Berichten

Kansen voor natuurinclusief ondernemen

In de Rijksnatuurvisie, die de overheid in 2014 publiceerde, ziet ze een belangrijke rol voor natuurinclusieve economie waarin particulier initiatief een een rol krijgt in het natuurbeleid. Natuur en ondernemen is geen onmogelijke combinatie, maar de overheid moet wel stimuleren.

Natuur en ondernemen lijkt een onlogische combinatie. Natuur is immers een publiek goed. De overheid heeft in de Rijksnatuurvisie toch hoge verwachtingen van de rol die ondernemers kunnen spelen in de uitvoering van het natuurbeleid. Voor behoud van natuur verwacht de overheid dat ondernemers een centrale rol spelen. Maar is dat reëel?
Onderzoekers van LEI Wageningen UR hebben gekeken wat perspectieven zijn voor drie sectoren: de biologische landbouw, de recreatiesector en het particulier landgoedbezit. Blijft het een nichemarkt? Of wordt het mainstream? Het rapport ‘Natuurinclusief ondernemen: van koplopers naar mainstreaming?’ laat zien dat natuur en ondernemen geen onmogelijke combinatie is, maar de mogelijkheden zijn beperkt. En de overheid moet wel stimuleren.
Biologische landbouw
Ondernemers in de biologische landbouw denken positief over natuur. Ze hebben aandacht voor een gezonde bodem en biodiversiteit. Ze doen ook aan verbrede landbouw en agrarisch natuurbeheer. Maar de sector is beperkt qua omvang. Het areaal biologische landbouw is in Nederland nog onder de 3%.
Recreatie
In de recreatiesector krijgen ondernemers meer aandacht voor de verbinding van recreatie en natuur. Voor hen is aandacht voor natuur een marketingstrategie. Natuur en landschap is dan een drager van de bedrijfsvoering. Ze benadrukken de recreatieve waarde van natuur. Zo zijn er recreatieondernemers die denken aan exclusieve overnachtingen in de natuur, waarbij de ondernemers bijdragen aan het onderhoud van de natuur in en om zijn bedrijf.
Landgoedbezitters
Voor particuliere landgoedbezitters waren houtproductie, landbouw en jacht vanouds de bronnen van inkomsten. Natuurbeheer kan voor sommige landgoederen een aanvullende bron van inkomsten zijn, maar wel eentje die sterk afhankelijk is van overheidsbijdragen.
Hoewel alle sectoren wel kansen zien, zeggen ze ook dat de regelgeving soms achterblijft. Zo zijn recreatieondernemers huiverig grond te gebruiken voor tijdelijke natuur.
Bron: groenkennisnet.nl

Kinderzender Nickelodeon gaat op Buitenspeeldag 2016 op zwart

Op woensdag 8 juni organiseren Jantje Beton en  kinderzender Nickelodeon samen de jaarlijkse Buitenspeeldag. Er worden die dag door heel Nederland voor ruim 90.000 kinderen buitenspeelactiviteiten opgezet. Het kanaal van Nickelodeon gaat tijdens de Buitenspeeldag ’s middags vanaf 13:00 uur op zwart om alle kinderen te stimuleren om naar buiten te gaan.
Jantje Beton en Nickelodeon hebben in aanloop naar de Buitenspeeldag gemeentes, buurtverenigingen, ouders en scholen opgeroepen alles uit de kast te trekken om buitenspeelactiviteiten samen met kinderen te bedenken. En daar is ook dit jaar massaal gehoor aan gegeven. Op 8 juni aanstaande kunnen 90.000 kinderen survivalbanen bestormen, vlotten bouwen of een ouderwetse kruiwagenrace houden. Tijdens de Buitenspeeldag kan het allemaal!
Kinderen denken mee
Ook dit jaar hebben kinderen voor zelf bedachte activiteiten subsidie bij Jantje Beton aangevraagd. Er zijn hele creatieve aanvragen gedaan. Van circus acts en buikschuiven, tot compleet uitgewerkte activiteiten binnen het thema reis om de wereld. Dat wordt weer dolle pret!
NDSM-werf
Op de NDSM-werf in Amsterdam-Noord wordt het hoofdevenement van de Buitenspeeldag gehouden. Hier worden verschillende activiteiten georganiseerd en zal tevens de Chiquita & Nickelodeon Speelplaats te vinden zijn, vol verschillende activiteiten die te maken hebben met de centrale thema’s plezier, spelen en beweging. De verschillende activiteiten nemen de kinderen mee op een reis vol avontuur, zoals de Bananen Berg, Bananen Basketball, Bungee Rennen en Disco Ananas. De speelplaats is op zo’n manier gemaakt dat de kinderen constant actief en creatief bezig zijn.
Buitenspelen must voor ieder kind!
Wat is er leuker voor kinderen dan avontuurlijk buitenspelen met vriendjes? Buiten gaat een nieuwe wereld voor hen open en tijdens het spelen leggen ze een stevige basis voor later. Buitenspelen lijkt vanzelfsprekend, maar dat is het niet. Maar liefst 1 op de 5 kinderen speelt niet of slechts één keer per week vrij buiten. En dat terwijl buitenspelen kinderen vrolijk en blij maakt. En nog belangrijker: buitenspelen prikkelt de fantasie en is goed voor de sociale vaardigheden, gezondheid en motoriek. Juist in een tijd waarin 80% van de kinderen niet genoeg beweegt en veel speelomgevingen zijn verarmd, kan er niet voldoende aandacht naar uitgaan.

Wilde bijen dragen bij aan een betere bestuiving in de fruitteelt

Wilde bijen dragen bij aan een betere bestuiving in de fruitteelt en een hogere winst: 10 miljoen euro per jaar in de perenteelt en ruim 5 miljoen in de teelt van aardbeien.
Dat in het wild levende bijen en zweefvliegen bijdragen aan de bestuiving van fruitgewassen, was al lang bekend. Maar in welke mate ze dat doen, was niet bekend. Kwantitatieve gegevens ontbraken. Vorig jaar werden de resultaten bekend van een eerste onderzoek naar het effect van wilde bestuivers in appels en blauwe bes. Hun bijdrage aan de productiewaarde bedraagt jaarlijks duizenden euro’s per hectare, bleek uit dat onderzoek. In opdracht van het ministerie van EZ is nu ook onderzocht wat het effect is in twee andere gewassen: peren en aardbeien. Onlangs verscheen het rapport ‘De bijdrage van (wilde) bestuivers aan een hoogwaardige teelt van peren en aardbeien’.
Peren en aardbeien
Het onderzoek werd uitgevoerd op teeltbedrijven met perenras Conference en bij vollegrondsteeltbedrijven met het aardbeienras Elsanta. Het zijn beide de meest voorkomende rassen in Nederland. Op basis van de resultaten berekenden de onderzoekers dat bij peren meer dan de helft (62%) van de bestuiving door wilde soorten wordt gedaan. Voor aardbeien was dat 46%.
Interessanter is de bijdrage aan de opbrengstverhoging. Bij peren resulteert bestuiving in een 17% hogere opbrengst in kilo’s peren. De netto winst per hectare is ongeveer 42% hoger wanneer bestuivers aanwezig zijn. Bij peren blijken vooral hommels een belangrijk effect te hebben. Bij aardbeien dragen bestuivers bij aan een goede vruchtvorm. Door bestuiving wordt 9% meer kilogram aardbeien geproduceerd, maar de vruchten komen ook in een hogere kwaliteitsklasse waardoor de nettowinst maar liefst 57% hoger is. Bij aardbeien lijken zweefvliegen een belangrijke rol te spelen.
Bijenhabitat
Er is een verband tussen de soortenrijkdom aan wilde soorten en de hogere opbrengst. En de soortenrijkdom neemt aantoonbaar toe naarmate er in de directe omgeving van het perceel een voor de bijen geschikte habitat aanwezig is. Je kunt denken aan wegbermen, bloemstroken, houtwallen en dijken. Het zou daarom interessant zijn te experimenteren met de aanleg van een bijenhabitat op een bedrijf. Je kunt bloemstroken inzaaien of houtige opstanden aanleggen.
Bron: groenkennisnet.nl

Onderzoek toont aan: Stadsgroen maakt warmte dragelijk

Meer nog dan water zorgt groen ervoor dat we ons prettig voelen in een stad op een warme zomerdag. Een goede en verspreide hoeveelheid stadsgroen is daarom essentieel om stadshitte te lijf te gaan.

Dat bewijst onderzoek van Wiebke Klemm. De promovenda landschapsarchitectuur onderzocht de bijdrage van stadsgroen aan het zogeheten thermisch comfort op warme zomerse dagen in de stad. Thermisch comfort wil zeggen: hoe wij de warmte beleven, hoe (on)aangenaam het samenspel van temperatuur, wind luchtvochtigheid en straling aanvoelt.

Als het warm is, zoeken we de schaduw op. En geen lekkerder schaduw dan die van een mooie boom. Maar gek genoeg is de relatie tussen thermisch comfort en stadsgroen volgens Klemm nauwelijks onderzocht. Meteorologen meten en berekenen van alles over hitte in de stad, maar dat zegt niks over hoe een mens die warmte echt ervaart en wat de rol van stadsgroen daarbij is. Klemm vroeg er wel naar in Arnhem, Rotterdam en Utrecht. De conclusie is helder: stadsgroen zorgt ervoor dat wij ons ‘thermisch’ prettig voelen. Water of de schaduw van gebouwen haalt het in onze beleving niet bij de verkoelende werking van een bomen.

In Utrecht werd daarnaast het thermisch comfort van het centrum, dertien parken en een stukje buitengebied gemeten door op twee bakfietsen vol apparatuur rondjes te rijden. Dat leverde gedetailleerde gegevens op over de temperatuur, de stralingstemperatuur en de zogeheten fysiologisch equivalente temperatuur. Dat laatste getal is een biometeorologische maat voor thermisch comfort. Ook de meetgegevens tonen aan dat groene plekken de koelte-eilanden in een stad zijn.

In parken is de lucht koeler (een graad Celsius), is de stralingstemperatuur lager (2,5 graad) en is de fysiologisch equivalente temperatuur lager (1,9 graad) dan in het centrum. De parken verschillen onderling tot wel twee graden in koelte. Dat komt volgens Klemm met name door de inrichting van het park. Tien procent meer boombedekking bijvoorbeeld levert een ruim drie graden lagere stralingstemperatuur op. Ook maakt het uit of er uit de richting van waar de wind komt groen aanwezig is.

De resultaten bewijzen volgens Klemm het belang van stadsgroen. Door de klimaatverandering zal de hitte in steden toenemen. Thermisch comfort zal daardoor volgens haar steeds belangrijker worden bij de inrichting van de buitenruimte. ‘Behoud en onderhoud daarom bestaand groen en zorg waar mogelijk voor meer en beter stadsgroen, zodat mensen op warme dagen een keuze hebben aan thermisch aangename plekken.’

Bron: wageningenur.nl

Spelen tot je groen ziet in Molenvliet

Het wijkpark Molenvliet krijgt binnenkort de functie van speelbos. “Het park wordt nauwelijks gebruikt en dat is jammer”, zegt combinatiefunctionaris Ron Vermeij. Hij gaat samen met zijn nieuwe collega buurtsportcoach Jeroen Merk aan de slag met het speelbos.
Merk is uiteindelijk verantwoordelijk. “Hij wordt het gezicht van het speelbos”, vertelt Vermeij die vanuit Beweegteam Woerden al vele projecten in Woerden-West realiseerde. “Wij starten op en werken er naartoe dat het speelbos op eigen benen kan staan.” Maar zover is het nog lang niet. “We zijn nu bezig met beleid en plannen maken,” zegt Merk.
“In het speelbos gaan we gebruik maken van de natuur.” Hutten bouwen, speurtochten maken, verstoppertje spelen, van simpele tot spannende dingen. Vermeij: “Als bijvoorbeeld een bedrijf een stapel pallets neergooit, gaan we daar hutten van bouwen, er zomers zelfs een nachtje slapen om die vervolgens aan het eind in de fik te steken.”
Ze willen het hele park gebruiken en er komt dus ook geen hek omheen. “Het is gewoon openbaar en we hebben geen toestellen of apparaten nodig.” Vanuit de gemeente hebben ze toestemming om dit allemaal op te zetten. “Wethouder Stolk is erg enthousiast. We krijgen zelfs de vrije hand om het park wat op te fleuren met nieuwe beplanting bijvoorbeeld”, verklaart Merk.
Omdat ze geen spullen neerzetten is het ook niet verplicht om omwonenden in te lichten, maar dat doen ze wel. De mannen houden een informatieavond om zo de bewoners op de hoogte te stellen en ze erbij te betrekken “We vinden het belangrijk dat dit speelbos door de wijk gedragen wordt”, zegt Merk.
Ze beginnen eenvoudig en gaan steeds uitbreiden. Zo willen ze het in mei 2015 gestarte moespark naar het eiland in het wijkpark te halen. Er wordt nu onderzocht of de grond geschikt en veilig is om groente te verbouwen. Naast kinderen is er plek genoeg om het wijkpark ook voor andere doelgroepen aantrekkelijker te maken.
“Je kent die trimbanen van vroeger nog wel met apparaten van hout, boomstamspringen, dat soort dingen. Zoiets willen we hier ook maken.” En hiermee komen er ook voor de Stichting Woerden Actief mogelijkheden. “We lopen al een paar jaar met het idee rond om een beweegtuin voor senioren op te richten”, vertelt Maarten Stiggelbout.
“Door dit initiatief kunnen we hierbij aanhaken waardoor het mogelijk is dat meer doelgroepen van het wijkpark gebruik maken.” Stiggelbout denkt inderdaad aan een soort trimbaan. “Een route door het park met onderweg allerlei oefeningen.” Stiggelbout ziet op termijn op meer plekken dit soort trimbanen verschijnen, en dan in samenwerking met sportverenigingen of andere partijen. “Onze rol is vooral ondersteunen en meedenken, ook op het gebied van financiering.”
Bron: woerdensecourant.nl