Berichten

Bomenstichting ondertekent manifest De Levende Tuin

Sinds dinsdagavond mag de Bomenstichting zich één van de trotse ondertekenaars van het manifest ‘De Levende Tuin’ noemen. Tijdens vakevent Future Green City in Den Bosch werd dit nieuwe partnerschap met een handtekening van de voorzitter van de Bomenstichting, Leen van der Sar, beklonken. De ondertekening was tevens de aftrap van de campagne ‘De Levende Tuin’.
De Levende Tuin
De Levende Tuin is een initiatief van meerdere organisaties die in 2014 het manifest hebben ondertekend. Organisaties die de Bomenstichting voorgingen, zijn o.a. het Ministerie van Economische Zaken, Branchevereniging VHG, NL Greenlabel en Tuinbranche Nederland. Met het ondertekenen van het manifest scharen zij zich achter de filosofie van De Levende Tuin. Hierbij gaat het om het inzetten van de natuur in al zijn brede facetten in onze tuinen en andere buitenruimten. Daar kunnen bomen een goede bijdrage aan leveren. In een ‘Levende Tuin’ is dan ook louter plaats voor groene en levende materialen, opdat de natuur te zien, voelen, horen, ruiken én proeven is. De Levende Tuin biedt veel voordelen ten opzichte van de stenige tuin: een groene omgeving vangt fijnstof en CO2 op en houdt regenwater langer vast.
Voorzitter Van der Sar van de Bomenstichting toonde zich dinsdag enthousiast over de samenwerking: ‘Als Bomenstichting zijn wij zeer verheugd om onze naam te verbinden aan dit mooie initiatief om de wereld weer een stukje groener te maken. Ons idee ‘In iedere tuin een boom!’ past dan ook goed in de filosofie van De Levende Tuin.’
Bron: Bomenstichting

Hoogheemraadschap zet in op groene waterberging

Hoogheemraadschap Noorderkwartier heeft per 15 juni 2015 nieuwe beleidsregels voor het bergen van regenwater als compensatie bij verharding van land. Het nieuwe beleid biedt meer ruimte aan bedrijven, gemeenten en projectontwikkelaars om op een andere, innovatieve manier de afspraken rond de berging van regenwater in te vullen.
Als er grote delen van de grond van een bedrijf of woonwijk zijn verhard met bestrating, stroomt regenwater rechtstreeks naar de omliggende sloten. Bij hevige regenbuien stijgt het waterpeil van de sloten daardoor te snel, wat uiteindelijk wateroverlast kan veroorzaken. Omdat we willen voorkomen dat het watersysteem wordt overbelast, zijn landeigenaren bij een toename aan verharding van meer dan 800 m² verplicht een compenserende waterberging aan te leggen. De nieuwe beleidsregels geven de mogelijkheid om naast het graven van sloten ook op andere manieren het water te bergen. Bijvoorbeeld door waterbassins, grasdaken en wadi’s (beplante greppel met doorlaatbare bodem).

Voordelen

Een waterbergende voorziening kan een dubbelfunctie hebben, bijvoorbeeld bij glastuinbouwbedrijven. Het waterbassin kan worden gebruikt als waterberging om de neerslag die op de kassen valt op te vangen. Daarnaast kan het ook worden gebruikt als gietwater voor in de kas. Hierdoor kan de beschikbare ruimte efficiënter worden benut en geld worden uitgespaard.

Landelijke start Operatie Steenbreek

Op woensdag 28 januari wordt een bijeenkomst georganiseerd in Leeuwarden. Deze vormt de landelijke aftrap van Operatie Steenbreek. Het doel van dit initiatief is om burgers te enthousiasmeren hun tuin en/of dak te vergroenen.
Operatie Steenbreek wordt georganiseerd door KNNV, Hogeschool VHL, Rijksuniversiteit Groningen, Maastricht Universiteit, Alterra, Wageningen UR, Haags Milieucentrum en Entente Florale Nederland in samenwerking met Groningen, Leeuwarden, Den Haag, Eindhoven en Amersfoort.
Meer informatie over het initiatief is te vinden op deze website.Bekijk ook dit filmpje of luister hier een radio 1 fragment met Joop Spijker (Universiteit Wageningen) terug over Operatie Steenbreek.

Het belang van een gezonde bodem

Op dinsdag 25 november van 20:00 – 22:00 uur organiseren het Haags Milieucentrum en de stichting Eetbaar Park de lezing ”Het belang van een gezonde bodem”, in het Nutshuis, Riviermarkt 5 in Den Haag.
De lezing wordt gegeven door oud-hoogleraar Biologische Landbouw aan de Wageningen Universiteit Jan-Diek van Mansvelt. Belangstellenden worden uitgenodigd om hierbij aanwezig te zijn. De toegangsprijs is een vrijwillige bijdrage.

Een stadsbodem bestaande uit alleen maar stenen en asfalt veroorzaakt hittestress en belemmert de waterafvoer van piekbuien

Want bodem gaat niet alleen over landbouw. De kenmerkende standsverschillen van Den Haag (‘het zand en het veen’) hangen direct samen met de bodem. Recent is met de aanleg van de Zandmotor behoorlijk wat nieuwe bodem ontstaan. En dan is er nog de koppeling tussen bodem en klimaatverandering: een stadsbodem bestaande uit alleen maar stenen en asfalt veroorzaakt hittestress en belemmert de waterafvoer van piekbuien.
Deze lezing is een aanloop naar 2015, het Internationale Jaar van de Bodem. Na de lezing en het vragenrondje worden vragen met elkaar besproken zoals “Welke activiteiten zijn er nodig om ook in Den Haag het Jaar van de Bodem onder de aandacht te brengen? En wat wil eenieder organiseren? Thema’s die in subgroepjes worden besproken zijn Bodem en leefklimaat; Bodem en natuur, Bodem en voeding.
De Groene Stad zal bij deze lezing vertegenwoordigd zijn.

De Levende Tuin wordt een beweging

‘Iedereen kan bijdragen aan een gezonde en groene omgeving’
De Levende Tuin wordt een beweging. Daartoe hebben initiatiefnemers Branchevereniging VHG en NL Greenlabel vandaag met een kerngroep van organisaties een eerste stap gezet. Met het ondertekenen van het Manifest De Levende Tuin onderstrepen de partners dat zij zich actief zullen inzetten om consumenten, bedrijven en overheden te overtuigen om duurzame keuzes te maken voor tuinen en andere buitenruimten.
De initiatiefnemers willen De Levende Tuin als beweging breed neerzetten. Daarom zijn ze verheugd dat zij met de volgende partijen het Manifest hebben kunnen afsluiten: Tuinbranche Nederland, GNL Stadswerk, Netwerk Groene Bureaus, de Vlinderstichting, de Vogelbescherming, de Nederlandse Vereniging van Tuin- en Landschapsarchitecten en Wageningen Universiteit/Alterra. Binnenkort zal het Manifest worden aangeboden aan de Ministeries van Economische Zaken en Infrastructuur & Milieu. Met deze ministeries werd eerder al een Green Deal afgesloten voor het realiseren van meer duurzame buitenruimten.
Elke handeling telt
Uitgangspunt van de beweging is dat ieder individu kan bijdragen aan een gezonde en groene leefomgeving. Elke handeling telt, hoe klein ook. De deelnemende partijen zullen binnen hun achterban en netwerk de principes van De Levende Tuin zichtbaar maken en makkelijk toepasbaar. Ook zullen ze de effecten ervan tonen en samenwerken om deze duurzame beweging groter te maken.
Verbindende schakel
“De Levende Tuin is een filosofie”, aldus Egbert Roozen, directeur van Branchevereniging VHG. “Het vormt de verbindende schakel tussen vele afzonderlijke initiatieven. Denk aan de promotie van groen, maar ook aan initiatieven om de tuin vriendelijk(er) te maken voor vogels, egels, vlinders en bijen. Aan de aanpak van energie- en watervraagstukken, aan de gezondheid van mensen en aan het stimuleren van duurzame producten in de tuinen en openbare ruimten. Deze beweging kan al deze afzonderlijke boodschappen nog sterker zichtbaar maken.”
Herstel evenwicht mens en natuur
Lodewijk Hoekstra, presentator van het tv-programma Eigen Huis en Tuin en mede-oprichter van NL Greenlabel benadrukt dat het streven vooral is om mensen bewust te maken van de natuur en hun omgang daarmee. “Het zijn kleine dingen die het verschil maken. Iedereen kan meedoen. Alle handelingen samen zorgen voor een grote, echte verandering: een beter evenwicht tussen mens en natuur.”
De Levende Tuin
De Levende Tuin is een concept – ontwikkeld door Branchevereniging VHG – voor het realiseren van tuinen (en andere buitenruimten) waarin de natuur te zien, voelen, horen, ruiken én proeven is. Door gebruik van groen en natuurlijke materialen ontstaat een prettige omgeving voor mens en dier. Bovendien biedt een levende tuin tal van voordelen: de groene omgeving vangt fijnstof en CO2  op en houdt regenwater langer vast. Daarnaast verhoogt zo’n tuin de waarde van de woning.
De ondertekenaars van het Manifest De Levende Tuin
Rien van der Spek, voorzitter Branchevereniging VHG
Egbert Roozen, directeur Branchevereniging VHG
Jacco Wisman, voorzitter VHG Vakgroep Hoveniers
Richard Maaskant, hoofd Ledencontact en secr. VHG Vakgroep Hoveniers
Lodewijk Hoekstra, directeur NL Greenlabel
Brenda Horstra, adjunct-directeur Tuinbranche Nederland
Maarten Loeffen, directeur GNL Stadswerk
Johan Burger, voorzitter Netwerk Groene Bureaus
Titia Wolterbeek, directeur Vlinderstichting
Jip Louwe Kooijmans, Vogelbescherming
Frans Boots, voorzitter Nederlandse Vereniging van Tuin- en Landschapsarchtitecten

Benthemplein Rotterdam grootste waterplein ter wereld

Zoals veel steden, is Rotterdam dichtbebouwd. De stad heeft veel gebouwen en nog veel meer bestrating. Tegelijk worden regenbuien steeds heftiger, waardoor de kans op wateroverlast in de stad toeneemt. In Rotterdam is maar weinig ruimte om extra ruimte te maken voor water, zoals singels, met name in de binnenstad. Zo ontstond in 2005 het idee van het waterplein: een plein dat bij droog weer een aantrekkelijke, leuke omgeving biedt, en bij heftige regenbuien zorgt dat er minder water naar het riool en de singels stroomt.
Bij droog weer zijn er mooie plekken om te basketballen en te skaten, bij zware regenval kunnen de bassins het regenwater van het plein en de daken opvangen. Bij elkaar ongeveer 1,7 miljoen liter water. Dat water hoeft daardoor niet meer naar het riool, dat dus minder snel zal overstromen. En zo helpt het plein om droge voeten te houden terwijl regenbuien steeds heftiger worden.
De architecten van de Urbanisten hebben een traject begeleid met studenten, bewoners en ondernemers uit de buurt, zodat zij zoveel mogelijk invloed hadden op hun nieuwe plein. En dat heeft gewerkt: bij de officiële opening waren zo’n 300 mensen bij elkaar om te vieren dat deze nieuwe primeur voor Rotterdam klaar was. En toen de bouw nog in volle gang was, werd het plein in de weekenden al gebruikt door skaters en bootcampers.
Bekijk hier een filmpje over de opening van het plein.

Bron: stad Rotterdam

Waterberging thema in Deltaprogramma 2015

Nederland heeft een nieuw Deltaplan, met beslissingen en strategieën die ons land de komende decennia moeten beschermen tegen hoogwater en moeten zorgen voor voldoende zoetwater. Rijk, provincies, waterschappen en gemeenten gaan aan de slag om ons land robuuster in te richten en de extremen van het klimaat veerkrachtig op te vangen. Voor een leefbaar, bewoonbaar en economisch sterk Nederland in de 21e eeuw.

Dat staat in het Deltaprogramma 2015, De beslissingen om Nederland veilig en leefbaar te houden, dat minister Schultz van Haegen (Infrastructuur en Milieu) op 16 september naar de Tweede Kamer heeft gestuurd. De Deltabeslissingen volgen uit het advies waaraan deltacommissaris Wim Kuijken sinds 2010 heeft gewerkt.

Binnen het Deltaprogramma is er bijzonder aandacht voor waterberging in de stad, een onderwerp dat – terecht- hoog op de agenda van het Ministerie staat. In het Programma wordt hier het volgende over gezegd:

Alle overheden maken vandaag een belangrijke afspraak om steden en dorpen waterbestendig in te richten en het water waar nodig de ruimte te geven. Dat kan bijvoorbeeld door het opvangen van water op waterpleinen, drijvende woningen, meer groen of verplaatsing van vitale infrastructuur. In 2050 moet heel Nederland meer klimaatbestendig zijn ingericht.

Minister Schultz heeft met vertegenwoordigers van provincies, waterschappen en gemeenten de ‘Bestuursovereenkomst Deltaprogramma’ ondertekend, waarmee de partijen hebben afgesproken deze Deltabeslissing in hun eigen plannen te verankeren.

Waterberging, een grote stedelijke uitdaging

Klimaatverandering en de steeds verder voortschrijdende verstedelijking zullen in grote delen van de bevolkte wereld leiden tot toenemend risico op overstromingen. Zo hebben we steeds vaker te maken met hevige regenval, waarbij we merken dat het overtollige water steeds moeilijker kan worden afgevoerd door onze riolen. Gevolgen: ondergelopen parkeergarages, overstromende grachten en pleinen. Waterberging in de stad is dan ook een thema waar veel stedenbouwkundigen en architecten zich op dit moment mee bezig houden. Uitgangspunt in het denken is het combineren van stedelijke functies: openbare ruimte en waterberging, groen en waterberging, parkeren en waterberging.
Waterplein Rotterdam
Een geslaagd voorbeeld van de combinatie openbare ruimte – waterberging, is het Waterplein in Rotterdam, ontworpen door bureau De Urbanisten. Het idee van het plein is simpel: als het droog is, functioneert het plein als een gewoon stadsplein, als ontmoetingsruimte en skateplein voor de jeugd. Maar bij hevige regenval, transformeert het –uit drie plateaus opgetrokken- plein in een groot waterbassin.
Hamburg, voorbeeldstad
Ook in Hamburg wordt rekening gehouden met het stijgende water, al komt het gevaar daar eerder van de rivier de Elbe die rechtstreeks met de Noordzee verbonden is. Een eventueel van springtij of een snel stijgende zeespiegel, maken de stad kwetsbaar. Het Hamburgse stadsbestuur heeft het volgende bedacht: de gebouwen in de nieuwe stadsdelen worden op acht meter hoge plinten gezet, die bij periodes van droogte kunnen dienen als parkeergarages. Daarnaast zijn bruggen en wegen verhoogd, zodat auto’s ook bij hoog water weg kunnen komen.
Groene daken als spons voor hemelwater
Groen in de bebouwde omgeving, speelt – naast talrijke andere concepten – een belangrijke rol in het denken over maatregelen om (toekomstige) wateroverlast te beheersen. Zo wordt bijvoorbeeld op het Polderdak aan de Amsterdamse Zuidas op 1000 vierkante meters dak 73 kubieke meters water opgevangen, waarbij het verkoelende groene dak zorgt voor een besparing van 10 tot 30% aan energiekosten.
 
 
NB: Bij het schrijven van dit artikel is gebruikt gemaakt van voorbeelden uit het artikel ‘Deltawerken voor de uitdijende stad’ door Tracy Metz, verschenen op 21-6-2014 in het FD