Berichten

Nader onderzoek naar het effect van groene daken

De meeste steden hebben grote behoefte aan extra waterberging om wateroverlast te voorkomen. Steeds vaker zoeken waterschappen en gemeenten die berging niet meer in, maar €˜op de stad€™. Met planten en grassen begroeide daken zouden uitstekend functioneren als tijdelijke waterberging tijdens hevige regenbuien, en bovendien zorgen voor een aangenaam binnenklimaat en verkoeling van de directe omgeving.  Maar werkt het echt?
STOWA (Stichting Toegepast Onderzoek Waterbeheer) laat het onderzoeken.
De behoefte aan nader onderzoek is evident, aldus Kees Broks die namens STOWA het onderzoek begeleidt. €œWaterschappen gaan op dit ogenblik zeer verschillend  om met groene daken. Het ene waterschap neemt ze al mee in hun berekeningen voor de stedelijke wateropgave.  Soms is men zelfs bereid een gedeelte van de aanleg te  subsidiëren. Het andere waterschap laat groene daken in  deze rekensom geheel buiten beschouwing. Er bestaan  kortom heel verschillende verwachtingen over de mate  waarin het vergroenen van daken kan bijdragen aan klimaatbestendig stedelijk waterbeheer. Dat heeft veel te maken met het feit dat de vermeende eigenschappen van  groene daken nu direct worden vertaald in het effect dat ze zouden hebben op het stedelijke watersysteem. Maar  dat verband is nooit goed onderzocht. Hoog tijd daar eens goed aan te gaan meten.â
Moderne testlocatie
Voor dat meetwerk haakt STOWA aan bij Het Daklab, een moderne testlocatie op het dak van het gloednieuwe onderkomen van het Nederlands Instituut voor Ecologie  (NIOO-KNAW) in Wageningen. Op Het Daklab doet een groot aantal partijen gezamenlijk experimenteel onderzoek naar het effect van (biodiverse) dakvergroening op energie, klimaat en waterhuishouding. Kees Broks: ‘€œWe  gaan uiteenlopende groene dakbedekkingen van diverse  diktes onderzoeken, en bekijken onder meer het effect dat ze hebben op de waterbalans: wat gebeurt er met  gevallen neerslag? Wat verdampt er, hoeveel van de neerslag wordt opgenomen door de vegetatie en wat is de uiteindelijke afvoer van het dak? Ook willen we graag weten  wat er gebeurt bij hevige regenval. In hoeverre vlakken groene daken – in vergelijking tot een normaal dak – de piekafvoeren af? Uiteindelijk willen we goed onderbouwd antwoord kunnen geven op de vraag of, en zo ja: in hoeverre en wanneer er sprake is van een significant effect op de benodigde waterberging in stedelijk gebied. Moet je daarvoor honderd huizen van een groen dak voorzien, of gaat  het pas renderen als je een hele woonwijk vergroent?’€
Mitsen en maren
In het onderzoek wordt ook nadrukkelijk gekeken naar  de mogelijke mitsen en maren van dakvergroening, aldus Broks.  ‘€œEen groen dak kan water bergen, maar heeft ook  water nodig. Het is niet de bedoeling dat je in droge perioden het dak op moet om het water te geven. Hoe zorg je  ervoor dat de vegetatie onder alle omstandigheden waterhuishoudkundig optimaal blijft functioneren? En wat is er nodig aan beheer en onderhoud? Het zijn allemaal vragen waar op dit ogenblik nog geen bevredigende antwoorden op zijn.’€
Tijd om het uit te zoeken
Kees Broks hoopt met het onderzoek te bewerkstelligen dat waterschappen groene daken uiteindelijk een volwaardige plek kunnen geven als een van de mogelijke  maatregelen om te voldoen aan de stedelijke wateropgave. ‘€œZe zouden projectontwikkelaars, gemeenten en eigenaren duidelijke specificaties voor vegetatiedaken kunnen meegeven, die passen bij de doelstellingen voor  de waterhuishouding, met daarbij de effecten hiervan op  de stedelijke wateropgave. Zover is het nog niet. Maar we  hebben de tijd om het uit te zoeken. Juist omdat het aanleggen van groene daken over tien of twintig jaar ook nog  mogelijk is, ook in bestaande situaties.’
Bron:
STOWA

Openstelling uiterwaarden heeft positief effect op vrijetijdseconomie

Uit het onderzoek ‘Openstelling loont! Het effect van natuur en openstelling op de vrijetijdseconomie langs grote rivieren’ blijkt dat de openstelling van de uiterwaarden voor recreanten een positief effect heeft op de vrijetijdseconomie.

Het onderzoek spitst zich toe op een vergelijking van drie gebieden: de Gelderse Poort, de Midden-IJssel en de Brabantse Bedijkte Maas. De gebieden verschillen sterk in de mate van natuurlijkheid en openstelling, maar ook in de omvang van de vrijetijdseconomie, zo blijkt uit de resultaten.

Het onderzoek is door het Bureau voor Ruimte & Vrije Tijd uitgevoerd in het kader van Rijn in Beeld, met ondersteuning van het ministerie van Economische Zaken Landbouw & Innovatie en het Wereld Natuur Fonds.

Download het rapport »
 

 

 

Bron:
Bureau voor Ruimte & Vrije Tijd

Bloemen en planten hebben een positief effect op creativiteit

Het gunstige effect van planten op de creativiteit van mensen op de werkplaats wordt keer op keer opnieuw bewezen. Robert Ulrich van de Texas A&M University concludeerde aan de hand van een studie die 8 maanden duurde dat mannelijke deelnemers tot 15% meer creatieve ideeën bedachten, terwijl vrouwelijke deelnemers met eenzelfde percentage meer flexibele oplossingen kwamen opzetten nadat bloemen en planten in hun kantoor waren geplaatst.

In een andere studie concludeerden de onderzoekers dat kinderen opmerkelijk meer creatieve spelletjes gingen spelen wanneer ze zich op een speelplaats bevonden waar groen aanwezig was in vergelijking met plaatsen waar dat niet het geval is.

Minder vandalisme
Planten en bomen hebben in alle omgevingen een positief effect op de samenleving: in een plantrijke, groene stadsomgeving worden tot 48% minder vandalenstreken en 52% minder geweldadige misdrijven gepleegd. Volgens de onderzoekers hebben planten een positief effect op de gemoedstoestand van mensen  en neemt de kans dat ze een misdrijf plegen daardoor af.

Kleur groen doet wonderen
Ook de kleur groen doet wonderen. Deelnemers aan een studie waarbij een reeks anagrams moest worden opgelost deden tot 30% beter wanneer die anagrams in groene inkt waren opgesteld dan wanneer ze in rode inkt waren gedrukt.  De onderzoekers besluiten dat wie zijn creatieve kant wil optimaliseren groen moet gebruiken.

Bron:
Express.be

——————————————————————————–

Deze website is powered by Plant Publicity Holland, Groenforum Nederland en wordt mogelijk gemaakt door Productschap Tuinbouw.
 
 

 

 

Groen heeft significant positief effect op luchtkwaliteit

De conclusie van de meetproef Groen langs de A50, waarvan de voorlopige resultaten op donderdag 28 mei tijdens de Conferentie Eureka III in Nijmegen werden gepresenteerd, is dat een groene vegetatie langs de weg een significant positief effect heeft op de luchtkwaliteit.

Uit de meetproef blijkt dat vegetatie waarschijnlijk niet geschikt is om de luchtkwaliteit direct langs de weg te verbeteren. Voor de aanpak van achtergrondconcentraties lijkt de inzet van groen echter wel geschikt.

Luchtverontreiniging wordt afgevangen
De resultaten van de proef geven een duidelijke indicatie dat een deel van de luchtverontreiniging door de vegetatie wordt afgevangen. Voor stikstofoxiden stelden metingen een verlaging van 13% (bij Tilia tomentosa ‘Brabant’) en 16% (bij Pinus sylvestris) vast, met een onzekerheidsmarge van 4%.

Fijn stof afvangen
Over de afvangst van fijn stof door de vegetatie kunnen geen uitspraken worden gedaan. Uit de meetproef blijkt dat de methode die het consortium heeft gehanteerd, en ook andere methode die in Nederland worden gebruikt om het effect van vegetatie op fijn stof te meten, niet geschikt zijn.

Vervolgonderzoek
Jan van der Meer, vanuit de Stadsregio Arnhem Nijmegen verantwoordelijk voor luchtkwaliteit geeft aan dat vervolgonderzoek nodig is. “Verdere analyse van de gegevens moet aantonen hoe de processen precies werken en hoe de positieve ‘actieradius’ van groen dichter naar de wegen kan worden verlegd. Heeft vegetatie vooral een positief effect op de achtergrondconcentraties van een groter gebied, of kunnen we groen ook in de stad inzetten om de luchtkwaliteit daar te verbeteren? Daarnaast gaan we voor het onderzoek van het effect van vegetatie op fijn stof een alternatieve methode uitwerken. Die willen we in een nieuwe meetproef inzetten.”   

Bron:
De Stadsregio Arnhem Nijmegen

 

 

 

Groene Effect Rapportage

Een Groene Effect Rapportage (GER) van vier groene voorbeeldwijken: Kerckebosch in Zeist, Wageningen-Hoog, Haagse Beemden in Breda en Haverleij in Den Bosch. In deze GER wordt de hoeveelheid groen in de genoemde wijken bepaald, waarbij onderscheid
wordt gemaakt tussen decorgroen en gebruiksgroen. Vervolgens zijn in kwalitatieve zin de ‘groene’ kosten en baten in kaart gebracht, met andere woorden: ‘Wat is er gebeurd met de kwaliteit van het groen bij het tot stand komen van de wijk?’ Naast de meningen en visies van de actoren aan de productiekant (ontwerpers en gemeenten) zijn ook de bevindingen van de bewoners met betrekking tot Groen Wonen in het onderzoek betrokken.
Trefwoorden bij deze rapportage zijn: woonwijk, groen en stedenbouw, gebruikswaarde, belevingswaarde.

Het effect van planten en kunstmatig daglicht op het welbevinden en de gezondheid van kantoorpersoneel, schoolkinderen en gezondheidswerkers

In Noorwegen is einde jaren Negentig een begin gemaakt met onderzoeken die ten doel hadden te bepalen in hoeverre kamerplanten van invloed zijn op de gezondheid en het welbevinden van mensen die hun werkdagen voor het grootste gedeelte tussen vier muren doorbrengen. Geconcludeerd wordt dat duidelijk is aangetoond dat kamerplanten een interessante mogelijkheid betekenen om het leefklimaat binnenshuis te verbeteren. De verwachting is zelfs gerechtvaardigd dat toepassing van kamerplanten een gunstige uitwerking heeft op de productiviteit, arbeidsvreugde en zelfs het ziekteverzuim.