Berichten

Inwoners Stichtse Vecht denken mee over onderhoud openbare ruimte

Op 7 juni, wordt het IBOR beleidsplan besproken in de raadscommissie. IBOR staat voor Integraal beheer openbare ruimte. Gemeente Stichtse Vecht sluit op 1 januari 2017 nieuwe contracten af voor een groot deel van het onderhoud aan de openbare ruimte. Die contracten gaan bijvoorbeeld over het onderhoud van het groen, straatmeubilair en reiniging, maar ook over het uitvoeren van werkzaamheden aan wegen, bruggen, en viaducten. De uitgangspunten voor de nieuwe contracten zijn nu vastgelegd in het beleidsplan.

Mening van inwoners 

Wethouder Eric Balemans: “Voor het onderhoud van de openbare ruimte, zoals het onderhoud van het gras, de speelvoorzieningen en de wegen in woonwijken, is een beperkt budget beschikbaar. Dat betekent dat er keuzes gemaakt moeten worden. Dat doen wij niet vanachter onze computer, maar in gesprek met de mensen zelf. Zij kennen hun eigen leefomgeving het beste en weten wat zij belangrijk vinden.”  Om inwoners mee te laten denken heeft de gemeente op 23 april jl. straatgesprekken gevoerd en een online enquête uitgezet. Dat leverde ruim 200 reacties op. De resultaten zijn verwerkt in het beleidsplan en zijn richtinggevend voor de aannemers die vanaf 2017 in gesprek gaan met omwonenden. “Ook wanneer de contracten gesloten zijn, is er dus nog volop ruimte voor de bewoners ter plekke om met de aannemer in gesprek te gaan.”, aldus wethouder Eric Balemans.
Resultaten 

Alle kernen zijn vertegenwoordigd onder de respondenten. Veel mensen geven aan tevreden te zijn over de openbare ruimte van Stichtse Vecht. Als kwaliteiten komen vooral het historische karakter en groene karakter van de Vecht naar voren. In negatieve zin wordt vaak de inrichting van een specifieke plek aangehaald, vaak in relatie met verkeersveiligheid. Een groot deel van de respondenten geeft aan zelf actief te willen zijn om hun eigen leefomgeving op te fleuren, op te schonen of het groen daarvan te onderhouden. Ook blijkt dat duurzame maatregelen in het beheer van de openbare ruimte als waardevol gezien worden. Meer bloemenweides/ biodiversiteit, gescheiden inzamelen van afval en natuurlijke manieren (zoals schapen die het gras maaien) om de openbare ruimte te beheren, kunnen rekenen op steun van de inwoners.
De gemeente verwacht met de nieuwe contracten het beheer van de openbare ruimte effectief uit te kunnen laten voeren. Dat wil zij doen met oog voor de betrokkenheid van burgers bij hun woonomgeving, sociale samenhang, duurzaamheid en de aantrekkelijkheid van de gemeente als geheel.
Besluitvorming
De commissie bespreekt het beleidsplan op 7 juni, op 5 juli wordt het besproken in de gemeenteraad. Kort daarna zal de aanbesteding op Tendernet gepubliceerd worden. De contracten gaan in op 1 januari 2017.

Branchevereniging VHG en NL Greenlabel tekenen Green Deal stedelijke natuur

Op dinsdag 24 november, tijdens het vakevent Future Green City in ‘s-Hertogenbosch, is de Green Deal ondertekend voor de realisatie van 1.000 hectare nieuwe stedelijke natuur. Branchevereniging VHG en NL Greenlabel zetten hiervoor hun handtekening, samen met vertegenwoordigers van het ministerie van Economische Zaken, het ministerie van Infrastructuur en Milieu, de Vereniging Nederlandse Gemeenten, de Vlinderstichting en Bureau Regelink Ecologie en Landschap.
De samenwerkende partners in deze Green Deal stellen zich tot doel minimaal 1.000  natuurvriendelijk beheerde hectares te ontwikkelen in stad en dorp. Dat is goed voor de biodiversiteit en het leefklimaat in de stad. Bovendien biedt het kansen om meer kennis en ervaring op te doen met chemievrij onkruidbeheer, duurzaam inkopen en burgerparticipatie.
Groen dicht bij huis
De heer Roel Feringa, ondertekende de Green Deal namens het ministerie van Economische Zaken en merkte daarbij op dat dit de dertigste overeenkomst is op het gebied van natuur. “Het is goed dat deze deals vanuit de maatschappij ontstaan. Het is zó belangrijk dat we natuur in en om de verstedelijkte omgeving vormgeven. Voor veel mensen begint het besef van natuur immers dicht bij huis. De hovenier kan de mensen laten zien dat het kan, dat groen mooi is om van te genieten.”
Burgerparticipatie
Voor VHG-directeur Egbert Roozen onderstreept de Green Deal de waarde van groen en natuur in de stad. De branchevereniging zal het concept van De Levende Tuin inbrengen als basis voor verduurzaming. Ook biedt het project kansen om een visie op te stellen op burgerparticipatie bij de aanleg en het onderhoud van stedelijke natuur. Al eerder opperde VHG dat dit in de vorm van een groencoöperatie zou kunnen, waarin burgers, bedrijven en overheden samenwerken. “De kennis die we hiermee opdoen, zullen we aan onze achterban communiceren. Zo brengen we het vakmanschap van de groenprofessional naar een nog hoger plan”, aldus Roozen.
Natuurlijk en duurzaam groen
Enkele tientallen gemeenten hebben al hun interesse laten blijken voor deelname aan dit project. Nico Wissing van NL Greenlabel ziet volop kansen om in wijken en buurten duurzame en verantwoorde stedelijke natuur te brengen. “Met de juiste materialen en planten kun je een groene omgeving creëren die aantrekkelijk is voor jong en oud en die bijvoorbeeld ook zorgt voor verkoeling en waterberging.” Lodewijk Hoekstra o.a. bekend van Eigen Huis & Tuin, maar ook medefounder van NL Greenlabel, vult aan “het gaat erom dat we als mens de balans gaan vinden met de natuur en deze Green Deal levert daar een belangrijke bijdrage aan.”
 
Bron: VHG

Gemeente Zwolle actualiseert Groenbeleidsplan

Het Groenbeleidsplan van de gemeente Zwolle wordt geactualiseerd. Volgens het college zijn na 15 jaar veel van de voornemens uitgevoerd en is de tijd zodanig veranderd dat er een actualisatie van het beleidskader nodig is. Het college van burgemeester en wethouders gaat daarom met verschillende partijen in de groene sector aan tafel om de trends en ontwikkelingen te bespreken.
Burgerparticipatie centraal
In de nieuwe Groene agenda worden nieuwe accenten gelegd ten opzichte van het huidige beleid. Zo is er aandacht voor bewoners die zelf openbaar groen aanleggen en onderhouden, moestuinen en fruitbomen, het tijdelijk gebruik van bouwgronden, natuurlijke speelplekken, klimaatveranderingen enz.. Voor elk onderdeel van de Groene Agenda wordt ook bepaald welke rol de gemeente Zwolle speelt: van passief naar actief, alleen of in samenwerking.
Bereikbaarheid parken
Het groen in de gemeente Zwolle heeft zich volgens het college de afgelopen jaren goed ontwikkeld en wordt intensiever gebruikt dan ooit. Het Groenbeleidsplan uit 1998 zou daaraan sterk hebben bijgedragen. Zo is de bruikbaarheid en de bereikbaarheid van de parken verbeterd en uitgebreid. De bestaande parken hebben een opknapbeurt gehad. De fiets- en wandelroutes zijn uitgebreid, zo kreeg het Rondje Zwolle een aantal extra kilometers en is de verharding van de paden aangepakt. Daarnaast zijn in de stadsranden nieuwe uitloopgebieden met natuurterreinen en bossen aangelegd. Voorbeelden zijn onder andere  Goosebroek (langs de Westerveldse Aa ter hoogte van Oosterenk), en bossen bij Wijthmen, Zandhove en Bikkenrade.
 
Bron: Weblog Zwolle

Wethouders lichten groene coalitieplannen toe tijdens Groene Poort

Hoe groen kleuren de werkprogramma’s van de nieuwe Colleges van Burgemeester en Wethouders? Dat is de vraag die centraal stond tijdens de ‘Groene Poort’ op 30 september – de halfjaarlijkse bijeenkomst in Nieuwspoort waar politici, wetenschappers en het groene bedrijfsleven elkaar treffen. Vijf wethouders gaven tijdens de Groene Poortbijeenkomst inzicht in hun plannen. Hun ambitie is duidelijk: meer groen realiseren, ook al moet er worden bezuinigd. Met subsidies, burgerparticipatie en creatieve verbindingen blijkt er veel mogelijk.
 
 Foto: van links naar rechts wethouder D. Verbeek van de gemeente Brielle, wethouder C. Koppenol van de gemeente Papendrecht, wethouder O.G. Prinsen van de gemeente Apeldoorn, wethouder R. Van Harten van de gemeente Vlaardingen en wethouder M. Borsboom van de gemeente Rijswijk.
 
De gemeente Rijswijk werkt samen met inwoners, bedrijven en instellingen aan een groenere stad. Er is extra budget vrijgemaakt om te investeren in groen. De groene paragraaf maakt integraal onderdeel uit van duurzaamheid en is een aparte opgave in het coalitieakkoord. In Vlaardingen moet flink worden bezuinigd, maar wordt er via een aparte stichting die bewoners hebben opgericht subsidie ontvangen voor groene initiatieven. Ook Brielle kampt met financiële krapte. De uitdaging daar is vooral het groen in het binnen- en buitengebied te behouden en verstening van buurten tegen te gaan. Papendrecht is erin geslaagd Europese subsidie te bemachtigen om meer groen in de gemeente te brengen. In Apeldoorn wordt groen, maar ook water bewust ingezet om de binnenstad aantrekkelijker te maken, hittestress te bestrijden en regenwater vast te houden.
Burgerparticipatie
In alle gemeenten wordt nauw samengewerkt met de bewoners en worden burgerinitiatieven gestimuleerd. Niet alleen uit financiële noodzaak, maar ook om draagvlak en bewustwording te creëren. Dat betekent niet dat er groene professionals overbodig zijn; voor de uitvoering van grotere projecten bijvoorbeeld en ook voor advies over wat groen kan doen is hun inzet gewenst. ‘De groenbranche biedt tal van oplossingen om te vergroenen, via een integrale aanpak waarin ook water wordt meegenomen’, aldus de boodschap aan de bestuurders.
 

‘Stimuleer zorgorganisaties om hun patiënten in het groen te laten bewegen. Richt parken bewust in voor ontspanning en beweging en koppel er activiteiten aan. Het is de kunst om de doelgroep te verleiden.’
 

Groen en gezondheid
Dat een groene omgeving ook gunstige effecten heeft op de gezondheid van burgers, daar zijn de wethouders zich van bewust en ze noemden er ook voorbeelden van. Desondanks geven ze toe dat er meer mogelijk is. Apeldoorn zet inmiddels de tool TEEB-stad in om de waarde van groen in geld uit te drukken, het aspect gezondheid blijft daarin volgens de wethouder nog wat onderbelicht. Onderzoeker Jolanda Maas stelde dat met een doordachte aanpak veel winst valt te behalen: ‘Stimuleer zorgorganisaties om hun patiënten in het groen te laten bewegen. Richt parken bewust in voor ontspanning en beweging en koppel er activiteiten aan. Het is de kunst om de doelgroep te verleiden.’
Over Groene Poort
Groene Poort brengt vier disciplines op één platform bij elkaar: politiek, bedrijfsleven, overheid en kennisinstituten. Genodigden zijn leden van de Eerste en Tweede Kamer, functionarissen bij de rijksoverheid, portefeuillehouders bij provincies, veiligheidsregio’s, gemeenten, kennisinstituten, bestuursleden van brancheorganisaties en directies en commissarissen van groenbedrijven met een branchevertegenwoordigende functie. De volgende Groene Poort vindt plaats in het voorjaar van 2015. Groene Poort is een gezamenlijk initiatief van Branchevereniging VHG en de Nederlandse Vereniging van Tuin- en Landschapsarchitecten (NVTL), in samenwerking met Zuydgeest Communicatie.

Buurtbewoners beheren openbaar groen

In deze tijd van bezuinigingen, ook van lokale overheden, is het openbare groen vaak slachtoffer – tot verdriet van de omwonenden. Een manier om, als het echt niet lukt om de plaatselijke politiek te wijzen op haar verantwoordelijkheid voor de groene omgeving, toch het groen zo goed mogelijk te onderhouden, is ‘adoptie’ van openbaar groen door buurtbewoners. Die sluiten daartoe een overeenkomst met de gemeente waarin de verplichtingen over en weer worden aangegeven. Zo kan de gemeente zorgen voor het materiaal, terwijl de buurtbewoners ideeën en mankracht aanleveren. Dat kan zowel gaan om planten, snoeien, wieden en maaien, als om het opruimen van zwerfvuil. Sommige gemeenten staan ook toe dat bewoners een gemeenschappelijke moestuin inrichten, op een stukje braakliggend land.
Naast vergroening van de bebouwde omgeving kan zelfbeheer ook zinvol zijn om de onderlinge samenhang en samenwerking binnen de buurt te verbeteren. De gemeente IJsselstein, provincie Utrecht, biedt voorbeelden.

‘Stenige Leidsebuurt in Haarlem snakt naar groen’

In het Haarlems dagblad van 21 mei j.l. was een interessante reportage van Arthur de Mijttenaere te lezen over de Leidsebuurt in Haarlem, die volgens de schrijver lijkt te snakken naar een vergroeningsbeurt.
In het artikel komen wijkraadsleden Paula Grapendaal en Mara van Limbeek aan het woord. Zij vertellen over hun inspanningen om hun Leidsebuurt groener te maken. Zo gingen zij, aan de hand van een ideeënboek gemaakt door het landschapsbureau Arda uit Woerden, twee weekenden met samen met buurtbewoners aan de slag in hun wijk. Maar, het kan natuurlijk altijd groener.
Zij roepen Leidsebuurters dan ook via het artikel op om zich te melden bij de wijkraad: ‘De mensen moeten zelf hun buurt groener maken, de gemeente zorgt voor financiële ondersteuning. De plantenbakken kunnen bij de gemeente worden opgehaald.’
 
Log gratis in bij Haarlems Dagblad om het hele artikel te lezen: http://www.haarlemsdagblad.nl/regionaal/haarlemeo/article27077905.ece/Stenige-Leidsebuurt-in-Haarlem-snakt-naar-groen_

Beemster schakelt vrijwilligers in voor groenonderhoud, maar blijft inkopen bij professionals

De noodzaak om te bezuinigen op gemeentelijke uitgaven treft ook de budgetten voor aanleg en onderhoud van groen. In hun pogingen de effecten van die bezuinigingen zoveel mogelijk te beperken verkennen sommige gemeenten de mogelijkheid van inzet van vrijwilligers – burgerparticipatie. In de gemeente Beemster, een van de grote polders in Noord-Holland, is een politieke partij actief die tien jaar geleden al voorstelde burgers in te schakelen bij het onderhoud van groen in de gemeente. Nicode Lange legt uit. Hij is raadslid voor de partij met de toepasselijke naam BBP, de Beemster Polder Partij.
‘Uiteraard wordt er gewerkt onder toezicht en met hulp van professionals uit de dienst openbare werken van de gemeente. We doen ook alleen het reguliere onderhoud, bijvoorbeeld van groenstroken en bermen langs de weg. Meer gespecialiseerd onderhoud zal altijd door professionals worden gedaan. Denk dan bijvoorbeeld aan onderhoud waar grote en/of gevaarlijke machines aan te pas komen. Er zijn veel reacties gekomen van burgers, vooral van buurtverenigingen. Daar zijn natuurlijk ook klachten bij, maar de meeste reacties waren positief.’
Maar betekent dit dan dat de mensen die eerder voor het onderhoud zorgden, nu ontslagen worden?
Nee, gelukkig niet. Onze medewerkers van de dienst openbare werken zijn hard nodig om ondersteuning te bieden aan de burger. Wel zal er door een proces van natuurlijk verloop gewerkt worden aan een kleiner aantal ambtenaren die zich met groen bezighouden. Ook hebben wij een ambtelijk samenwerkingsverband met onze buurgemeente Purmerend met betrekking tot onderhoud van groen.’
De bezuinigingen die in de gemeente Beemster worden gerealiseerd raken vooral de eigen gemeentelijke huishouding. Door middel van natuurlijk verloop en interne verschuivingen wordt de menskracht in de sector openbare werken gereduceerd. Raadslid De Lange: ‘Wij denken dat met ons idee het mes aan twee kanten snijdt. Allereerst kunnen we bezuinigingen doorvoeren, die helaas niet te vermijden zijn. Maar daarnaast  draagt deze aanpak bij aan de sociale cohesie in de gemeente. Mensen werken samen aan een concreet doel. Dat schept een band. Vaak gebeurt dit binnen de buurtvereniging. We zien dat mensen de handen ineen slaan en samen iets moois van hun buurt willen maken.’
Vanzelfsprekend blijft een gemeente als Beemster een beroep doen op de professionele groensector, als het gaat om de inkoop van bomen en planten. ‘We zien dat buurtverenigingen hun budgetten inzetten om groen in te kopen en op zo’n manier zorgen voor mooi en verzorgd groen in hun buurt.’
Bezuinigingen en de inzet van vrijwilligers in plaats van beroepskrachten kunnen leiden tot versobering of zelfs verloedering van de openbare ruimte. Raadslid de Lange zegt daar niet bang voor te zijn. ‘Ik kan me voorstellen dat het in steden een ander verhaal is, maar in de Beemster is de gemeenschapszin groot.  Vorig jaar bestond de Beemster 400 jaar en tijdens dit feestjaar is gebleken waar Beemsterlingen, als ze samenwerken in buurtverenigingen, toe in staat zijn. De gemeente heeft er nog nooit zo mooi uitgezien als in dat jaar. Wij hopen dat deze trend zich door zal zetten.’