Berichten

De Bomenstichting: ‘Wij zijn er nog!’

Wat veel mensen weten is dat de Bomenstichting in 2011 de deuren van haar werkorganisatie moest sluiten. Wat echter niet iedereen weet, is dat de stichting nooit is opgeheven en dat een kern van enthousiaste vrijwilligers het werk van de Bomenstichting heeft voortgezet. We zijn nu drie jaar verder en het gaat goed met de Bomenstichting! Een nieuw bestuur, een fris nieuw logo en een kantoor in Amsterdam. Het donateursaantal loopt langzaam op en er is zelfs weer iemand in dienst genomen. Vandaag praat de Groene Stad in Amsterdam met Hanna Hirsch, bureausecretaris, en met Els Couenberg, bestuurslid, over ‘de Bomenstichting 2.0’.
 

“De Bomenstichting beschikt over een groot netwerk aan deskundigen, vooral boomspecialistisch, maar ook juridisch”

Lokale vrijwilligers
Hanna vertelt dat de Bomenstichting er – kort gezegd-  is voor alle bomen buiten het bos: de bomen in de stad en op het platteland. De stichting fungeert als helpdesk voor iedereen met vragen over bomen, zet zich in voor bescherming van bomen en geeft voorlichting. Zo nodig tekent de Bomenstichting bezwaar aan tegen kapvergunningen. Er wordt zo veel mogelijk lokaal gewerkt. Daarbij weet de stichting zich gesteund door een netwerk van 190 over het land verspreide contactpersonen. Locals kunnen de situatie ter plaatse immers het best inschatten. Ook voor deskundig advies beschikt de stichting over een groot netwerk aan deskundigen, vooral boomspecialistisch, maar ook juridisch.
Els, bestuurslid van de Bomenstichting en als bioloog gespecialiseerd in stadsbomen: ”De Bomenstichting heeft geen enkel commercieel motief. Wij zijn dan ook geen concurrent van de boomspecialisten’’.
Landelijk Register van Monumentale Bomen
Een andere belangrijke taak van de stichting is het beheer van het Landelijk Register van Monumentale Bomen, waarin veel bomen zijn opgenomen die volgens de Bomenstichting van nationaal belang zijn. Het gaat om bomen met een hoge leeftijd – in ieder geval ouder dan 80 jaar – gecombineerd met een bijzondere schoonheid of zeldzaamheidswaarde of een beeldbepalende functie voor de omgeving. Het register bevat op dit moment zo’n 15.000 objecten: losse bomen, lanen en boomgroepen.
Activiteiten op stapel
Van de Bomenstichting valt er in 2015 een hoop te verwachten. Zo zal er een geheel herziene uitgave van het boek ‘Bomen met je buren’ uitkomen, een leidraad bij geschillen over bomen op de erfgrens. Voor elk Nederlands gemeente- of stadhuis zal – in de frisse nieuwe huisstijl- de folder ‘Bomen bij de erfgrens’ beschikbaar zijn . Gemeenten kunnen de folder bij de Bomenstichting bestellen. Ook laat Hanna trots het ontwerp voor de nieuwe ‘bomenbordjes’ zien, educatieve bordjes met informatie over 18 verschillende nieuwe bomen. En als klap op de vuurpijl is op dit moment een grote groep vrijwilligers bezig om de bomen uit het Landelijk Register van Monumentale Bomen te inspecteren. ‘’In de jaren 80, toen het register opgesteld is, zijn de coördinaten van de bomen vanaf een papieren kaart bepaald. Bij het overzetten van de gegevens naar de nieuwe database zijn niet alle bomen goed op de kaart terecht gekomen. Met als gevolg dat sommige bomen zich volgens Google Maps in zee bevinden’’, lacht Els. “Dat bestand maken we nu up to date’’. Gelukkig worden de meeste bomen in het register goed omschreven (pad aflopen en derde zandweggetje links) en anders weten buurtbewoners vaak ook wel welke boom wordt bedoeld. Gelijk controleren we of de bomen er nog staan, want er is lang geen inventarisatieronde geweest.
Bomen tussen de dieren
We mogen alvast een kijkje nemen in het vernieuwde register dat binnenkort integraal op de website van de Bomenstichting zal staan. Elke monumentale boom in Nederland zal zo te vinden zijn, mét de juiste locatie op Google Maps, het plantjaar en een foto. Hanna en Els inspecteerden vorige maand zelf nog de bomen in Artis. Daar staat onder andere de oudste boom van Amsterdam, een prachtige zomereik, die nog niet was opgenomen in het register. Hanna: ‘’Het inspecteren is ontzettend leuk werk. Je leert je stad op een heel actieve manier kennen en je komt nog eens ergens’’. Zo bleek de nieuw op te nemen zomereik zich tussen de wolven en het vertrek van de chimpansees te bevinden. Na grondige inspectie werd de boom gezond genoeg bevonden en zal binnenkort te bewonderen zijn op de website van de Bomenstichting.
 
Klik hier voor meer informatie over de Bomenstichting 

Interview met boomspecialist Willem Koot

‘Als je bedenkt wat zo’n boom allemaal al heeft meegemaakt, wat die allemaal al heeft ‘gezien’, dan is het toch prachtig dat je ervoor kunt zorgen dat zo’n boom langer kan blijven bestaan.’

Willem Koot, boomspecialist van beroep, was al op jonge leeftijd gefascineerd door bomen. Als kind is het natuurlijk enorm stoer om in hoge bomen te klimmen. Gaandeweg werd die kinderlijke fascinatie omgezet in professionele bewondering en besloot hij van de bomen zijn werk te maken. Hij werkt al 24 jaar bij Copijn Boomspecialisten. ‘Bomen zijn de langstlevende organismen op deze wereld, daar moeten we enorm zuinig op zijn. Ze maken onze omgeving leefbaar. Bomen vervullen zo veel functies. Het zijn enorme luchtzuiveraars, ze zorgen voor koelte en geven een stad uitstraling. Probeer je de Amsterdamse grachten zonder haar karakteristieke Iepen maar eens in te denken, dat is onmogelijk.’ Elke week gaat hij wel even kijken bij zijn favoriete boom -de 600 jaar oude Kroezeboom, een eik bij Tubbergen- die hij al 24 jaar verzorgt. ‘Als je bedenkt wat zo’n boom allemaal al heeft meegemaakt, wat die allemaal al heeft ‘gezien’, dan is het toch prachtig dat je ervoor kunt zorgen dat zo’n boom langer kan blijven bestaan.’
Zintuigen/Computer
Als boomverzorger- of boomspecialist- hang je de ene dag in de touwen om snoeiwerkzaamheden uit te voeren, maar zit je net zo goed achter je computer om de uitslagen van picus-metingen te analyseren. Met een picus geluidstomograaf kunnen door middel van geluidssignalen beschadigingen binnenin de boom in kaart worden gebracht. Een boom kan er van buiten gezond uit zien, terwijl hij van binnen aangetast blijkt te zijn. Om de veiligheid van een boom te kunnen waarborgen, is het dan ook van belang regelmatig onderhoudswerkzaamheden uit te voeren. Koot: ‘Mijn werk is proberen een boom te lezen, te begrijpen. Mijn oren, ogen, en handen zijn daarbij minstens net zo belangrijk als de technische apparatuur. Een ander mooi aspect van mijn baan is dat ik elke dag samen mag werken met mensen die, net als ik, affiniteit hebben met bomen en zich inzetten voor groen in de openbare ruimte.’
Bomenbeleid in Nederland
‘Wat veel mensen eigenlijk niet weten, is dat je als eigenaar van de grond waarop een boom staat, je een zorgplicht draagt voor die boom. Dit geldt zowel voor particulieren als voor gemeenten. Wat mijns inziens overigens vreemd is, is dat er in Nederland geen eenduidig beleid gevoerd wordt als het om het behoud van bomen binnen de bebouwde kom gaat. Zo mag je in Almere bij wijze van spreken zomaar bomen kappen, hanteren ze in Utrecht een beleid dat gebaseerd is op de leeftijd van de boom en de omtrek van de tuin. In Amsterdam is het kapbeleid daarentegen juist weer heel streng. Het is jammer om te zien dat duurzaam boombehoud helaas niet altijd centraal lijkt te staan.’
Boomverplaatsing Driebergen
In maart haalde Copijn het NOS Journaal met een wel heel bijzondere klus; de verplaatsing van twee markante bomen die in Driebergen plaats moesten maken voor een nieuwe woonwijk. Het betrof twee monumentale bomen: een zeventig jaar oude Mammoetboom (Reuzensequoia) en een even zo oude Watercipres, overblijfselen van een ooit op die plaats gelegen boomkwekerij. Vooral de wijze waarop de boom verplaatst werd was uitzonderlijk. Voor het eerst werd namelijk gebruik gemaakt van de zogenaamde vijzelmethode om een boom te verplaatsen, een techniek die voorheen enkel werd gebruikt voor het verplaatsen van (constructies van) gebouwen.
De methode werkt als volgt: stalen buizen van 8 meter lang worden op een diepte van 1.20 meter onder de boom geboord. De buizen worden vervolgens samengeperst totdat ze een soort stalen bloempot om de boom en zijn kluit heen vormen. Daarna wordt de boom voorzichtig gelift en kan hij met 12 meter per uur worden verplaatst.
Achter de schermen was Koot al zes jaar bezig met het uitdenken van een manier waarop bomen op relatief snelle wijze verplaatst zouden kunnen worden, zonder dat de boom te veel beweegt of de kluit uit elkaar valt. ‘Toen ons bedrijf gevraagd werd voor dit project, wist ik direct dat ik het op deze manier wilde aanpakken. Mensen hebben me voor gek verklaard en me verzekerd dat het onmogelijk zou zijn een boom op een dergelijke manier 50 meter te verplaatsen, het was immers nog nooit eerder zo gedaan. Maar ja, ‘kan niet’ komt niet in mijn woordenboek voor, dus ik dacht: ‘Dat zullen we nog wel eens zien!’. Het heeft me heel wat hoofdbrekens en slapeloze nachten gekost, maar gelukkig is het een groot succes geworden en een grote stap vooruit voor de boomverzorging in het algemeen’
Nazorgperiode
Het gaat, nu vier maanden later, goed met de twee bomen. De verplanting heeft ze niet aangetast, wat overigens geen toeval is. Koot: ‘We hebben de nieuwe groeiplaats vooraf zo goed mogelijk in kaart gebracht en ingericht, om zeker te zijn dat de wortels aan zouden slaan.’ Zo werden onder andere een zonnediagram uitgevoerd, de grondwaterstand gecheckt en werd gekeken of de bomen voldoende licht zou krijgen. Daarbij wordt een nazorgperiode van drie jaar gehanteerd, waarin de bomen goed in de gaten worden gehouden en zo nodig extra water krijgen toegediend. Daarnaast worden de bomen behandeld met ‘anti-verdamping’, een natuurlijke was die een klein laagje om de naalden vormt. Dit zorgt er voor dat de huidmondjes in de naalden gedeeltelijke worden afgesloten, waardoor het verdampingsproces wordt vertraagd. Terugkijkend kan volgens Koot gesproken worden van een zeer succesvolle verplanting – er zijn al 10 cm lange scheuten op de bomen te zien!- en zullen er op deze manier nog vele volgen. ‘Maar’, zo benadrukt hij: ‘het liefst laat ik de bomen natuurlijk met rust en houd ik mijn handen er vanaf. We komen alleen in actie als het echt niet anders kan.’