Berichten

Veel aandacht voor Nationale Boomfeestdag in 240 gemeenten

Ruim honderdduizend kinderen uit 240 gemeenten hebben vandaag op de 59e Boomfeestdag een boom of struik in Nederland geplant. Zo’n dertigduizend volwassenen deden hetzelfde. In het bijzijn van onder meer prinses Laurentien werd vandaag in Almere de traditionele bomencirkel van het nationale evenement gepoot. Bij elkaar werden vandaag in heel Nederland tweehonderdduizend bomen en struiken geplant om zo aandacht te vragen voor de natuur.
Volgens directeur Peter Derksen van Stichting Nationale Boomfeestdag doen ieder jaar steeds minder kinderen en gemeenten mee aan het jaarlijkse evenement. De Boomfeestdag wordt minder populair en dat komt volgens Derksen mede door verminderde aandacht op school voor biologie.
Mede door de provinciale verkiezingen waren dit jaar opvallend veel vertegenwoordigers van Gedeputeerde Staten bij de festiviteiten in het land aanwezig. Tien van de twaalf provincies stuurden een gedeputeerde of een commissaris van de koning naar het grootste natuurevenement van Nederland.
Bron: ANP

Boomfeestdag 2015: Bomen & Water!

Op woensdag 18 maart 2015 wordt de 59ste editie van de Boomfeestdag gevierd met als thema ‘Bomen & Water’. Een meer dan actueel thema en dat niet alleen vanwege de Waterschaps-verkiezingen die ook op deze datum worden gehouden. Daarbij is water niet alleen de eerste levensbehoefte voor mensen, maar ook voor de natuur: zonder water is er namelijk geen leven. In een gezonde natuur spelen bomen een belangrijke rol, omdat zij met haar wortels namelijk de grond vasthouden. En in onze volgebouwde steden zorgen ze ervoor dat het overtollig hemelwater wordt opgenomen. Het planten van bomen komt dus ten goede aan een goede waterberging en waterbeheersing.
Water speelt een steeds belangrijkere rol in onze maatschappij en de politiek: denk hierbij aan de klimaatveranderingen in relatie tot het steeds hoger worden van de zeespiegel. Dit komt mede door mondiale problemen rondom grootscheepse bomenkap, dat haar effect ook op ons land heeft. Het voorjaar wordt ook steeds droger door de klimaatsveranderingen. De grondwaterstand is dan laag, waardoor vooral jonge bomen problemen krijgen om “aan te slaan”. Hiermee dient rekening gehouden te worden in de nazorg, door het geven van water bij pas geplante bomen. Deze nazorg moet derhalve structureel onderdeel zijn van de gemeente-begroting, anders is het kapitaalsvernietiging. Water is dus onmisbaar bij de groei van bomen, omdat alle biochemische processen in de boom zich afspelen in een waterig milieu. Er is een duidelijk verband tussen opname van koolzuur en de waterafgifte tijdens de hete dagen. Als er onvoldoende water in de bodem aanwezig is en ook te weinig luchtvochtigheid, heeft dat effect op de groei van de bomen.
Almere
De aftrap van de Boomfeestdag wordt dit jaar gegeven in Flevoland, de jongste provincie van Nederland. De gemeente Almere is heel blij dat het Boomfeestdagbestuur er voor heeft gekozen om na 18 jaar weer naar Flevoland te komen. Almere is een groene stad; grote bossen en parken, meren en stadslandgoed De Kemphaan. En ook de beroemde Oostvaardersplassen liggen vlakbij Almere.
Groene stad
Almere is ontworpen door landschapsarchitecten. Een stad waarin de ontwerpers het groen van de natuur en het blauw van het water vanaf het begin hebben opgenomen in het ontwerp van de stad. Veel groen tussen en in de wijken. Inmiddels heeft Almere bijna 200.000 inwoners.
De Floriade
Almere vindt groen belangrijk. Daarom wordt de Floriade 2022 gehouden in Almere. Maar nu eerst de Boomfeestdag op 18 maart 2015!
 
Bron: Nationale Boomfeestdag

Bomen kunnen levens redden

Dat is de uitkomst van een studie die in 2014 gedaan is David J. Nowak, Satoshi Hirabayashi, Allison Bodine en Eric Greenfield en waarvan de uitkomsten onlangs gepubliceerd werden in het tijdschrift ‘Environmental Pollution’.
Nowak en zijn team onderzochten het effect van bomen en bossen op de luchtkwaliteit en de volksgezondheid in de Verenigde Staten. Concluderend stellen zij dat alle Amerikaanse bomen tezamen 850 mensenlevens redden en dat zij meer dan 670.000 aanvallen van ademhalingsproblemen voorkomen.
Bomen gaan luchtverontreiniging tegen doordat ze fijn stof uit de lucht wegvangen en verontreinigende gassen absorberen met de huidmondjes van de hun bladeren. In dit onderzoek werden 4 stoffen gemeten: stikstofdioxide NO2, ozon O3, zwaveldioxide SO2 en fijn stof PM2,5.
Alhoewel het directe effect van bomen op de luchtkwaliteit zeer beperkt is (een verbetering van de gemiddelde kwaliteit met minder dan 1 procent), heeft het dus wel een grote impact op de gezondheid. Die impact is het grootst in dichtbevolkt, verstedelijkt gebied, alhoewel het effect op de luchtkwaliteit van de bomen daar het kleinst is. Volgens de onderzoekers onderstrepen hun resultaten het belang om meer bomen aan te planten in steden.
 
Meer informatie? Hier kunt u het onderzoek downloaden.

Grenoble vervangt reclame in straatbeeld door bomen

De Franse stad Grenoble heeft een Europese primeur te pakken. Als eerste stad in Europa gaat Grenoble in het oog springende reclame-uitingen, zoals grote billboards, verbannen uit het straatbeeld. De stad wordt op die manier zo veel mogelijk reclame-vrij. Kleinere borden, met daarop ideële en/of culturele boodschappen mogen nog wel worden geplaatst. Op de leeggekomen plekken in de stad, zal een vijftigtal nieuwe bomen worden geplant.
Minder aggressief en minder stressvol
De burgemeester van Grenoble, Eric Piolle, heeft een groene, duurzame stad voor ogen, waarin voor reclame geen plaats is. De stad gaat de komende jaren dan ook vol inzetten op vergroening van de leefomgeving, openbaar vervoer en fietspaden. Piolle verklaart in het persbericht dat ‘’de betreffende reclameborden niet meer van deze tijd zijn en niet meer aansluiten bij de manier van leven van de “Grenoblois” anno 2014’’. Met het uitbannen van reclame wil Piolle zijn stad “zachter en creatiever” maken en daarmee “minder agressief en stressvol”. De straatbeeld zal volgens Piolle zo beter tegemoet komen aan identiteit van de inwoners van zijn stad, die van oudsher sterk zijn verbonden met hun erfgoed en de hun omringende natuur.
Een groene, leefbare stad
Vanaf januari 2015 zullen de eerste borden worden verwijderd en worden vervangen door bomen. Deze vergroening van past in de ambitie van het stadsbestuur om van Grenoble een stad naar “de menselijke maat” te maken, waarin het prettig leven is voor jong en oud.
 
Grenoble is met haar 160.000 inowners de eerste grote Europese stad die reclame op deze manier uitbant. Eerder werd in Sao Paolo de “visuele vervuiling” van de stad aangepakt.

Vier groene vragen aan … Henk Raaijmakers

Henk Raaijmakers
Voorzitter van de LTO vakgroep Bomen en Vaste Planten
 
1. Waarom vindt u het belangrijk dat ‘De Groene Stad’ nieuw leven is ingeblazen?
Twaalf jaar geleden, tijdens de Floriade, is De Groene Stad geïntroduceerd. Er is sindsdien een hoop veranderd, zo is onder andere het Productschap Tuinbouw opgeheven. Het ‘merk’ dat we met De Groene Stad hebben opgebouwd is echter zo sterk – ook internationaal- dat het kapitaalvernietiging zou zijn geweest als we De Groene Stad geen nieuw leven hadden ingeblazen. Daarnaast blijft de boodschap van De Groene Stad actueel, zo niet steeds actueler. Binnen enkele jaren woont 60 tot 80% van de mensen in steden. Het vergroenen van onze steden en het werken aan groene verbindingen met het platteland, is noodzakelijk als we de stad leefbaar en de mensen gezond willen houden.
2. Wat zijn voor LTO de belangrijkste doelstellingen voor en van De Groene Stad?
De Groene Stad is voor ons echt een uithangbord voor alles wat er op ‘groen gebied’ gebeurt. Denk daarbij aan wetenschappelijk onderzoek en innovatieve groenprojecten die hier worden verzameld en onder de aandacht worden gebracht, maar ook het tonen van succesvolle groene burgerinitiatieven. Zodoende kan De Groene Stad overheden, beleidsmakers en burgers motiveren en inspireren om meer met groen te doen.
3. Welke rol speelt LTO Vakgroep Bomen en Vaste Planten in dit geheel?
Het mooie aan dit samenwerkingsverband –langs de lijnen van iVerde- is dat er binnen De Groene Stad door de gehele groene keten integraal wordt samengewerkt, van de boomkwekers tot de handelaren tot de hoveniers die het groen uiteindelijk onderhouden. Het resultaat van onze groene inzet is natuurlijk vele malen groter wanneer een hele sector dezelfde boodschap uitdraagt. Meer specifiek kunnen wij als LTO vakgroep Bomen en Vaste Planten binnen dit partnerschap onze expertise over de juiste toepassingen van groen (bijvoorbeeld: ‘Welke boom zet je op welke plaats?’) en onze kennis van nieuwe soorten inbrengen.
4. Hoe ziet u de ambities van The Green City in dit verband?
Nederland is de grootste exporteur van boomkwekerijproducten ter wereld! Dat betekent automatisch dat er in ons land een enorme kennis over groen en groene toepassingen is en ik vind dat Nederland daarom op dit terrein bij uitstek kan fungeren als gidsland voor de rest van de wereld. Door de goede Nederlandse handelscontacten is er een enorm netwerk ontstaan waarmee wij onze groene kennis kunnen doorgeven. En dat is nodig ook. Niet alleen in Nederland, maar wereldwijd trekken steeds meer mensen naar de stad, met alle problemen van dien. Om onze steden wereldwijd toekomstbestendig en leefbaar te houden, is know-how nodig en die hebben wij in huis. Met The Green City kunnen we deze kennis aan de volgende generaties doorgeven

Toekomstbestendig openbaar groen centraal op Innovatiedag Bomen voor de toekomst

Op donderdag 11 september organiseert DLV Plant in samenwerking met het Praktijknetwerk Duurzame aanpak van ziekten, plagen en onkruiden en ZLTO de innovatiedag ‘Bomen voor de toekomst’ bij boomkwekerij Ebben BV in Cuijk. De dag is bedoeld voor iedereen die actief is in de groenketen en staat in het teken van een duurzame toekomst van het openbaar groen. Tijdens het ochtendprogamma geven enkele prominente mensen uit de groenketen hun visie en is er een forumdiscussie. Tijdens het middagprogramma zijn diverse innovaties te bekijken.
Een groene omgeving bevordert de leefbaarheid, draagt bij aan het welzijn van mensen en is dus belangrijk voor de toekomst. In de praktijk krijgt groen echter niet altijd de aandacht die het verdient. De inkoop van plantmateriaal en de aanleg en onderhoud van het openbaar groen is dikwijls een sluitpost in veel projecten en bij het huidige aanbestedingsbeleid is de inkoopprijs vaak leidend. Dit gaat ten koste van de kwaliteit, duurzaamheid en kosten op de lange termijn. In de praktijk hebben gemeenten en groenvoorzieners te maken met het moeilijk aanslaan van bomen en planten en veel uitval.
“Dit kan beter”, vindt Henk Raaijmakers, vicevoorzitter van de LTO vakgroep Bomen en vaste planten. Hij is één van sprekers op de Innovatiedag ‘Bomen voor de toekomst’ en zal samen met andere forumleden en aanwezige bezoekers discussiëren over de toekomst van duurzaam openbaar groen. Raaijmakers vindt dat niet prijs maar kwaliteit leidend moet zijn bij aanbestedingen. Ook Peter Henssen van Henssen BV, een cultuurtechnisch bedrijf in Schinnen (L), heeft deze mening. Henssen vindt dat er meer gekeken moet worden naar Total Cost of Ownership. “Nu op een goede manier de planning, inkoop en aanplant van kwalitatief goed groen oppakken, betekent op de lange termijn kosten besparen.” Naast Raaijmakers en Henssen nemen ook gedeputeerde Johan van den Hout van de Provincie Noord-Brabant, Harm Horlings voorzitter van de Vereniging Duurzame Boomkwekers Nederland en Leendert Koudstaal van de gemeente Den Haag en deel aan het forum.
Toekomstbestendig en duurzaam sortiment
Leendert Koudstaal, beleidsmedewerker groen van de Gemeente Den Haag en tevens voorzitter van het de themawerkgroep Bomen van de Vereniging Stadswerk is overtuigd dat overheden geld kunnen besparen op onderhoud door bij de aankoop meer te kijken naar kwaliteit en betere plantomstandigheden. “We moeten naar een toekomstbestendige en klimaatbestendige stad. Dat betekent enerzijds dat er al in de tekentafelfase nagedacht moet worden over een optimaal plantgat. Anderzijds moeten er andere keuzes gemaakt worden als het gaat om sortiment. Denk aan warmte- en windbestendige soorten. Maar ook variatie en afwisseling als het gaat om soorten. Tijdig de juiste keuzes maken, betekent kosten besparen op de langere termijn”, aldus Koudstaal.
Harm Horlings houdt als voorzitter van de vereniging Duurzame Boomkwekers Nederland een korte inleiding over de rol van keurmerken bij de inkoop van duurzaam groen. In 2008 hebben overheden de ambitie geformuleerd om in 2015 100% duurzaam te gaan inkopen. De gemeenten Boxtel en Schijndel namen in 2008 het voortouw met de inkoop van duurzaam geproduceerd plantmateriaal. Inmiddels zijn enkele jaren verstreken. Maar kwekers van duurzaam geteeld plantmateriaal zoals Milieukeur, Groenkeur, MPS QualiTree of EKO zien ondanks deze ambities dat de vraag naar duurzaam groen beter kan. Ondanks deze constatering heeft het bestuur van DBN besloten om van Milieukeur over te stappen naar Groenkeur. Horlings gaat tijdens het forum in op de beweegredenen.
Aansluitend aan de forumdiscussie kunnen bezoekers via een rondleiding kennismaken met Boomkwekerij Ebben BV. Het ochtendprogramma wordt afgesloten met een netwerklunch.
Demonstraties van innovaties
De innovatiedag bestaat uit een apart ochtend en middagprogramma. Tijdens het middagprogramma zijn er rondleidingen langs demonstraties en proeven en is er een infomarkt waar diverse innovaties worden getoond op het gebied van o.a. duurzame onkruidbestrijding, bodemoptimalisatie, verbetering plantomstandigheden, schoon water en een duurzame aanpak van ziekten en plagen. Ook zijn er enkele lezingen. Jan P. Mauritz van Mauritz adviseurs & Taxateurs BV gaat in op het toekomstbestendige sortiment en gebruikt daarbij als voorbeeld een tiental bomen van Boomkwekerij Ebben. Henri Kuppen, adviseur bij Terra Nostra, geeft een innovatieve en toekomstbestendige kijk op openbaar groen. Ook vinden er inleidingen plaats over groeiplaatsverbetering.
Het middagprogramma is interessant voor uitvoerenden in het openbaar groen of in de boomkwekerij, maar ook voor beleidsmakers, ambtenaren openbaar groen, hoofd-groenvoorzieners en boomkwekerijondernemers die graag de nieuwste ontwikkelingen in de praktijk willen zien.
Geïnteresseerden kunnen hier meer informatie vinden over de innovatiedag op internet of zich opgeven voor deelname.

Amsterdam, stad van grachten en bomen

In de meeste wereldsteden is groen, zijn bomen, niet direct de meest opvallende elementen. Een park heeft een wereldstad meestal wel, zoals Hyde Park in Londen, of het roemruchte Vondelpark in Amsterdam. Maar het Amsterdamse stadscentrum wordt vooral gekenmerkt door de met duizenden iepen beplante grachtengordel, bewonderd door elke bezoeker. Niet voor niets was de hoofdstad van Nederland in 2012 ‘European City of Trees’ als zodanig benoemd door de Europese organisatie van boomspecialisten, de European Arboricultural Council nadat eerder al, in 2010, de hele Amsterdamse grachtengordel door de UNESCO was aangemerkt als Werelderfgoed.
Stabiele bodem
Bijzonder is, dat juist bomen, in het bijzonder iepen, een belangrijke rol hebben gespeeld bij het ontstaan en de uitbouw van de grachtengordel, in de 17de eeuw. Hans Kaljee en Jan-Willem Obbink beschrijven in een artikel onder de titel ‘Amsterdam plant al 400 jaar bomen’ hoe reiziger al in de 17de eeuw zich verbaasden over het groene aanzien van Amsterdam. In die tijd immers was de openbare ruimte in grote steden boomloos. De iepen langs de Amsterdamse grachten werden, aldus Kaljee en Obbink, vermoedelijk niet alleen geplant om esthetische motieven, maar ook omdat het wortelstelsel de bodem stabiel hield, en de kades op die manier intact. Bovendien was iepenhout goed bruikbaar voor allerlei doeleinden, zoals de constructie van sluisdeuren en de vervaardiging van klompen. Het iepenloof, dat in de jaren ’50 door de toenmalige Dagboekanier van dagblad Het Parool als een soort symbolische lauwerkrans werd toegekend aan verdienstelijke Amsterdammers, bood in de zomer verkoelende schaduw aan marktkooplieden en wandelaars.
Bomenzand
In de huidige tijd, nu Amsterdam als een magneet steeds nieuwe bewoners blijft aantrekken, groeit en gedijt, is het gemeentelijke beleid erop gericht enerzijds de nieuwe inwoners binnen de stadsgrenzen te huisvesten, maar anderzijds het groene aanzien van de stad te handhaven en te versterken. Al ruim dertig jaar hanteert men daarbij duidelijke maatstaven voor de aanplan van nieuwe bomen. Die moeten kunnen beschikken over voldoende ruime voor de wortelstructuur: minimaal 25 kubieke meter ‘doorwortelbare ruimte’, zoveel mogelijk gevuld met een speciaal door deskundigen van de gemeente Amsterdam en universiteit Wageningen ontwikkeld grondmengsel, bekend onder de naam ‘Amsterdams bomenzand’.
Een aspect dat in veel steden leidt tot problemen is het samengaan van boomwortels met ondergrondse kabels en leidingen. Juist in Nederland, waar kabels meer dan waar ook keurig ondergronds worden opgeborgen, vereist die symbiose speciale aandacht van de planners en de planters – net zoals de symbiose van bomen met de ruimtelijke en andere behoeften van rijdende en geparkeerde auto’s.
Bomentoets
Beide kansen op problemen zijn in Amsterdam grondig aangepakt, om niet te zeggen ‘onder controle’. Het Amsterdams Planvormingsoverleg telt experts op de gebieden van stedenbouw, ondergrondse infrastructuur en boomtechniek, schrijven Kaljee en Obbink, advies van dat overleg kan ertoe leiden dat in het kader van een ontwikkelingsplan naast bodemkwaliteit, archeologie, funderingen energie en de eventuele aanwezigheid van explosieven, ook de eventuele gevolgen voor de bomen in kaart worden gebracht. Daartoe heeft Amsterdam zelfs een speciale ‘bomentoets’ ontwikkeld, waarmee ‘boomwaarden’ kunnen worden betrokken in de beschouwingen over een voorliggend plan. Zo worden parkeerplaatsen ontwikkeld die, door de combinatie met speciaal ingerichte ‘wortelstraten’, optimaal ruimte bieden aan bomen.
Duidelijk mag zijn, dat ook 400 jaar na de aanplant van de eerste bomen langs de grachten, het samengaan van bewoning, bakstenen en wielen met duurzaam groen, in Amsterdam nog steeds hoog in het vaandel staat.
 
 
NB: Bij het schrijven van dit artikel is gebruik gemaakt van het artikel ‘Amsterdam plant al 400 jaar bomen’ uit het vakblad Groen.