en samen iets moois van hun buurt willen maken.’
Vanzelfsprekend blijft een gemeente als Beemster een beroep doen op de professionele groensector, als het gaat om de inkoop van bomen en planten. ‘We zien dat buurtverenigingen hun budgetten inzetten om groen in te kopen en op zo’n manier zorgen voor mooi en verzorgd groen in hun buurt.’
Bezuinigingen en de inzet van vrijwilligers in plaats van beroepskrachten kunnen leiden tot versobering of zelfs verloedering van de openbare ruimte. Raadslid de Lange zegt daar niet bang voor te zijn. ‘Ik kan me voorstellen dat het in steden een ander verhaal is, maar in de Beemster is de gemeenschapszin groot.  Vorig jaar bestond de Beemster 400 jaar en tijdens dit feestjaar is gebleken waar Beemsterlingen, als ze samenwerken in buurtverenigingen, toe in staat zijn. De gemeente heeft er nog nooit zo mooi uitgezien als in dat jaar. Wij hopen dat deze trend zich door zal zetten.’
 

‘Groen benaderen vanuit functionaliteit in plaats van als decoratie’

Stichting iVerde: gemeenten moeten aanleg en onderhoud van groen anders financieren
 
Een gemeentebestuur dat bezuinigt op groen zadelt zijn inwoners op met een slechter leefklimaat en zijn opvolgers met extra kosten. Bezuinigen op groen is penny wise op korte termijn, maar pound foolish voor de toekomst. Met die stelling mengen Egbert Roozen en Leon Smet van Stichting iVerde, waarin de ondernemersorganisaties in de groene sector samenwerken, zich in de discussie over de krimpende budgetten van de gemeenten voor aanleg en onderhoud van groen.
Een deel van het probleem – en van de mogelijke oplossing – ligt in de visie van Roozen en Smet in een andere financiering van groen binnen het gemeentelijke budget. ‘Nu worden aanleg en onderhoud van groen beschouwd als een onderdeel, een aspect van de verzorging van de openbare ruimte. Groen wordt gezien als decoratie. Dat is te kort door de bocht, want het motief om je gemeente groen te willen maken en houden ligt veel meer in zaken zoals de gezondheid van de bevolking, het positieve ondernemingsklimaat, de goede schoolresultaten van de kinderen. Wij pleiten ervoor dat gemeenten dan ook de financiering van het groen (mede) uit die hoeken laten komen.’
De stichting iVerde waarschuwt voor de gevolgen van bezuinigen op groen. ‘Iedereen begrijpt zo langzamerhand wel wat de toegevoegde waarde is van groen voor de leefomgeving’, zegt Roozen. ‘Voor de gezondheid van de  kinderen, voor de aantrekkelijkheid van de bebouwde omgeving en voor de economische ontwikkeling van een gebied. Maar het omgekeerde kan ook gebeuren als je aan het groen niet de juiste aandacht schenkt: verslechtering, verloedering van het openbare groen leidt tot aftakeling van de openbare ruimte, tot een onaantrekkelijk vestigingsklimaat voor ondernemingen, achteruitgang van schoolresultaten en een ongezonde bevolking. En bovendien tot extra hoge kosten, als men achteraf van die schade doordrongen raakt en het groen weer op niveau wil brengen’.
Roozen verwijst naar een onderzoek dat in 2011 is uitgevoerd in opdracht van de ministeries van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie en van Infrastructuur en Milieu en elf Nederlandse gemeenten, door ingenieursbureau Witteveen + Bos. Daarin wordt de economische en maatschappelijke waarde van groen, water en natuur in en om de stad zichtbaar gemaakt. Het instrument dat in het kader van dat onderzoek is ontwikkeld heet TEEB Stad, The Economics of Ecosystems and Biodiversity. Het onderzoek noemt overigens ook voorbeelden van alternatieve financiering, manieren om aanleg en onderhoud van groen in een stad, dorp of wijk te laten betalen door anderen dan de overheid.
 
Kijk voor meer informatie op: www.iverde.org.
 
Houten, 27 maart 2014

Groene tuin goedkoper in aanleg en onderhoud dan tegeltuin

Een tegeltuin lijkt goedkoper en makkelijker te onderhouden dan een tuin met daarin veel groen. Maar uit onderzoek van het Haags Milieucentrum blijkt dit niet waar te zijn. Een tuin die deels bestraat is, met terrassen en paden, en verder is beplant met onderhoudsvriendelijke planten – juiste boom op de juiste plek – is goedkoper en vraagt minder verzorging.

Uit de berekeningen blijkt namelijk dat de totale kosten van een betegelde voortuin van 8 x 5 meter 950 euro bedragen, inclusief twee potten met beplanting. De totale bestrating bedraagt 40 m2. Van een vergelijkbare tuin die voor 12,5 m2 uit tegels bestaat en de rest uit beplanting zijn de totale kosten €659,50 euro.

Verschil
Het verschil in kosten zit hem met name in de bestrating. Bij een betegelde tuin zijn de kosten van betontegels of betonklinkers 800 euro, uitgaande van 40 m2. Wat het onderhoud betreft vraagt een betegelde tuin meer aandacht. De planten in pot dient men water te geven met warm weer en dienen daarnaast bemest te worden. Verder dient de beplanting vaker vervangen te worden. Ook het onderkruid verwijderen tussen de bestrating dient regelmatig uitgevoerd te worden. Deze werkzaamheden heb je niet bij een groene tuin waarvan de bodembedekkers volgroeid zijn.

Meer informatie over de berekeningen is hier te vinden »

 

Bewoners Vaassen krijgen geld voor beplanten en onderhoud groen

Buurtbewoners van de Bothastraat en de Smutstraat in Vaassen willen gezamenlijk de groenperken in hun omgeving voorzien van nieuwe beplanting en deze ook onderhouden.

De gemeente Epe beloont dit initiatief met een financiële bijdrage van 2500 euro. De groenperken zijn in verval geraakt door wegwerkzaamheden. De gemeente zou deze perken weer aanpakken, maar buurtbewoners stelden voor deze zelf te willen onderhouden. De bewoners dienden een subsidieaanvraag in en deze is door de gemeente gehonoreerd.

De gemeente geeft als redenen:
– draagt bij aan de leefbaarheid in de buurt
– de sociale samenhang in de buurt wordt bevorderd en dus ook de maatschappelijke participatie.

 

Bron:
De Stentor

Vrienden Vondelpark doneren €30.000 voor onderhoud bomen

De Vereniging Vrienden van het Vondelpark overhandigde onlangs aan wethouder Joep Blaas van Stadsdeel Zuid €30.000. Het geld is ingezameld voor het 100-bomenplan, een actie waarmee de Vrienden beeldbepalende bomen in het park een langere levensduur wil geven. Vele particulieren, bedrijven en Vrienden hebben geld gedoneerd.

Onder de titel ‘100 bomenplan’ zijn de Vrienden in 2009 een inzamelingsactie begonnen om de levensduur van bijzondere bomen in het park te verlengen. Het stadsdeel besteedt hier ook geld aan, maar de vereniging vond het belangrijk dat er extra budget kwam om deze bomen te behouden. Wethouder Blaas: “Wij zijn zeer ingenomen met deze donatie die wordt besteed aan extra onderhoud van beeldbepalende bomen. Het is geweldig om te zien dat particulieren en bedrijven iedere keer weer laten zien dat zij  betrokken zijn bij het Vondelpark”.

Betrokkenheid vergroten
Het 100-bomen plan is ook de eerste stap naar een nieuwe koers die de Vrienden willen inzetten, en die als doel heeft de betrokkenheid van gebruikers en organisaties rond het Vondelpark te vergroten. Het Vondelpark is de afgelopen jaren ingrijpend gerenoveerd en ligt er, dankzij de inspanningen van het stadsdeel,  in topconditie bij. Dat willen de Vrienden graag zo houden, dus: hoe zorgen ze dat het zo blijft ook in tijden van financiële onzekerheid en een overheid die niet alles alleen kan doen.

Partnerschap met diverse partijen
Voorzitter Vereniging Vrienden van het Vondelpark Muriel Stibbe: “Wat wij als toekomstperspectief zien en waar we ons voor gaan inzetten is een vorm van partnerschap met de overheid, burgers en bedrijven. Een bundeling van krachten die allemaal samen werken om gastheerschap, gewenst gedrag in het park, rondleidingen, onderhoud van het park en het financieren van kwaliteitsverbeteringen voor elkaar te krijgen.”

Voorbeeld Central Park New York
Een voorbeeld van zo’n partnerschap is de ‘Conservancy Central Park’ in New York, die in samenwerking met de gemeente een deel van het beheer van het park uitvoert en financiert. De Vereniging Vrienden van het Vondelpark  is volop bezig met het ontwikkelen van een Amsterdam’s model en is hierover in overleg met verschillende partijen.

25-jarig bestaan
De overhandiging van de opbrengst van het 100-bomenplan is de start van de viering van het 25-jarig bestaan van de Vrienden van het Vondelpark. Een lustrumjaar waarin de Vrienden vaak van zich zullen laten horen en bijzondere activiteiten in en rondom het park zullen organiseren.

Bron:
Vereniging Vrienden van het Vondelpark

Nieuwe technieken zijn een uitdaging voor het onderhoud in het openbaar groen

Onderhoud openbaar groen met behoud van biodiversiteit vraagt om een nieuwe manier van aanpak. Kennis en ervaringen van uit de akkerbouw en vollegrondsgroenten sector kunnen ook in het openbaar groen prima ingezet worden. Een uitdaging voor gemeentes, en specialisten in de groenvoorziening en cultuurtechniek. Daarnaast zullen planologen rekening moeten houden met de nieuwe manier van aanpak bij de plannen voor de inrichting van het stedelijk gebied.

Een uitdaging die niet van vandaag op morgen tot stand zal komen, maar er wel voor kan zorgen dat het onderhoud betaalbaar blijft. Een nieuwe aanpak is nodig omdat er bijna geen chemische onkruidbestrijdingsmiddelen ingezet mogen worden in het openbaar groen en de kans bestaat dat dit over een aantal jaren helemaal niet meer mogelijk is.

Download het artikel »

Onderhoud van traditionele beplantingsmethode aanzienlijk duurder dan integrale methode

Het onderhoud van de traditionele beplantingsmethode is beduidend duurder dan de integrale beplantingsmethode. Aan de hand van actuele praktijkvoorbeelden is namelijk aangetoond dat de aanlegkosten van integrale beplantingsmethode het dubbele zijn en dat de onderhoudskosten volgens deze methode 84% lager liggen. Uitgaande van hetzelfde oppervlak plantvakken en over dezelfde onderhoudsperiode.

Dit concludeert wetenschapper Frits Ruyten naar aanleiding van berekeningen aan de hand van de traditionele beplantingsmethodiek. Marco Riesener, beheermedewerker Recreatieschap Spaarnwoude, die ook het Prins Bernhardbos, in zijn beheer heeft, is door Ruyten geïnterviewd over het beheer. De vraag die aan hem is gesteld, is hoe hij het onderhoud in de komende jaren zou gaan uitvoeren wanneer er een eindbeeld moet ontstaan dat vergelijkbaar is met de integrale beplantingsmethode Ruyten na een periode van ongeveer 30 onderhoudsjaren. 

Onafhankelijk advies is daarbij gevraagd bij RPS over welk dunningsregime rekening gehouden diende te worden.

Onweerlegbaar
Vervolgens is aan verschillende organisaties gevraagd om, onafhankelijk van elkaar, de onderhoudskosten van dit dunningsregime te willen berekenen. Hier gaat het om organisaties die zoveel mogelijk het vakgebied vertegenwoordigen en die in staat waren om een dergelijke berekening te maken. Denk hierbij aan de landelijke overheid, gemeente, bosdeskundige, ingenieursbureau met bosbouwkundige kennis en de beheerder van het Prins Bernhardbos. De resultaten tonen onweerlegbaar aan dat de traditionele beplantingsmethode aanzienlijk duurder is dan integrale methode.

Onderhoudskosten worden gecompenseerd
Plant Publicity Holland (PPH) heeft aan wetenschapper Frits Ruyten de opdracht verleend om een kostenvergelijking te maken tussen de traditionele en de integrale beplantingsmethode Ruyten. In 2010 heeft het Productschap Tuinbouw een evaluatie verricht naar het proefproject Prins Bernhard Bos. Uit deze evaluatie bleek dat er vraagtekens werden gezet of de hogere aanlegkosten in deze tijd nog wel te verantwoorden zijn en of deze daadwerkelijk gecompenseerd worden door lagere onderhoudskosten hoewel wetenschappelijk onderzoek dit aantoont. Dit rapport toont dus aan dat de onderhoudskosten gecompenseerd worden, binnen een afzienbare periode na de aanleg.

Meer informatie
Download het rapport ‘Greensward. Kostenvergelijking tussen de traditionele en de integrale beplantingsmethode Ruyten in het Prinsbernhardbos te Hoofddorp’ »
——————————————————————————–

Deze website is powered by Plant Publicity Holland, Groenforum Nederland en wordt mogelijk gemaakt door Productschap Tuinbouw.
 
 

 

 
 

Onderhoud geeft Westerpark Zoetermeer nieuwe impuls

De gemeente Zoetermeer heeft in de afgelopen weken fors bomen gekapt in het Westerpark en daar ook struiken en andere planten weggehaald. Dit was nodig voor het onderhoud van het park. Een deel van de bomen is gekapt voor de aanleg van de fietsbrug tussen het Westerpark en het aan te leggen recreatiegebied Nieuwe Driemanspolder.

De gemeente kreeg veel vragen van bezoekers over het kappen van de bomen. Het onderhoudswerk is in het najaar aangekondigd in de gemeentelijke rubriek Stadsnieuws, maar dat blijkt in de praktijk toch te vroeg te zijn geweest. “Dat gaan we de volgende keer beter doen. We moeten niet alleen vooraf, maar ook tijdens de werkzaamheden op locatie en op de website informatie geven.” zegt wethouder Frank Speel, verantwoordelijk voor het Zoetermeerse groen op de website van de gemeente.

 

 

 

 

Ieder jaar snoeien
“Ieder jaar snoeien we om op den duur sterk en gevarieerd groen te krijgen. Vooral in de recreatiegebieden, parken en langs hoofdwegen beheren we het groen op een ‘natuurlijke’ wijze. Bij de aanleg van een recreatiegebied zoals het Westerpark zijn bomen dicht op elkaar geplant. Nu hebben de beheerders op verschillende plekken snelgroeiende bomen als populieren er tussenuit gehaald om ruimte te maken voor andere, langzaam groeiende bomen als eiken en beuken. In het park ontstaan open plekken waardoor het zonlicht de bodem kan bereiken. Daardoor kunnen zaden van andere planten ontkiemen. Zo proberen we ook de kwaliteit van het Westerpark te verbeteren, zodat het voor iedereen een aantrekkelijk park blijft.”

Integrale beplantingsmethode
In het Westerpark zijn de bomen en planten niet volgens de integrale beplantingsmethode  geplant, met als gevolg dat de kosten voor het onderhoud de komende jaren stijgen en de kwaliteit van bomen en planten die blijven staan door het snoeien en rooien van ander plantmateriaal afneemt. Was het park volgens de integrale beplantingsmethode aangelegd dan hadden er geen bomen gerooid hoeven te worden.

Klik hier voor meer informatie »

Bron:
Gemeente Zoetermeer