• Column Lodewijk Hoekstra: Bouwen plus biodiversiteit

    #biodiversiteit #degroeneagenda #delevendetuin #Gebiedslabel #groen bouwen #lodewijkhoekstra #omgevingsgwet #tijdelijkenatuur

    Het klinkt ietwat tegenstrijdig; bouwen en biodiversiteit. Bouwen gaat over het samenstellen van diverse dode materialen tot één object terwijl biodiversiteit gaat over ecosystemen die vanzelf groeien. De economie floreert op het moment en er moet daarom flink gebouwd worden om te wonen en te werken. Naast de beoogde 75.000 nieuwe woningen per jaar verrijzen nieuwe solarparken, infrastructurele projecten en bedrijfsterreinen als paddestoelen uit de grond. In de praktijk gaat de bouw nu vaak ten koste van bestaand groen en draagt weinig of niets bij aan biodiversiteit terwijl deze nu al zwaar onder druk staat onder toedoen van menselijke activiteiten. Zo hebben we te maken met een ongekende afname van natuur en biodiversiteit. Er wordt geschat dat in Nederland op sommige plekken al 75% van het vliegende insectenleven is verdwenen of zwaar onder druk staat. Het lijkt alsof we moeten kiezen tussen twee noodzakelijke behoeftes: er moet gebouwd worden terwijl we als mens ook sterk afhankelijk zijn van een florerende natuur. Het blijkt in de praktijk lastig om deze totaal verschillende zaken te combineren.

    Wie is er nou verantwoordelijk voor natuur als biodiversiteit als die zo belangrijk is voor ons als mens? Het Rijk heeft het natuurbeheer als taak gedelegeerd naar de provincies en de gemeenten. De provincies doen hun best deze taak te vervullen, maar weten vaak niet goed hoe ze hiermee om moeten gaan. Er zijn wel succesvolle projecten zoals ‘Ruimte voor de rivieren’, maar het eigenlijke doel daarvan is het veiliger en bestendiger maken van Nederland. Gemeenten worstelen ook erg met het thema natuur en hebben het bovendien al lastig genoeg met de andere opgaven die er de afgelopen jaren zijn bijgekomen. Denk bijvoorbeeld aan het ‘gasvrij maken’, de circulaire economie en het klimaatadaptief maken van de leefomgeving door middel van diverse stresstesten en alles wat erbij komt kijken. De natuurorganisaties hebben het de afgelopen jaren sterk laten liggen en werken ook niet goed samen. De groenvoorzieners bemoeien zich meer met de opgave in en rondom steden waar ze groen, of wat er van over is, vaak tegen kostprijs dienen aan te brengen. De realiteit is dat natuur en vooral biodiversiteit in Nederland het veelal af moet leggen tegen andere ‘belangrijkere’ thema’s zoals economische belangen, het faciliteren van multinationals en bijvoorbeeld grootschalige landbouw. Met andere woorden, natuur delft vaak het onderspit in Nederland.

    Toch is het, ondanks de schijnbare tegenstelling, heel erg goed mogelijk bouwen en biodiversiteit te combineren. Het antwoord is natuurinclusief bouwen; het integreren van elementen aan de buitenkant van gebouwen waar dieren en planten kunnen leven. Door isolatie zijn er steeds minder hoekjes en gaten waar bijvoorbeeld mussen of zwaluwen hun nesten kunnen bouwen. Natuurinclusief bouwen ruimt plek in voor nestgelegenheden, groene gevels of groene daken zodat gebouwen opgaan in het stedelijke ecosysteem.

    Dit soort kleine, maar belangrijke aanpassingen in het ontwerp zijn nog niet vanzelfsprekend. Dat kan het wel worden door deze opgave aan te vliegen op projectniveau en ambities en doelstellingen concreet vast te leggen in de uitvraag en het programma van eisen. Hoewel veel gemeenten denken niets voor te mogen schrijven is het wel degelijk mogelijk om zaken als natuur, biodiversiteit en groen met ecologische toegevoegde waarde af te dwingen. Sterker nog, veel projectontwikkelaars zouden hier graag aan bij willen dragen, maar missen duidelijke richtlijnen op dit vlak. Zaak is wel om in te zetten op integrale duurzame gebiedsontwikkeling waarbij alle aspecten van duurzaamheid aan bod komen en deze vervolgens ook middels heldere maatstaven, oftewel KPI’s, vast te leggen. Als duurzaamheid niet meetbaar is, kan er geen borging plaatsvinden van de eerder gestelde ambities en brokkelen eerder gestelde ambities af tot een bedenkelijk niveau. Met name groen en ecologie verworden dan vaak tot de bekende kostenpost en dragen in de praktijk weinig bij aan waarde voor flora en fauna.

    Gelukkig zijn veel gemeenten en provincies steeds meer bezig met het zogenaamde ‘meekoppelen’ waarbij men inzet op het combineren van verschillende opgaven en doelstellingen binnen gebiedsontwikkeling. Ook een dergelijke aanpak kan een positieve bijdrage leveren aan het duurzaam vergroenen van de leefomgeving, mits wederom helder geformuleerde KPI’s worden toegepast en nageleefd.

    Zo is het dus heel erg goed mogelijk om te komen tot verdichting in steden, infrastructuur en industrieterreinen terwijl die ontwikkelingen meetbaar bijdragen aan het in stand houden of zelfs het verbeteren van biodiversiteit. Ook zijn er steeds meer handvatten voorhanden om concreet invulling te geven aan deze opgave. Denk aan de Groene Agenda, De Levende Tuin, Gebiedslabeling, Operatie Steenbreek, de nieuwe Omgevingswet en Tijdelijke Natuur. Ook is er door RVO een prijsvraag in het leven geroepen om opdrachtgevers te belonen die het beste natuur in hun uitvraag weten in te bedden. Benieuwd naar inspiratie? Kijk dan eens op www.bouwenplusbiodiversiteit.nl

  • Terugblik Congres Building Green, Smart en Healthy

    #degroenestad #Denhaag #DGBC #Klimaatadaptatie #robbertsnep #WinnyMaas

    “Duurzaamheid gaat vaak over techniek, regelgeving procedures en finance. Maar vandaag niet.” Dagvoorzitter Bram Adema viel tijdens het congres Building Green, Smart en Healthy met de deur in huis. Er is weinig duurzamer dan groen om je heen, daar is geen business case voor nodig, vervolgt hij, waarna hij de zaal meegeeft niet op een groenblauwe wolk naar huis te gaan.

    Het congres, georganiseerd door DGBC, Royal FloraHolland en De Groene Stad, stond volledig in het teken van de bijdrage van groen en blauw aan belangrijke opgaven in de gebouwde omgeving: gezondheid, welbevinden, waterretentie, hittestress, luchtkwaliteit.

    Groen en blauw: het nieuwe normaal

    Het zijn begrippen waar ook de kersverse deltacommissaris Peter Glas de komende jaren geregeld mee in de weer zal zijn. In gesprek met Adema benadrukte hij het belang van het veilig en leefbaar houden van onze delta. Klimaatadaptatief bouwen is volgens Glas een opgave voor ons allemaal en moet ‘het nieuwe normaal’ worden. Dat vraagt om slimme oplossingen en biedt tegelijkertijd kansen voor het bedrijfsleven. “Kom met goede ideeën. Wij kijken graag of het mogelijk is om die ideeën te gebruiken in het kader van het Deltaplan Ruimtelijke adaptatie of dat we ze op een andere manier kunnen ondersteunen”, aldus Glas. Steden moeten volgens de deltacommissaris waterrobuust en klimaatbestendig worden ingericht. Slimme omgang met water is volgens hem daarbij noodzakelijk: “Geen groen, zonder blauw.”

    Handvatten

    Het belang van groen in de stad is de rode draad in de recente werkzaamheden van onderzoeker Robbert Snep (WUR). Hij overhandigde een door de Groene Agenda gecreëerde Factsheet aan Glas, die zowel overheid als bedrijfsleven handvatten biedt bij het vergroenen steden. Vervolgens liet hij de zaal aan de hand van acht praktische en wetenschappelijke tips zien wat de mogelijkheden zijn. Een van de voorbeelden is een fraaie infographic die aantoont dat door de aanwezigheid van bomen in de steden het op bepaalde plekken tot negen graden koeler kan zijn. De kwantitatieve eisen voor een klimaatadaptieve stad nemen toe, maar Snep biedt de helpende hand. “Vanaf april is een toolbox voor een klimaatbestendige beschikbaar snel stappen gezet kunnen worden.”

    Meer samenwerking nodig

    Het klonk de volgende spreker waarschijnlijk als muziek in de oren. Ludo Steenmetser (gemeente Den Haag) drong tijdens zijn bijdrage aan op snelle structurele oplossingen. “Het Central Innovation District in Den Haag kampt met de spagaat waarin enerzijds de stads steeds groter wordt en tegelijkertijd groen en duurzaam moet zijn. En het liefst ook klimaatdaptief. “Vaak denkt men dat een overschot aan regenwater vanuit Den Haag zo de zee instroomt. Het tegendeel is waar”, laat Steenmetser weten. “Onze pompen draaien dan op volle toeren om te voorkomen dat lagergelegen gebieden niet onderlopen. Meer strategisch groen kan bijdragen aan een oplossing. En daar is samenwerking voor nodig”, aldus Steenmetser. “Het is belangrijk om gezamenlijk met de markt en ontwerpers een instrumentarium vorm te geven om daadwerkelijk iets te realiseren.”

    Hand in hand met groen

    Niet alleen buiten, maar ook binnen de deuren van de gebouwde omgeving kan het groener. Bert van Duijn, hoogleraar plantenfysiologie en wetenschappelijk directeur van Fytagoras pleitte tijdens het congres voor grootschalige toepassing van groen in kantoren. “Planten reduceren schadelijke stoffen, ook in binnenruimtes. Planten op de werkvloer zijn dus niet alleen maar mooi.” Van Duijn gaf tijdens het begin van zijn pleidooi de plant naast hem een hand en liet daarbij weten dat een plant meer merkt en voelt dan wij denken. In het filmpje dat volgde werd zelfs duidelijk dat een plant op mensen reageert. “Ook in negatieve zin”, vervolgt van Duijn. “Een plan die onlangs verplaatst is zal schadelijke stoffen in een ruimte minder snel reduceren.” Maar planten zorgen niet alleen voor een gezonder binnenklimaat. Ze hebben ook daadwerkelijk invloed op het welzijn van de aanwezigen in de ruimte. Onderzoeksresultaten die hij deelde lieten zien dat de productiviteit en concentratie van werknemers omhooggaat. “Hoe meer planten, hoe beter mensen zich voelen. En niet alleen op kantoor. Dit geldt ook voor andere binnenruimtes als scholen en verzorgingstehuizen.”

    Tijd voor actie

    Waar grootschalig groen in de werkomgeving op succesvolle wijze is toegepast is goed te zien in het drie jaar geleden gerenoveerde hoofdkantoor van a.s.r.: zowel binnen als buiten. “Vanaf iedere plek is er uitzicht op groen”, volgens Lizzy Butink, duurzaamheidsmanager bij a.s.r.. Tegelijkertijd zorgt de dubbele gevel zorgt voor verkoeling in de zomermaanden en warmte tijdens de winters. Ook Butink pleit net als Steenmetser voor meer samenwerking op het gebied van groen. “We moeten samen plannen maken en zorgen dat er meer beleid en structuur wordt gecreëerd omtrent groene gebouwen. Maar, we moeten ook daadwerkelijk iets te gaan doen.”

    Meters maken

    DGBC-directeur Annemarie van Doorn maakt zich mede daarom hard om gezondheid en welzijn meer op te nemen in de bestaande systemen. “We hebben hier allemaal belang bij. Het is nu tijd om meters te maken. Dat kan als we dit soort thema’s integreren in bijvoorbeeld BREEAM  of andere meetsystemen.”

    Na de motiverende woorden van Van Doorn konden de aanwezigen verschillende parallelsessies bijwonen waarin er met experts op specifieke thema’s dieper in werd gegaan. Ook was er de mogelijkheid om een stadswandeling te doen waarbij men keek hoe groen in Haagse buitenruimtes is toegepast.

    Durf te dromen

    Het slotakkoord van het congres kwam van de hand van Gideon Maasland, die de honneurs waarnam van Winny Maas. Als operational manager van MVRDV pleitte Maasland ervoor om meer buiten de gebaande paden te treden. “We zijn allemaal zo verschillend, waarom wonen en werken we dan allemaal in dezelfde gebouwen?” Hij zet zijn woorden kracht bij door enkele gewaagde projecten te tonen, waar MVRDV na enkele tegenslagen alsnog veel lof voor kreeg. Transparant en groen zijn sleutelwoorden in zijn presentatie. En dromen. “Durf te dromen, van gezondere en groene gebouwen”, drukte hij de zaal op het hart. Die droom lijkt uit te komen met het project The Valley in de Amsterdamse Zuidas. In samenwerking met Edge Technologies wordt er volgens Maasland gebouwd aan de ultieme plek waar wonen, werk, recreatie en groen samenkomen. Een groenblauwe wolk? Niets is minder waar, de oplevering staat gepland voor 2021.

  • Verticaal beplanten voor meer openbaar groen

    #groene gevels #levende gevels #verticaal groen

    Steeds vaker wordt met vaste planten verticale beplanting toegepast. Levende gevels met vaste planten duiken steeds vaker in het straatbeeld op. Rekening houdend met een aantal randvoorwaarden, zijn veel soorten vaste planten hiervoor geschikt. Zeker in stadsdelen met een dichte bebouwing, dragen ze bij aan een gezond leefklimaat. 

    Van koeling tot geluidsdemping
    De baten van verticale beplanting met vaste planten gaan veel verder dan het esthetische effect, waarmee ze de aandacht van passanten trekken en ze een goed gevoel geven:

    1. De verdamping van het blad heeft een koelend effect.
    2. Groene gevels warmen overdag minder snel op, waardoor ze ’s nachts minder warmte uitstralen.
    3. Bladeren verbeteren de luchtkwaliteit door absorptie van CO2 en luchtvervuiling als roet, fijnstof en stikstofoxiden.
    4. Begroeide muren absorberen 2,5 tot 3 decibel, zodat ze straatgeluiden dempen.
    5. En ze dragen ook nog eens bij aan de biodiversiteit.

    Snel fraai eindbeeld
    De constructie van verticale beplanting met vaste planten bestaat uit gevelpanelen met een groeimedium en een irrigatiesysteem voor watergift en bemesting. Bedrijven brengen regelmatig nieuwe systemen op de markt met nieuwe materialen en technieken. De wand wordt dicht beplant, zodat van de constructie niets of weinig te zien is. Op die manier is al snel een fraai eindbeeld te zien.

    Zon en schaduw
    Voor het beplanten van levende gevels zijn veel soorten vaste planten geschikt. De keuze hangt af van de groeiwijze en het aantal zonuren. Zo zijn voor een zonnige wand kruipend zenegroen (Ajuga reptans), ooievaarsbek (Geranium), ezelsoor (Stachys byzantina) en lampepoetsersgras (Pennisetum ‘Hameln’) geschikt. Een greep uit de planten voor een schaduwwand: dubbelloof varen (Blechnum spicant), schoenlappersplant (Bergenia), longkruid (Pulmonaria) en purperklokje (Heuchera).

    Feiten
    Aanleg van levende gevels vraagt kennis en is een zaak voor professionals. Het onderhoud van groene gevels met gevelpanelen is intensief vanwege de wekelijks controle. Toch zijn de voordelen voor de openbare ruimte zo groot dat het het de kosten ruim overstijgt.

  • Gesprek met Jan Kempers manager Duurzame Ontwikkeling Heineken

    #bedrijfsterrein #bedrijfstuin #bijenlandschap #ecosystemen #groene cirkels #Heineken #Jan Kempers

    ‘Een groen en biodivers bedrijfsperceel hoeft niet duur te zijn’

    Jan Kempers is bij Heineken manager Duurzame Ontwikkeling. De Groene Stad spreekt met hem over de ontwikkelingen in en rond de Heineken brouwerij in Zoeterwoude.  

    ‘Natuur moet zeker onderdeel van de bedrijfsvoering worden, daarover zijn we het wel eens. De vraag is hoe organiseer je dat? We beseften al snel dat je alleen door samenwerking met alle betrokken partijen – in én buiten het bedrijf – verder komt’. Om deze samenwerking vorm en energie te geven, heeft Kempers de Groene Cirkels geïntroduceerd. Heineken heeft samen met Cirkelpartners in Zoeterwoude een duurzame, biodiverse en groene omgeving van de Heineken brouwerij gerealiseerd. Maar hoe ontwikkelde Heineken dit? Tijdens het interview probeerde De Groene Stad zicht te krijgen op deze unieke aanpak.

    Wat betekent volgens u een ‘natuur inclusieve bedrijfsvoering’?

    Kempers: ‘Eigenlijk spreek ik nooit van natuur inclusieve bedrijfsvoering. Voor Heineken bestaat de duurzame ontwikkeling uit vijf thema’s:

    1. Stimuleren van duurzame energie en reductie van broeikasgasemissies;
    2. Zeker stellen van voldoende en goed water;
    3. Gebruik van grondstofkringlopen, de circulaire benadering;
    4. Verduurzamen mobiliteit en logistiek;
    5. Verbeteren van de leefomgeving, het versterken van biodiversiteit.

    Deze thema’s werk ik samen uit met verschillende partijen. Doel is om de duurzame ontwikkeling in- en rondom de brouwerijen in Zoeterwoude, Den Bosch en Wijlre te bevorderen. De Groene Cirkels spelen daarbij hier in Zoeterwoude een belangrijke rol. De kennis en ervaring die we hier opdoen, gebruiken we ook voor onze vestigingen in het zuiden van het land.

    Dragen Groene Cirkels bij aan het scheppen van een duurzame en natuurrijke woon-en werkomgeving?

    ‘Voor onze producten gebruiken wij alles van het land. Heineken is afhankelijk van de natuur. Gerst, hop, water en suiker komen voort uit een natuurlijk systeem. Dat geldt voor meer bedrijven natuurlijk. We realiseren ons dat we afhankelijk zijn van de omgeving bij onze ambitie om kwaliteitsproducten te maken. Het onderkennen van de waarde van onze natuur en ecosystemen wordt dan ook steeds groter. We ondernemen vanuit een respectvolle houding ten opzichte van de natuur. Dat kun je niet op eigen kracht. Het vergt samenwerking tussen bedrijven, tussen mensen. Samenwerken en de natuur de energie die we hebben afgenomen, teruggeven’.

    Dat vergt een omslag in het denken. Hoe creëer je natuurbewustzijn?

    Door het creëren van ontmoetingsplaatsen waar externen samenwerken, innoveren, ideeën uitwisselen en de natuur centraal staat. Een Groene Cirkel is zo’n ontmoetingsplaats. Partijen werken er samen aan het aan het ‘koesteren van de ecosystemen’. De algemene doelstelling van Groene Cirkels botst niet met de individuele belangen van organisaties, van mensen. Het is de kunst ambities parallel te schakelen waardoor ze in harmonie kunnen worden gerealiseerd.

    Het gaat uiteindelijk om het kiezen van een breder perspectief. De vraag; ‘Hoe ontwikkel ik mijn bedrijf naar de toekomst?’ is onlosmakelijk verbonden met de vraag ‘Hoe wordt natuur een vast onderdeel van de bedrijfsvoering?’.

    Uw betrokkenheid is groot… 

    Zeker! Dat komt voort uit mijn overtuiging dat we de maatschappij zo moeten inrichten dat ecosystemen niet overbelast worden, maar meer waardering krijgen.

    Wat kunnen inwoners van steden en dorpen bijdragen?

    Het aanleggen van bij-vriendelijke tuinen. Tuinen waarin biodiversiteit wordt bevorderd. Al die tegels in voor- en achtertuinen… die moeten waar mogelijk weg. Daarmee vergroot je het waterbergend vermogen van de tuin waardoor de riolen worden ontlast. Je vergroot bovendien de ruimte voor natuur, voor nuttige dieren en planten. Verder kunnen burgers lokale bestuurders en politici in hun gemeente ervan overtuigen dat vergroening belangrijk is om onze milieuproblemen te tackelen. En dat op aanleg en onderhoud van groen in onze steden en dorpen niet mag worden bezuinigd’.

    Natuurvriendelijke bedrijventerreinen, steden en dorpen?

    Het creëren van natuurvriendelijke omgevingen is een mooi en belangrijk verhaal. En het hoeft niet duur te zijn! Het ecologisch beheer van natuur op een bedrijfsperceel kost in verhouding tot een designtuin veel minder tijd en geld. Dat geldt ook voor de tuinen van mensen. Het meest belangrijke is het koesteren van de ecosystemen, breng het besef terug dat waardering van de natuur van belang is voor het vergroten van de kwaliteit van het leven en voor de toekomst van onze aarde.

    Een opsomming van de duurzame bedrijfsvoering van de Heineken Brouwerij Zoeterwoude:

    • 4 windturbines op het brouwerijterrein die 40% van de elektriciteit opwekken;
    • Kade aan de Oude Rijn laten maken, zodat de mout over water aangevoerd kan worden (180.000 ton per jaar);
    • Met overheden het Alpherium (inlandse containerterminal) gerealiseerd, zodat de het exportbier over water naar de diepzeehavens vervoerd kan worden;
    • Ledverlichting in magazijnen;
    • Het produceren van biogas uit eigen afvalwater;
    • Samen met Groene Cirkels een Groene Corridor gestart, dit is een klimaat neutrale schone pendel van containers tussen onze brouwerij en de havens van Rotterdam en Antwerpen. Zie de video voor meer informatie: https://vimeo.com/223425088

  • De Groene Stad neemt deel aan het platform Groene Steden voor een Duurzaam Europa

    #duurzaamheid #ENA #europa #Green Cities #Sustainable

    Kent u de website van ons Europese Platform ´Green Cities for a Sustainable Europe´ al? De Groene Stad maakt onderdeel uit van dit platform en hier kunt u veel relevante en nuttige informatie vinden van de deelnemende Europese landen.

    Ook de Europese Unie vindt dat urbanisatie en klimaatverandering vragen om nieuwe oplossingen voor de leefbaarheid in steden. Zij hebben daarom dit project dan ook medegefinancierd. Juist ook omdat openbaar groen een positief effect heeft op biodiversiteit , klimaat, welzijn en luchtkwaliteit. Dit zorgt ervoor dat steden betere plekken worden om te wonen en te werken.

    Het platform ´Green Cities for a Sustainable Europe´ biedt kennis op basis van wetenschappelijk onderzoek, innovatieve ideeën en technische achtergrond, om vergroening van openbare ruimten te bevorderen. Dit is onderverdeeld in de thema´s gezondheid, klimaat, economie, biodiversiteit en sociale cohesie.

    Green Cities for a Sustainable Europe is een initiatief van de ENA (European Nurserystock Association) en boomkwekerij organisaties uit België, Bulgarije, Denemarken, Duitsland, Engeland, Frankrijk en Nederland.

    Klik hier voor de website https://nl.thegreencity.eu/

     

  • De bomen en planten voor het Trudo Vertical Forest

    #bomen #Bosco Verticale #bostoren #trudo vertical forest #vertical forest

    In Eindhoven gaat in 2019 het eerste ‘Vertical Forest’ van Nederland verrijzen. Architect Stefano Boeri, inmiddels internationaal bekend van de groene woontoren in Milaan, kreeg van woning-coöperatie Sint-Trudo de opdracht om voor Strijp-S een groene woontoren te ontwerpen. Het wordt de eerste ‘bostoren’ die bestemd is voor sociale woningbouw en het gebouw krijgt zijn groene uiterlijk door XL plantenbakken bij de balkons van ieder appartement. Deze worden beplant met bomen, struiken en vaste planten en door de hoeveelheid en de maat van de beplanting zal er een geheel nieuwe, verticale groenstructuur ontstaan. Een zeer innovatieve vorm van stedelijke ontwikkeling die naadloos aansluit bij de urgentie om steden te vergroenen.

    Uiteraard vraagt het concept om goed doordachte technische oplossingen want een dergelijke groeiplaats is van nature zeker niet optimaal. In de aanloop naar de realisatie van de bostoren in Milaan zijn daarom veel tests en onderzoeken gedaan met betrekking tot de groeiomstandigheden van de bomen. Er werden windtests gedaan en er is onderzocht in welk grondmengsel bomen zich het beste kunnen vastzetten. Alles werd in het werk gesteld om ervoor te zorgen dat de juiste condities voor gezonde groei konden worden gegarandeerd. De resultaten in Milaan zijn tot nu toe zeer bemoedigend en de bewoners zijn voornamelijk zeer positief over hun groene omgeving.

    In Eindhoven zullen in totaal 136 bomen worden geplant op de verschillende woonlagen. In overleg met landschapsarchitect Laura Gatti en de groenaannemer is gekozen voor een min of meer inheems en sterk assortiment om het bos de allerbeste groeikans te geven. Uiteraard is er ook gekeken naar diversiteit in bladkleur, bladvorm en bloei voor een aantrekkelijk beeld. De plantlijst omvat o.a.

    • Cornus mas, gele Kornoelje, geel bloeiend, zeer vroegbloeiend
    • Acer campestre, veldesdoorm, mooi gelobd blad, zeer sterke boom
    • Cotinus coggygria ‘Royal Purple, rode pruikenboom, donkerrood blad, bloeit met pluimen
    • Prunus yedoensis, sierkers, zeer rijk wit bloeiend
    • Sorbus Dodong, lijsterbes, witte bloei en rode bessen (vogels) in het najaar
    • Prunus serrula Branklyn, sierkers, mooie dieprode afschilferende stammen, mooi zichtbaar in de winter
    • Pyrus salicifolia ‘Pendula’, sierpeer, hangende takken, grijsgroen, beetje viltig blad
    • Amelanchier lamarckii, krentenboompje, dankbare boom/struik; witte bloei in voorjaar, rode bessen (vogels) in nazomer en een mooie herfstkleur
    • Amelanchier ‘Ballerina’, krentenboompje, als de soort maar met meer bessen en fijne takstructuur.
    • Parrotia persica, Perzisch ijzerhout, grillige groeiwijze, prachtige herfstkleuren van oranje tot dieppaars

    In het voorjaar van 2018 zijn alle bomen bij de boomkwekerijen uitgezocht. Deze zijn daarna direct gerooid en voorzien van een ‘airpot’.  De bomen blijven twee jaar bij de kweker op het speciaal ingerichte veld aan de druppelleiding staan, totdat het project zover is gevorderd dat de bomen kunnen worden geplant. Door de bomen vooraf te rooien en op ‘airpot’ te zetten, raken deze de verplantingsstress op de kwekerij al kwijt. De kluiten kunnen goed doorwortelen want de airpots stimuleren de aanmaak van fijne haarwortels. Daarmee is een goede hergroei in de bakken van het ‘Vertical Forest’ gegarandeerd. Om de bomen ook op termijn in hun behoefte te voorzien hebben alle beplantingsbakken een automatisch gestuurd bewateringssysteem. Sensoren monitoren de waterbehoefte en zorgen dat tijdig water wordt gegeven. Ook voor het onderhoud is een passend plan in de maak, zodat de bomen in de toekomst een gezonde groei zullen laten zien.

  • Biodiversiteit op bedrijventerreinen

    #bedrijventerreinen #biodiversiteit #insectenhotels

    Biodiversiteit kan beknopt gedefinieerd worden als een gevarieerde natuur met veel planten- en diersoorten. Hoewel het inzetten op een bedrijventerrein met veel biodiversiteit in eerste instantie misschien niet de meest voor de hand liggende keuze lijkt, kleven er niettemin tal van voordelen aan! Bijvoorbeeld:

    – Van een kwalitatief hoogwaardig bedrijventerrein is het bekend dat het fungeert als een visitekaartje naar klanten en zakenpartners. Biodiversiteit kan een enorm effectieve wijze zijn op de kwaliteit van een bedrijventerrein te verhogen, en hiernaast ook nog eens een overtuiging tot duurzaam ondernemen onderstrepen!

    – Een groene werkomgeving is gezond. Zo hebben mensen minder last van stress en depressies in een groene werkomgeving, en wordt beweging door een dergelijke omgeving gestimuleerd. Dit betekent weer een hogere arbeidsproductiviteit en een vermindering van het aantal verzuimdagen.

    – Consumenten spenderen meer tijd én geld op groene (retail)terreinen, en het beheer van natuurlijke terreinen is vaak goedkoper dan conventioneel groenbeheer.

    Zorgen voor de aanwezigheid van biodiversiteit op een bedrijventerrein hoeft niet moeilijk te zijn. Wanneer de juiste omstandigheden maar worden gecreëerd, ontstaat het vaak vanzelf. Er zijn verschillende wijzen waarop een bedrijventerrein biodiverser kan worden gemaakt. Bijvoorbeeld door middel van:

    – Het aanwezig laten zijn van bloemrijke bermen en percelen, gecombineerd met zogenoemde ‘insectenhotels’. Vlinders zullen hierdoor bijvoorbeeld waarschijnlijk in ruime mate op het bedrijventerrein aanwezig zijn.

    – Het kiezen voor groene erfafscheidingen, zoals hagen of houtwallen, in plaats van (ijzeren) hekken.

    – Het aanplanten van natuur dat eetbare zaken voortbrengt, zoals vruchtbomen of een moestuin.

    Dit zal zoals gezegd niet alleen een positieve rol kunnen spelen bij de arbeidsproductiviteit, het ziekteverzuim, en de (directe) verkoop, maar kan ook fungeren als een visitekaartje, waaruit uw overtuiging tot duurzaam ondernemen blijkt!

    Klik voor innovatieve praktijkvoorbeelden van hoe biodiversiteit kan worden ingebracht op bedrijventerreinen, op de volgende link:

    – Best Practices https://nl.thegreencity.eu/best-practices/

  • Politiek onderkent belang van leefbare, groene steden

    #cda #CU #d66 #Jacco Geurts #motie #Natuurinclusief bouwen #natuurinclusieve steden #stadsnatuur #Tweede Kamer

    Tweede Kamer steunt landelijk programma ‘natuur inclusieve steden’

    De Groene Stad is zeer verheugd dat de motie van Jacco Geurts (CDA) – ondersteund door D66 en de CU – met een ruime meerderheid is aangenomen in de Tweede Kamer.

    Geurts pleit voor de totstandkoming van een landelijk programma ‘natuur inclusieve steden’. De gevolgen van de verstedelijking voor de natuur moet meer aandacht krijgen. Het gaat daarbij om de bouw van nieuwe woningen, maar ook om bestaande wijken. Er moet meer aandacht worden gegeven aan groen in de straten. Bij het opstellen van het programma moeten volgens Geurts steden, provincies, natuurvrijwilligers en het ministerie van Binnenlandse Zaken en Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit samen gaan werken.

    Achtergrond van de motie is het feit dat in de afgelopen decennia steeds meer landbouwgrond en natuur is opgeofferd om de bevolkingsgroei, vestiging van bedrijven en aanleg van wegen op te vangen. Tussen 1950 en 2016 is zo’n 550.000 hectare grond aan de landbouw onttrokken. In een studie van de Universiteit van Amsterdam is onlangs vastgesteld dat vanaf 2003 alleen al binnen de A10 Ring al zo’n 550 voetbalvelden aan natuur is verdwenen.

    Geurts: ‘Dat is ongehoord veel en krijg je ook nooit meer terug. Steden pakken hun verantwoordelijkheid niet. Als dit zo doorgaat, verandert ons land steeds meer in een Stenen Stad. Er is een grote behoefte en noodzaak om flink bij te bouwen, maar die woonwijken moeten ook leefbaar zijn. Hou die natuur dicht bij mensen, dat is bovendien hartstikke gezond. Daarom wordt het hoog tijd dat de minister de regie pakt.’

    In de landbouw wordt steeds meer rekening gehouden met de natuur. Ook in de steden moet dat gebeuren. ‘Groen’ moet in de plannen worden opgenomen, er is veel kennis over welke planten en bomen geschikt zijn voor bermen en plantsoenen. Daarmee gewapend moeten we streven naar het behoud van biodiversiteit en – liever nog – naar uitbreiding van het aantal soorten planten en dieren.

    Volgens de indieners van de motie moet er ook in de steden meer worden gekeken hoe we ruimte houden voor de natuur. De bevolking groeit door richting de 20 miljoen. Om de natuur ‘dichtbij te houden’ moeten we gericht nagaan hoe dat in onze steden kan worden ingepast. Dat heeft niet alleen positieve effecten als het gaat om het tegengaan van wateroverlast of luchtvervuiling, maar ook voor de leefbaarheid.

    De motie die Geurts indiende voor meer natuur in de steden kreeg een positief oordeel van LNV-minister Schouten en werd met een ruime meerderheid van stemmen aangenomen. Hierdoor zijn nu de ministeries van Binnenlandse Zaken en van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit aan zet.

  • SAVE THE DATE! Politiek en praktijk komen op 6 februari a.s. samen

    #cda #CU #d66 #Jacco Geurts #motie #Natuurinclusief bouwen #natuurinclusieve steden #politiek #Tweede Kamer

    SAVE THE DATE! Politiek en praktijk komen samen op De Groene Stad Charta Bijeenkomst in de Tweede Kamer. Spreker is o.a. het CDA Tweede Kamerlid Jacco Geurts

    Wanneer? Woensdag 6 februari 2019 van 15.00 tot 17.30 uur.

    Waar? Internationaal Perscentrum Nieuwspoort in het Tweede Kamergebouw in Den Haag.

    Eén van de activiteiten van stichting De Groene Stad is dat ze zich als kennisplatform richt op de beïnvloeding van politiek en bestuur. Dat doen we richting gemeenten en provincies, maar ook op landelijk niveau. Met regelmaat brengen we het belang van ‘natuurlijk groen’ onder de aandacht van Kamerleden en hun beleidsmedewerkers.

    Een actueel thema is natuurinclusief bouwen. De Groene Stad pleit hier al langer voor. Achtergrond is natuurlijk de grote uitdaging om bij een groeiende bevolking voldoende nieuwe woningen te bouwen, maar tegelijkertijd de leefbaarheid van de steden op peil te houden en de landelijke gebieden te ontzien. De Groene Stad vindt het van groot belang dat we de steden leefbaar houden terwijl het gebruik intensiever wordt.

    De Groene Stad Charta bijeenkomst zal plaatsvinden in Nieuwspoort op woensdag 6 februari van 15.00 tot 17.30 uur. Het programma is nog niet definitief, maar zeker is dat Tweede Kamerlid Jacco Geurts zal spreken. We zijn in overleg met andere sprekers en gasten van ministeries, steden, provincies en uit de vastgoedsector. De rol van stichting De Groene Stad is om kennis vanuit de wetenschap en praktijk te vertalen in suggesties voor nieuw beleid van gemeenten, provincies en de Rijksoverheid. Belangenbehartiging en lobby dus. Jazeker, maar altijd gebaseerd op een solide fundament van inhoudelijke argumenten.

    Motie Geurts

    De Groene Stad was zeer verheugd dat begin november de motie van Jacco Geurts (CDA) – ondersteund door D66 en de CU – met een ruime meerderheid werd aangenomen door de Tweede Kamer. Geurts pleit voor de totstandkoming van een landelijk programma ‘natuurinclusieve steden’. De gevolgen van de verstedelijking voor de natuur moet meer aandacht krijgen. Het gaat daarbij om de bouw van nieuwe woningen, maar ook om bestaande wijken. Er moet meer aandacht worden gegeven aan groen in de straten. Bij het opstellen van het programma moeten volgens de motie Geurts steden, provincies, natuurvrijwilligers en de meest betrokken ministeries samen gaan werken.

    Aanwezig zijn op 6 februari in Den Haag? Dat kan maar laat het ons wel even weten via een emailbericht want er zijn beperkt aantal plaatsen. Stuur een bericht naar info@degroenestad.nl en u krijgt van ons een bevestiging.

  • Griffioen Wassenaar nu ook Groene Stad Charta Partner

    #Charta #de groene stad #Griffioen #vaste planten #Wassenaar

    Griffioen is een familiebedrijf dat voeling houdt met ontwikkelingen in de samenleving en daar in de bedrijfsvoering op in speelt. De toetreding van deze gerenommeerde vaste plantenkweker tot de kring van Groene Stad Charta Partners onderstreept dat. Vanuit een rijke traditie heeft Griffioen Wassenaar zich ontwikkeld tot een marktgericht, internationaal opererend, innovatief bedrijf.

    De basis van Griffioen Wassenaar werd in 1923 gelegd door de grootvader van de huidige directeur Bert Griffioen. Hij begon als één van de eersten in Nederland een vaste plantenkwekerij.

    Alles in dit 95 jaar oude bedrijf draait om vaste planten. Griffioen Wassenaar bedient er twee verschillende markten mee: consumenten via de tuincentra en de professionele markt van het openbaar groen.

    Met het ‘Hello Garden’ thema heeft het bedrijf zich de afgelopen jaren ontwikkeld tot een gerenommeerde speler op de tuincentrummarkt in Noordwest Europa. Vaste planten voor de consument dus. Parallel daaraan heeft Griffioen een goede naam opgebouwd bij Nederlandse gemeenten met het vaste plantenconcept ‘Green to Colour’. Griffioen ontwerpt en verzorgt kleurige, duurzame beplantingen in de openbare ruimte. Van ontwerp tot realisatie.

    Bert Griffioen over zijn keus om de Groene Stad te gaan ondersteunen: ‘Maatschappelijk verantwoord ondernemen behoort tot de kernwaarden van ons bedrijf. Net als vele andere mensen van goede wil staan we regelmatig stil bij de vraag ‘hoe laten we de aarde achter voor volgende generaties?’. We zetten ons al langer op verschillende manieren in om een bijdrage te leveren aan een betere, ‘groenere’ wereld. Dat komt terug in onze bedrijfsvoering, in ons sortiment en in het goed doordachte ‘Green to Colour’ programma. Duurzaamheid is een belangrijk vertrekpunt in ons denken en doen. Wij vinden dat deze opvatting al jaren op een goede, creatieve en inhoudelijke manier wordt uitgedragen door stichting De Groene Stad. Het is een belangrijk initiatief dat geboren is in de groene sector. Aan de verdere groei van De Groene Stad dragen we als Griffioen graag een steentje bij’.