Berichten

Verslag: Britse landschapsarchitecten bezoeken Nederland

De Groene Stad op stap met Britten in Rotterdam
 
Van woensdag 22 oktober t/m vrijdag 24 oktober verbleef een delegatie Britse landschapsarchitecten in Nederland. Deze internationale tuinmissie was een initiatief van de Nederlandse ambassade in Londen. Door medewerkers van de ambassade was een intensief , driedaags programma opgesteld, waarbij onder andere een aantal  innovatieve Nederlandse boomkwekerijen werden bezocht. De donderdag stond volledig in het teken van bijzondere groenprojecten in Rotterdam. De Groene Stad mocht aanschuiven in de bus naar Rotterdam, waar Eveline Bronsdijk – coördinator ‘duurzame stad’ van de gemeente Rotterdam – ons in rap tempo langs alle mooie, groene plekken van de Maasstad zou leiden.
De eerste locatie van de dag was het waterplein in de Benthemstraat. Dit plein, dat in samenwerking met buurtbewoners en omliggende bedrijven is ontworpen, is bedoeld om overtollig water op te vangen bij hevige regenbuien. Wanneer het in korte tijd hard en veel regent, stroomt het plein langzaam vol, waarna het in kleine hoeveelheden water afstaat aan het riool. Een waterplein is zodoende een prima manier om de riolen – die het zwaar hebben tijdens extreem weer- te ontzien.
De volgende stop was de nabijgelegen DakAkker op de Schiekade. Een plek waar – terecht- al veel en vaak over geschreven is. Dakboer Wouter Bauman, milieukundige van het Rotterdams Milieucentrum en vanaf de start in 2012 bij het project betrokken, kon ons alles vertellen over dit grootste (1000 m2) oogstbare dak van Europa. De DakAkker een van de deelprojecten van De Luchtsingel, een stadsinitiatief waarbij nieuwe Rotterdamse ondernemers en bewoners geënthousiasmeerd worden om bij te dragen aan de ontwikkeling van de buurt rondom het Hofplein. Een gebied dat lange tijd werd gedomineerd door verwaarloosde buitenruimte en grootschalige leegstand.

DakAkker en Dakpark Rotterdam

Op de DakAkker worden groente, fruit, kruiden en eetbare bloemen geteeld. Ook worden er op het dak bijen gehouden. De geoogste producten worden – naast aan de mensen die werken in het ondergelegen kantoorpand ‘Het Schieblock’- vooral verkocht aan chefs van omliggende restaurants. Wouter vertelt dat vooral de eetbare bloemen – gebaat bij een niet al te lange reis tussen oogst en bord-  in trek zijn bij de topchefs. Daarnaast zijn hedendaagse koks steeds meer geïnteresseerd in het verhaal achter het product. Bovendien vinden ze het leuk om hun klanten te kunnen vertellen dat het bietje dat op hun bord ligt, nog geen honderd meter verderop gekweekt is.
Een korte busrit later, stapten we uit bij Dakpark Rotterdam. Ook al een bijzondere plek, want het is een waterkering, park, winkelcentrum en parkeerplaats in één. Het park is 1200 meter lang, 85 meter breed en 9 meter hoog en ligt bovenop een winkelcentrum op een voormalig rangeerterrein in Rotterdam West. Wanneer je over het park heen loopt, heb je een prachtig uitzicht over het havengebied.

In de buurttuin kunnen buurtbewoners samen stadstuinieren staan zelfs eind oktober de bloemen nog volop in bloei.

Rik de Nooijer, landschapsontwerper bij de gemeente Rotterdam, vertelt dat het lang geduurd heeft voordat het park daadwerkelijk van de tekentafel kwam. De verschillende functies die het park zou krijgen zorgden voor veel verschillende belangen, wat het besluitvormingsproces flink vertraagde. De periode van ontwerp tot opening van het park besloeg maar liefst vijftien jaar. Het park bestaat uit een grote openbare Mediterrane tuin, een speeltuin en een buurttuin waar buurtbewoners samen kunnen stadstuinieren en waar zelfs eind oktober de bloemen nog volop in bloei staan.

 Westerkade en Leuvehoofd

Ten slotte werd het smalle park langs de Westerkade en het Leuvehoofd bezocht – ontworpen door Piet Oudolf– dat langs de rivier de Maas tussen de Erasmusbrug en de Euromast loopt. Waar nu het park ligt, lagen vroeger louter steen en parkeerplaatsen. Doel van het nieuw ontworpen park is om de Rotterdammers, die voorheen met hun rug naar de rivier toeleefden, meer naar de rivier te trekken.
Al met al een mooie dag in Rotterdam, waarbij we opnieuw werden gesterkt in de gedachte dat er in Rotterdam op duurzaamheids- en groengebied veel interessante dingen gebeuren.

Benthemplein Rotterdam grootste waterplein ter wereld

Zoals veel steden, is Rotterdam dichtbebouwd. De stad heeft veel gebouwen en nog veel meer bestrating. Tegelijk worden regenbuien steeds heftiger, waardoor de kans op wateroverlast in de stad toeneemt. In Rotterdam is maar weinig ruimte om extra ruimte te maken voor water, zoals singels, met name in de binnenstad. Zo ontstond in 2005 het idee van het waterplein: een plein dat bij droog weer een aantrekkelijke, leuke omgeving biedt, en bij heftige regenbuien zorgt dat er minder water naar het riool en de singels stroomt.
Bij droog weer zijn er mooie plekken om te basketballen en te skaten, bij zware regenval kunnen de bassins het regenwater van het plein en de daken opvangen. Bij elkaar ongeveer 1,7 miljoen liter water. Dat water hoeft daardoor niet meer naar het riool, dat dus minder snel zal overstromen. En zo helpt het plein om droge voeten te houden terwijl regenbuien steeds heftiger worden.
De architecten van de Urbanisten hebben een traject begeleid met studenten, bewoners en ondernemers uit de buurt, zodat zij zoveel mogelijk invloed hadden op hun nieuwe plein. En dat heeft gewerkt: bij de officiële opening waren zo’n 300 mensen bij elkaar om te vieren dat deze nieuwe primeur voor Rotterdam klaar was. En toen de bouw nog in volle gang was, werd het plein in de weekenden al gebruikt door skaters en bootcampers.
Bekijk hier een filmpje over de opening van het plein.

Bron: stad Rotterdam

Waterberging, een grote stedelijke uitdaging

Klimaatverandering en de steeds verder voortschrijdende verstedelijking zullen in grote delen van de bevolkte wereld leiden tot toenemend risico op overstromingen. Zo hebben we steeds vaker te maken met hevige regenval, waarbij we merken dat het overtollige water steeds moeilijker kan worden afgevoerd door onze riolen. Gevolgen: ondergelopen parkeergarages, overstromende grachten en pleinen. Waterberging in de stad is dan ook een thema waar veel stedenbouwkundigen en architecten zich op dit moment mee bezig houden. Uitgangspunt in het denken is het combineren van stedelijke functies: openbare ruimte en waterberging, groen en waterberging, parkeren en waterberging.
Waterplein Rotterdam
Een geslaagd voorbeeld van de combinatie openbare ruimte – waterberging, is het Waterplein in Rotterdam, ontworpen door bureau De Urbanisten. Het idee van het plein is simpel: als het droog is, functioneert het plein als een gewoon stadsplein, als ontmoetingsruimte en skateplein voor de jeugd. Maar bij hevige regenval, transformeert het –uit drie plateaus opgetrokken- plein in een groot waterbassin.
Hamburg, voorbeeldstad
Ook in Hamburg wordt rekening gehouden met het stijgende water, al komt het gevaar daar eerder van de rivier de Elbe die rechtstreeks met de Noordzee verbonden is. Een eventueel van springtij of een snel stijgende zeespiegel, maken de stad kwetsbaar. Het Hamburgse stadsbestuur heeft het volgende bedacht: de gebouwen in de nieuwe stadsdelen worden op acht meter hoge plinten gezet, die bij periodes van droogte kunnen dienen als parkeergarages. Daarnaast zijn bruggen en wegen verhoogd, zodat auto’s ook bij hoog water weg kunnen komen.
Groene daken als spons voor hemelwater
Groen in de bebouwde omgeving, speelt – naast talrijke andere concepten – een belangrijke rol in het denken over maatregelen om (toekomstige) wateroverlast te beheersen. Zo wordt bijvoorbeeld op het Polderdak aan de Amsterdamse Zuidas op 1000 vierkante meters dak 73 kubieke meters water opgevangen, waarbij het verkoelende groene dak zorgt voor een besparing van 10 tot 30% aan energiekosten.
 
 
NB: Bij het schrijven van dit artikel is gebruikt gemaakt van voorbeelden uit het artikel ‘Deltawerken voor de uitdijende stad’ door Tracy Metz, verschenen op 21-6-2014 in het FD